De fantastische feelgood: het onverwacht geërfde huis

Een feelgood is vrolijk, niet al te ingewikkeld en heeft voor de spanningsboog nog een beetje drama. Maar dat betekent niet dat het verhaal weinig inhoud heeft of eenvoudig is om te schrijven. In deze serie leer je hoe je het meest haalt uit een ‘simpel’ genre en hoe je dat het nodige gewicht geeft. Deze week: het onverwacht geërfde huis.

Onbekend familielid, onbekend avontuur

In een feelgood duikt er met regelmaat een familielid op dat de held een huis nalaat. Een huis dat alleen onder voorwaarden verbouwd mag worden. Of er wordt een stapel brieven op zolder gevonden die een hele nieuwe familiegeschiedenis ontvouwt. Dat zorgt voor een dubbel avontuur met twee welbekende tropes. Daar kan je een mooi geheel van maken, maar ook in twee valkuilen tegelijk trappen.

Wie is oudtante eigenlijk?

Als de onbekende oudtante een huis nalaat, weet die tante van het bestaan van de held af, maar niet andersom. Kijk aan de tekentafel eens goed wat dat in de praktijk kan betekenen. Je kan dit als feit aannemen, maar als je al bedenkt hoe deze situatie kan ontstaan, heb je meteen een goede basis voor de rest van je verhaal. Probeer antwoord te vinden op vragen als:

  • Hoe komt het dat juist de held wordt uitverkoren voor de erfenis?
  • Waarom kent de held de oudtante niet?
  • Wat wil oudtante dat er met het huis gebeurt?
  • Waarom denkt oudtante dat de held goed voor het huis kan zorgen?
  • Voldoet de held ook aan het beeld dat deze onbekende tante heeft van de held?

Schrijf in een regel of vijf een lopende tekst of samenvatting aan de hand van deze antwoorden. Dat geeft je niet alleen een basis voor in het opschrijfboekje, maar ook voor het centrale conflict en de spanningsboog. Als je bijvoorbeeld tussen de regels door leest dat je held geacht wordt financieel verstandig te zijn terwijl dat niet zo is, kan dat probleem later in het verhaal terugkomen.

Familiegeheim

Met mysterieuze familieleden komen er nieuwe familiegeheimen. Kijk hoe dat past bij de andere gegevens die je al hebt opgeschreven. Hier let je vooral op de aanwezigheid van het verhaalthema. Het is verleidelijk om financiële onverantwoordelijkheid een familiekwaal te maken, maar dan loop je het risico dat het verhaal daarin verzuipt. Vergeet om dat te voorkomen niet dat je ook over een nieuw begin of een nieuwe setting schrijft met het geërfde huis.

Om te veel overduidelijke clichés te vermijden, is het veiliger om aan de tekentafel te schrijven over ‘iets anders doen dan eerst’ dan ‘het roer omgooien’ of ‘een nieuw begin.’  Lees: het hoeft niet groots, of overduidelijk te zijn om interessant te zijn. De heldenreis van je personage hoeft niet van het leven van een verwend miljonairskindje naar dat van een arme, tevreden minimalist te gaan. Een heldenreis gaat erom dat je held verandert. Het is wat riskanter om dat thematisch te weerspiegelen als  je twee belangrijkste tropes in het verhaal een welbekende basis voor je verhaal vormen. Dat kan je ook in het karakter van je personage zichtbaar maken.

Op deze manier kan je een familiegeheim of een familiegewoonte subthema’s maken van de heldenreis van een held die dingen anders gaat doen. Zorg ervoor dat de familieleden geen personificaties van deze thema’s worden, maar personages met hun eigen willetjes en dromen zijn. Af en toe mogen ze raakvlakken met een thema hebben, maar ze zijn meer clichébestendig als ze hun bestaansrecht niet ontlenen aan een ruzie om de erfenis of een familietrauma.

Over de auteur

Nadine van de Sande is freelance copywriter en schrijfster. Op verhaalentaal.blog post ze wekelijks een uitgebreide tip voor creatief schrijven. Als manuscriptredactrice en schrijfcoach helpt ze schrijvers het beste uit hun werk te halen. Ze geeft ook een cursus dialogen schrijven.