Lid sinds

7 jaar 8 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Schrijfopdracht #4 Solliciteren

De papieren voor hem op tafel moesten nodig opnieuw rechtgelegd worden. Met zijn vingertoppen tikte hij ze in het gelid. Zijn ogen kleefden aan het papier, hij durfde ze niet op te slaan. Hij voelde hoe de ogen van de jongedame tegenover hem op hem rustten. Een minuutje geleden hadden ze hem vriendelijk en geruststellend aangekeken. ‘Geen paniek’, leken ze te zeggen, ‘het komt goed’. Mooie ogen waren het, met eronder een mopsneus en een beleefde glimlach van zorgvuldig gestifte lippen. Alles onder controle. Ja, zij wel. Háár baan stond niet op het spel. Kom, zeg nu iets. Het laatste sollicitatiegesprek van je loopbaan. Nog een paar maanden, dan kun je met pensioen. Als alles goed gaat. Hij ging verzitten, sloeg zijn benen opnieuw over elkaar en schraapte zijn keel. “Dus.... ehm.... mevrouw.....”, hij keek op de papieren, “Roelofs, ik zie dat u momenteel een soortgelijke functie bij onze concullega vervult?” Hij durfde haar weer aan te kijken. “Teamleider Buitendienst? Wat maakt dat u daar weg wilt? Dat lijkt me toch een prachtige functie? En u zit er pas twee jaar? Kunt u daar iets meer over vertellen? Wat denkt u hier te vinden dat u daar niet hebt?” De woorden buitelden ineens over elkaar heen. Ze leek even in de war, wist niet waar te beginnen met antwoorden. Zijn collega Loes keek hem even vernietigend aan, wendde zich toen tot de sollicitante en zei op rustige toon: “Mevrouw Roelofs – of mag ik Esther zeggen? - Esther, misschien kun je ons vertellen wat je precies doet in je huidige functie?” “Ja natuurlijk. Ik coördineer de activiteiten van onze rayonmanagers. Dat houdt in.....” Hun stemmen verdwenen naar de achtergrond. God, wat was ze mooi.... Ze leek zo op Eva. Die grote bruine ogen, om in te verdrinken. Die lange blonde haren, golvend en glanzend als de duinen bij Katwijk. Die stralende lach..... Hij haalde onhoorbaar adem door zijn neus en rook weer die geur van vroeger. Hoe vaak had hij zijn neus niet in haar haren geduwd, haar geur geroken en geweten: voor jou, mijn dochter, doe ik álles?

Lid sinds

7 jaar 10 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Mooi geschreven verhaal! Het duurde even voordat ik precies begreep vanuit welk oogpunt het werd beschreven. De eerste alinea had ook vanuit de sollicitant zijn geschreven. Dan de laatste zin van alinea 2 [ Haar baan stond niet op het spel.] doet mij weer twijfelen. Is de HP toch de sollicitant? Waarom staat zijn baan op het spel? Hij gaat toch bijna met pensioen? De vijfde alinea maakt alles duidelijk: de HP is de interviewer. De vraag blijft hoe het dan zit met zijn loopbaan? In de laatste alinea zijn de herinneringen aan zijn dochter, lief en teder omschreven.

Lid sinds

9 jaar 11 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Het kost mij te veel moeite om te ontdekken wie hier bij wie solliciteert. Zonder het voorwerk van Marietje zou ik hier nog zitten te puzzelen. Iets meer duidelijkheid is dus wel gewenst. 'Geen paniek leken ze te zeggen', 'het komt goed.' is een struikelblok als je dit koppelt aan de sollicitante. Alsof de sollicitante de personeelschef gerust moet stellen. Dit verwacht je eerder andersom. 'Haar baan stond niet op het spel', is een tweede hobbel die mij in verwarring brengt. Deze gedachtegang verwacht je niet van de personeelschef. In de vijfde alinea komt wat meer duidelijkheid en de zesde blijkt waarom hij valt voor deze sollicitante. Een sudoku oplossen is makkelijker. Maar toch geen onaardig verhaal. :)

Lid sinds

8 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Wat mij betreft een geslaagde invulling. Je schetst een geloofwaardig beeld van het gevoel van iemand op gevorderde leeftijd die aan de andere kant van de tafel zit. (Maar ondertussen denk ik wel: 'Kom op, Jan-Kees. Wie doet jou nog wat die laatste maanden. Hij moet toch weten hoe lang een ontslagprocedure duurt 8) )

Lid sinds

7 jaar 8 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Dank voor jullie reacties! Ik had het veel te ingewikkeld gemaakt, merk ik al. Ik ben al niet zo'n held in 'kort en bondig', en dan ga ik het ook nog nodeloos complex maken. Het punt was als volgt: de sollicitante is de dochter van HP. Zijn collega weet dat niet en het pact dat HP en dochter hebben gesloten is dat hij zorgt dat ze aangenomen wordt. Vandaar dat zij hem geruststelt, want hij zweet peentjes, ziet zijn pensioen in gevaar komen. Het had waarschijnlijk geholpen als ik duidelijk had gemaakt dat hij haar naam uiteraard allang wist; of dat hij hoopte dat niemand zag dat ze dezelfde neus hadden ofzo. . En in de laatste alinea beter iets zeggen van: 'Ze leek zo op haar moeder, de vrouw van wie hij alweer twintig jaar geleden scheidde.' En duidelijker maken dat hij flashbacks heeft naar de geur van sollicitante/dochter toen ze klein was. Leerpunt voor mij voor de volgende keer: houd het klein ;-). Bedankt voor jullie spiegel!