330 Geurige thee

 

Zo snel als haar hoge hakken en kokerrok het toelieten liep ze, met haar aktetas stevig in haar rechterhand, naar het enige onbezette tafeltje op het terras. Bevallig nam ze plaats op een rietenstoeltje – haar tas zorgvuldig op haar schoot leggend – verstoof wat J’Adore in haar hals, wierp een blik op haar horloge en bestelde bij de toegesnelde serveerster verse muntthee en een kersenflap.
    Zuchtend gaf ze zich over aan het uitgelaten gekeuvel van de andere terrasbezoekers en aan de warmte van de prille lentezon.
    ‘Alstublieft. Uw thee met gebak.’
    Met een dankbare knik naar de serveerster nam ze het theeglas in haar beide handen om het delicate bouquet op te snuiven. Het was niet de verwachtte lichte muntgeur die haar neus binnendrong; stank van rotte eieren deed haar bijna kokhalzen.
    ‘Bezwaar dat ik bij je kom zitten?’ Een basstem toeterde in haar oor en vanuit een ooghoek zag ze een harige hand een stoel vastpakken. Zonder op antwoord te wachten ging de man naast haar zitten. Lucht van bedorven etenswaar walmde om hem heen.
    ‘Fijn hè, dame dat corona weg is en dat we na al die tijd weer samen op een terrasje kunnen zitten. Niet waar?’
    Ze knikte, zette haar theeglas op het tafeltje en schoof haar kersenflap van zich af.
‘Geen zin in je gebak? Nou dan eet ik hem wel op.’ Gretig hapte de man in de flap.
    Ze stond op, legde tien euro op het tafeltje. ‘Ik moet weg. Aandeelhoudersvergadering. Ik ben eigenlijk al te laat.’
    ‘Zal ik je een lift geven? Mijn auto staat hier aan de overkant. Die daar, die vuilniswagen.’
    Ze keek naar de man, naar haar horloge en de vuilniswagen.
    ‘Tot aan het kanotorenpark. Niet verder.’
    Hij werkte het laatste stuk kersenflap weg, ging staan en stak zijn hand uit.

 

Lid sinds

5 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi InSpe, goed gevonden, mooi verwoord.
Waar ik tegenaan liep, is dat je hp op haar gemak thee met een kersenflap nuttigt terwijl blijkt dat ze naar een vergadering moet. Het zou verklaarbaar zijn als ze het gebruikt als smoes om te vertrekken, maar zoals ik het lees gaat ze in op het aanbod om zich weg te laten brengen. Dat laatste vind ik ook niet erg geloofwaardig.

27 december 2020 - 16:48

Lid sinds

7 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi InSpe, wat een originele insteek heb jij gekozen! De titel is ook aardig gevonden, mooi contrast met de lucht van de vuilnisman die bij haar komt zitten. Ik vraag me af of je verhaal wat lekkerder leest als je alles in de tegenwoordige tijd zou zetten; het zou volgens mij in ieder geval de lezer er wat meer bij betrekken.   

27 december 2020 - 22:53

Lid sinds

9 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

 

@ Gi, Dank je wel voor je reactie.

@ Fief. Nou ik je reactie lees, moet ik zeggen: je hebt gelijk dat RUSTIG nuttigen van haar consumptie in combinatie van naar de vergadering moeten/zich laten wegbrengen, klopt niet. Dank voor je opmerking.

@ Ton. Misschien dat je gelijk hebt, ik ga het eens proberen




 

 

 

 

28 december 2020 - 11:00

Lid sinds

13 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Inspe, mooi geschreven en de verschillende personages heb je goed neergezet. Ik ben het wel met Fief eens dat het niet echt geloofwaardig is dat de dame zich laat overhalen om mee te rijden met de vuilnisman. Als ze buiten al bijna moet kokhalzen van de geur, dan zal ze zeker niet met deze man in een cabine samen willen zitten.

28 december 2020 - 12:02

Lid sinds

17 jaar 8 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Wat me bevalt aan jouw verhaal is hoe soepel je de personages beschrijft tijdens hun handelingen. Dit doe je op een heel natuurlijk overkomende manier die prettig leest. Kortom goed geschreven. Dat ze geen tijd heeft om de appelflap te eten roept vragen op. Soms kun je zoiets oplossen door een zin toe te voegen in een verder goed verhaal.

29 december 2020 - 16:30

Lid sinds

9 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Dag Odile,

Dank je voor je reactie.
Is het fragment geloofwaardiger wanneer ik het zo beëindig:

‘Zal ik je een lift geven? Mijn auto staat hier aan de overkant. Die daar, die vuilniswagen.’
Ze keek naar de man, naar haar horloge en de vuilniswagen.
Ze pakte haar allerlaatste mondkapje uit haar tas.
‘Tot aan het kantorenpark. Niet verder.’
Hij werkte het laatste stuk kersenflap weg, ging staan en stak zijn hand uit.

Dus met die extra (cursief geschreven) zin ertussen? Al twijfel ik wel over het woord “allerlaatste” Laatste is immers al vanzelf het allerlaatste.

 

29 december 2020 - 23:09