Lid sinds

4 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

# 325 – Apeldoorn begin april

Ook al zijn er veel uitstekende redenen voor de dood: sommige mensen horen te leven. Oma was al diep in de tachtig en zo gaat dat dan, maar ik mis haar. De kist schuift traag mijn beeldscherm in. Het ging hard. Haar verpleeghuis potdicht, mijn piepjonge zoon laten zien bij het raam en diezelfde week nog de app dat het echt was. De uitvaart begint. De fontein spuit de kinderen nat in het park waar ik zit op een bank met mijn zoontje. De dood neemt voorrang, maar al dit leven bruist er doodleuk doorheen.

Ik huil omdat het hier kan. Een oude vrouw kijkt me vreemd aan, een hardloper heeft alleen oog voor zichzelf. De mensen moeten wennen aan de dood tijdens corona: rondom de aula zitten de mensen in de parken met hun schermen en hun tranen. Mijn zoontje slaapt rustig verder. Ik sta op, leg mijn telefoon op de wagen en maak een wandeling. Mijn vrouw loopt nu naar voren. Ze zingt een lied voor haar oma, waar alles mocht, waar de kinderen geen regels kregen, zelfs niet in haar laatste kamer, waar ze alleen nog maar op bed lag. Tot de coronaregels kwamen.

Ik drong slecht tot haar door. Ze werd doof en ik praat snel, die jeugd van tegenwoordig. Mijn vrouw begreep haar beter, maar zelf had ik te lang geen oude mensen meegemaakt. Jaar in, jaar uit dezelfde foto's en vakantiekaarten op de deur, dat was het. Oma vergeelde. Mijn vrouw heeft drie van haar grootouders nog, dat helpt vast, en ik ben natuurlijk van de koude kant. Op weg naar Apeldoorn praatte mijn lief me altijd bij over oma's leven en haar nageslacht. Pas toen we kinderen kregen met al hun branie braken de bezoekjes open en maakte ze indruk met haar levenslust.

Onze middelste van drie vraagt er vaak naar, dat ze oma wil zien. We houden het thema klein, maar je hoort eigenlijk ouder te zijn als ze gaan, je eerste doden, de oudste mensen. Want er zijn veel goede redenen voor de dood, maar hij blijft natuurlijk te raar voor woorden. Hij hoort sowieso niet bij de kindertijd. Ik was ertegen bestand, maar de dood amputeert iets, ook op afstand, ook via het schermpje van je telefoon in een park in Apeldoorn begin april. Ze mocht niet dood. Niet zo snel. Niet met corona. Er zou een jury moeten zijn, een soort laatste oordeel, een verlenging met strafschoppen, een reïncarnatie met gezichtsherkenning.

Maar het leven is soms een bouwval, en zo bestaan er nog meer goede redenen voor de dood.

 

=================

(Versie 1.0)

Er zijn veel uitstekende redenen voor de dood, en een ervan is de dorheid van dit lage plafond met muziek in blik. Gelukkig ben ik buiten. Maar ik mis haar. Sommige mensen horen te leven. Ze was de tachtig al gepasseerd, en zo gaat dat dan, desondanks. De kist schuift traag mijn scherm in. De fontein spuit de kinderen nat in het park waar ik zit op een bank met mijn baby. De dood neemt voorrang, maar al dit leven bruist er doodleuk doorheen.

Ik huil om de tekst van de spreker. Een oude vrouw kijkt me vreemd aan, een hardloper heeft alleen oog voor zichzelf. Ik demp de muziek. De mensen moeten wennen aan de dood tijdens corona: rondom de aula zitten de mensen in de parken met hun schermen en hun tranen. Mijn baby slaapt nog. Ik sta op, leg mijn toestel op de wagen en maak een wandeling. Mijn vrouw loopt nu naar voren. Ze zingt een lied voor haar oma, de hulpverleenster, waar de kinderen geen regels kregen, zelfs niet in haar laatste kamer, waar ze op haar laatste dag afscheid nam achter glas.

Ik drong slecht tot haar door. Ze werd doof en ik praat snel, die jeugd van tegenwoordig. Jaar in, jaar uit dezelfde foto's en vakantiekaarten op de deur. Oma vergeelde. Mijn vrouw had net zo'n katheter bij de bevalling, zei ik tegen mijn dochter. Ik heb zelf allang geen grootouders meer, maar de dood kwam terug met een rebound: haar laatste opa is al bijna honderd en dan zijn ze echt op. Zover is het volgens mij nog lang niet, al ontgaat de smartphone hem, ternauwernood.

Ik vraag me af of ik kinderen overgrootouders gun. De jongste van drie vraagt er vaak naar. Je hoort eigenlijk ouder te zijn als ze gaan, de eersten, de oudsten. Want er zijn veel goede redenen voor de dood, maar hij blijft natuurlijk te raar voor woorden. Ze was te lief voor hen. Ik was ertegen bestand, maar de dood amputeert iets, ook op afstand, ook op het scherm. Ze mocht niet dood. Er zou een jury moeten zijn, een soort laatste oordeel, een verlenging met strafschoppen.

Maar het leven is soms net niet te veel en dan wonen wij nog in een rijk land. En zo bestaan er nog meer goede redenen.

Lid sinds

4 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Een ontroerende tekst, K.N., ook al staan er her en der onverstaanbare zinnen, maar dat lijkt jouw handelsmerk te worden.

Lid sinds

6 maanden 3 weken

Rol

  • Gewone gebruiker

Een doordenkertje, die tekst, op sommige punten, Kruidnagel.

