Afbeelding

Openingszinnen

Foto: Pexels

Leer deze 9 lessen van bekende openingszinnen

Schrijven leer je (onder andere) door veel te lezen. Door verhalen van de meesters te analyseren, leer je de technieken naar je eigen hand te zetten. Dankzij deze bekende openingszinnen uit de literatuur, schrijf jij de perfecte eerste zin in je volgende boek!


Les 1: Deel intrigerende informatie over een personage

Het hoofdpersonage gaat de lezer meenemen op avontuur. Belangrijk is dus dat je personage mysterieus, intrigerend, excentriek of in ieder geval anders dan anders is. Dit kan je goed gebruiken in je eerste zin, zoals Ernest Hemingway deed. 

“Hij was een oude man, die in zijn eentje viste in een eenmansboot in de Golfstroom, en dat deed hij nu al vierentachtig dagen zonder een vis te vangen.” – Ernest Hemingway, De oude man en de zee.

Waarom het werkt: De zin wekt een mysterieuze en excentrieke kant op van deze man. Waarom zou hij al vierentachtig dagen vissen, zonder iets te vangen? Daarnaast helpt het om expliciet te zijn (vierentachtig dagen) en iets te laten weten over het personage (hij is oud en een visser). 

Les 2: Schets een bijzonder gevoel bij een plaats of gebeurtenis

Door het gevoel aan te spreken bij een plaats of gebeurtenis die je beschrijft, kan je de lezer vasthouden. Een voorbeeld waarbij dit gebeurt met een plaats:

“Het was een heldere dag in april, en de klokken sloegen dertien.” – George Orwell, 1984.

Waarom het werkt: Door te beginnen met een alledaagse beschrijving (Het was een heldere dag in april), valt de gekke gebeurtenis in het tweede deel van de zin op. Hè, dertien klokslagen? Hoe kan dat? 

Les 3. Begin met een verrassende actie 

"Ten days after the war ended, my sister Laura drove a car off a bridge." – Margaret Atwood, The Blind Assassin.

Waarom het werkt: Door te beginnen met de actie of de inciting incident gooi je de lezer als het ware midden in het verhaal. Het moment dat Laura de auto van de brug rijdt, is wat het verhaal in gang zet. 

Les 4: Gebruik prikkelende details

“Ver weg in de nimmer in kaart gebrachte achtergebleven gebieden aan de weinig gewilde kant van de Westelijke Spiraalarm van de Melkweg, ligt een kleine, onaanzienlijke, gele zon.” – Douglas Adams, Het transgalactisch liftershandboek.

Waarom het werkt: Een zin vol met krachtig gekozen woorden, die op een prikkelende manier ons sterrenstelsel beschrijft met een humoristische ondertoon. Over deze setting wil je toch gelijk meer weten? 

Les 5: Schrijf spanning in de opening

Ook als een opening niet per se heel verrassend of wereldschokkend is, kan je toch spelen met spanning. 

“De vreemde zette Adams leven niet in één keer op zijn kop.” - Harlan Coben, De vreemde.

Waarom het werkt: De toevoeging van het woord ‘niet’ maakt deze zin toch verrassend. Je kent het cliché het leven op zijn kop zetten, maar je verwacht het woord ‘niet’ hier niet bij. Zette de Vreemde Adams leven dan langzaam op zijn kop? 

Les 6: Gebruik een ander format

Je hoeft niet per se te beginnen met het verhaal. Een brief, een radio-uitzending of een dagboek kan ook een toegevoegde waarde hebben. 

“DAGBOEK – EVA REYES
Melissa heeft vandaag op school de draak met me gestoken.” – Sylvain Neuvel, Ontwakende goden.

Waarom het werkt: In een boek met alleen dialogen, heeft de lezer achtergronden nodig. Neuvel heeft dat goed opgelost in Ontwakende goden door te werken met dagboekfragmenten, krantenartikelen en televisie-uitzendingen. 

Les 7: Open met een fascinerende vertellersstem

“Als je het echt allemaal wil horen, dan wil je waarschijnlijk eerst weten waar ik geboren ben en wat een waardeloze jeugd ik heb gehad en wat mijn ouders allemaal gedaan hebben voordat ze mij kregen en meer van dat soort sentimentele gelul, maar eerlijk gezegd heb ik geen zin om het daarover te hebben.” – J.D. Salinger, De vanger in het koren.

Waarom het werkt: Het personage Holden Caulfield heeft als rebelse tienerjongen een duidelijke vertelstem die door het hele boek terug is te vinden. De lezer weet meteen wat voor persoon Holden is. Als je dit voor elkaar krijgt in jouw eerste zin, dan weet je dat je een goede opening te pakken hebt!

Les 8: Pak de lezer met atmosfeer

“Het was de beste der tijden, het was de slechtste der tijden, het was de eeuw van wijsheid, het was de eeuw van dwaasheid, het was het tijdvak van het geloof, het was het tijdvak van ongeloof, het was het jaargetijde van het licht, het was het jaargetijde van duisternis, het was de lente van de hoop, het was de winter van de wanhoop.” – Charles Dickens, In Londen en Parijs.

Waarom het werkt: Sfeer is enorm belangrijk, vooral bij specifieke locaties of tijden. Als je een verhaal schrijft over Engeland in de Victoriaanse tijd, dan wil de lezer die sfeer vanaf de eerste pagina opsnuiven. 

Les 9: Maak connecties met anderen of een object

"Last night I dreamt I went to Manderley again." – Daphne Du Maurier, Rebecca.

Waarom het werkt: Door connecties te leggen met andere mensen of objecten kan je ook de verbeelding prikkelen. Dit kan wanneer je het doet met een plek (Manderley), maar ook door een bekendheid te noemen (een schrijver die het heeft over Stephen King). Een ander personage noemen werkt ook (In mijn jongere en meer kwetsbare jaren gaf mijn vader me een raad waarover ik sindsdien ben blijven nadenken. – F. Scott Fitzgerald).

Techniek

Service