Afbeelding

J.R.R. Tolkien in 1916.
J.R.R. Tolkien in 1916.
Een recente lezing over Oudengelse invloeden in fantasyfictie toonde op heldere wijze aan waar Tolkien zijn inspiratie vandaan heeft gehaald voor elementen in De Hobbit en In de ban van de ring.
‘We must be satisfied with the soup that is set before us, and not desire to see the bones of the ox out of which it has been boiled.’* Met dit citaat van Tolkien begon universitair docent Thijs Porck (Universiteit Leiden) zijn lezing. De zin duidt aan hoe de auteur geloofde dat een uitvoerige analyse van bijvoorbeeld een fictief element het gevoel van de ervaring teniet kan doen. Maar voor een schrijver is een dergelijke analyse een nuttig hulpmiddel in de totstandkoming van zijn of haar eigen fictieve wereld.
Het voornaamste punt dat Porck naar voren bracht, is dat historische elementen in een verhaal correct moeten zijn, ongeacht het genre. Deze details zorgen voor een levendige wereld waar jij je als lezer in kunt wanen. Als voorbeeld nam hij de kaart die je ziet als je De Hobbit openslaat. Hoewel deze kaart een slag gedraaid lijkt te zijn - het noorden ligt aan de linkerzijde - is die eigenlijk gebaseerd op de wijze waarop de Angelsaksen kaarten ontwierpen.
Tolkien heeft veel inspiratie opgedaan uit de geschiedenis van de Angelsaksen, de voorouders van de Engelsen, die met name terug te vinden is in de namen die je tegenkomt in zijn verhalen. Zo betekent het woord ‘orc’ letterlijk ‘demoon’ in het Angelsaksisch en zijn er veel invloeden van de oude taal terug te vinden in de Rohirrim, het ruitervolk van Midden-aarde. Zo betekent het woord ‘eoh’, dat we terugvinden in de namen Éowyn en Éomer, letterlijk ‘paard’.
Hoewel dergelijke woorden vrij letterlijk door Tolkien overgenomen lijken te zijn, benadrukte Porck dat dit enkel diende als basis voor de geloofwaardigheid van het verhaal. Tolkien heeft zich immers laten inspireren door deze details om er vervolgens een wereld omheen te creëren. Dit is ook terug te zien in het wezen Gollem, wiens beschrijving vrijwel identiek is aan de beschrijving van het monster Grendel in het Oudengelse gedicht Beowulf.
Schrijvers in het fantastische genre doen er goed aan het voorbeeld van Tolkien te volgen. Wil je jouw verhaal dat extra realistische tintje geven, dan dient gedegen onderzoek als cruciale basis. Baseer je op oude bevolkingsgroepen, culturen en mythologie, zodat je hierop door kunt bouwen met jouw eigen creativiteit en fantasie.
*Thijs Porck, Lembas Extra in Lembas 155, p. 77. Bestel het blad hier na.
Vorig jaar verscheen haar eerste dichtbundel, en nu schrijft ze dit jaar het Boekenweekgedicht. Ze vertelt meer over haar poëtische stijl en de plek van poëzie in Nederland.
Wanneer moet je een actiescène inzetten en hoe doe je dat? Martijn Lindenboom geeft een spoedcursus in het komende nummer van Schrijven Magazine!
In deze serie geven we je aan de hand van schrijfadviezen van ervaren auteurs en heel veel oefeningen een goede basis. Meld je nu aan om alle afleveringen in deze serie te lezen!
Veel aspirant-schrijvers vergeten het: de enter-toets. Redacteur Rob Steijger legt het belang van juist alineagebruik uit.
Wil je je eigen verhaal op papier zetten? Dan kan je deze workshop niet missen! Kathy Mathys deelt veel tip + oefeningen.