Bijvoorbeeld: , desondanks in de eerste alinea, leest cryptisch; Mijn toestel: niet je fototoestel, maar je tablet of smartphone neem ik aan? Oma de hulpverleenster, klinkt niet heel aardig, de oppas? 'Mijn vrouw...' zeg ik tegen mijn dochter. De rebound begrijp ik niet? Waarom zou je kinderen geen overgrootouders gunnen? Omdat oma te lief was voor hen? Dit stukje vind ik verwarrend door de eersten en de oudsten, en het leven is soms net iets teveel... waarvan, waarom?

Lid sinds

1 jaar 7 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Kruidnagel, ik vind de zinnen ook erg cryptisch. Steeds als ik denk dat ik weet wie je bent, waar je bent of wat je bedoelt, breng je me weer op het verkeerde been. Ik vrees dat jouw literaire niveau voor mij iets te hoog is. 
 

Lid sinds

4 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

@ Kat: desondanks = ondanks dat het niet hoort. Mijn toestel: het enige toestel uit de tekst tot op dat moment, dus iets met scherm en internet. Hulpverleenster: iemand die iedereen helpt. Mijn vrouw: oma wordt oud, katheter is symbool, maar ook van nieuw leven, want bevalling. Rebound: via de schoonfamilie. Gunnen: de dood van een geliefde wens je hen niet toe. Te veel: je zult werken, je zult sociaal zijn, je zult ontwikkeling nodig hebben, je zult van alles, en anders word je ongelukkig, dus waarom leven we? De prijs is hoog.

Lid sinds

6 maanden 3 weken

Rol

  • Gewone gebruiker

Ja, dit werkt niet Kruidnagel. Ik wilde je niet ter verantwoording roepen, slechts aangeven dat er best veel punten zijn die ik niet begrijp. 

Als een kind een goed contact heeft met een oudere, dan kan het daar goed mee omgaan, is mijn ervaring. Het leven is nu eenmaal eindig, van oude mensen is dat acceptabel. Je zult...je zult.. oef dat klinkt nogal zwaar, als je het leven zo ziet, dan is de prijs inderdaad hoog.

Lid sinds

9 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
  • Pluslid
  • Stagiair
  • Redacteur
  • Uitgever

Ha Kruidnagel, Er zitten mooie ideeen in je verhaal, maar heb de indruk dat je soms te veel in een alinea wil proppen. Een voorbeeld. De alinea die begint met: 'Ik drong slecht tot haar door.' Dan denk ik dat je gaat vertellen wat voor iemand oma was. En zo begin je ook. Foto's, ansichtkaarten. Oma vergeelde. Dat is prachtig. In de drie zinnen daarna schiet het alle kanten op: katheter bij vrouw, geen eigen grootouders, haar 'laatste opa' . De focus is weg en er rest verwarring. Dat is jammer, want de start van die alinea was juist heel sterk.

Lid sinds

4 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Kijk, dat had ik ook graag zó willen uitleggen. Gelukkig is er dan Frank Noe met de gepaste woorden.

Lid sinds

4 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Ik blijf deze in mijn ogen raadselachtige zin herkauwen: "Ze zingt een lied voor haar oma, de hulpverleenster, waar de kinderen geen regels kregen, zelfs niet in haar laatste kamer, waar ze op haar laatste dag afscheid nam achter glas."

De hulpverleenster, waar ?? (bij wie?)
geen regels kregen: over welke regels gaat dit?

Lid sinds

4 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

@ Fief: Thanks! Niet alles wat slecht leest is literair ;-).

@ Gi: haar oma, die altijd voor iemand klaarstond, ook voor de kinderen, die alles mochten bij haar thuis, terwijl ze steeds kleiner ging wonen, tot aan haar dood in coronatijd.

Maar in v2 heb ik deze zin gewist.

Lid sinds

4 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Nu is het literatuur geworden, KN, vlot herschreven. Toch worstel ik nog steeds met dezelfde zin. Ik zou het woord 'waar' vervangen door 'bij wie', tenslotte gaat het over een persoon.

Lid sinds

4 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

En toch Gi, vind ik dit net weer een ander geval dan 'waarmee/met wie' (een vorm die trouwens ook blijkt te mogen). Maar nog meer geldt: ik verwijs ermee naar 'bij oma' en niet naar louter 'oma.' En dat zie je nou juist aan dat 'waar' (en aan de zin van de zin).

En literatuur: wauw, bedankt!

Lid sinds

4 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

Dank je, Katja! Ik lees wel eens dat echte schrijvers ook gewoon de weg kwijtraken in hun ideeën en feedback van redacteuren krijgen ;-).

Lid sinds

3 jaar 10 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Kruidnagel, wat een bijzonder ontroerende en inlevende tekst, chapeau! Ik heb na het lezen van v2 en een aantal commentaren ervan afgezien ook V1 te lezen; ik wilde de fijne indruk die je verhaal bij mij achterliet niet laten verstoren door allerlei analyses. Ik heb er maar gewoon van genoten, vind je dat ook goed? 

Lid sinds

4 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

Ha Ton, mooie reactie, bedankt! Ik heb v1 alleen laten staan voor de volledigheid, anders slaan die eerste comments nergens op, want v2 is echt anders. Dus juist graag: lees en geniet!

Lid sinds

2 jaar 9 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Kruidnagel,

Ik heb beide versies gelezen en de tweede is zeer geslaagd. De één na laatste alinea vind ik er geslaagd.