Afbeelding

Standbeeld Alexander de Grote in Thessaloniki

Foto: Nanouk

Historische fictie schrijven: hoe doe je research?

Als schrijver moet je natuurlijk vaak onderzoek doen, vandaar ook de nu en dan vreemde zoekgeschiedenis in mijn browser. Als de FBI langskomt, mag ik ze waarschijnlijk uitleggen dat mijn eindeloze zoektocht naar dodelijke giffen en martelmethoden puur hypothetisch is. Ieder genre heeft nu eenmaal zijn eigen research nodig. Sommige meer dan anderen, kwam ik achter toen ik als fantasyschrijfster een uitstapje maakte naar het historische genre. In deze blog vertel ik over het gebruik van research voor een historisch verhaal, met een bonus voor extra motivatie.


Desk research

Bij ‘onderzoek’ denk je waarschijnlijk al snel aan uren googelen of boeken erop naslaan. Dit is voor historisch schrijven ook zeker een deel van je onderzoek. Op zich wel handig om de grote lijnen van de gebeurtenis of periode waarover je schrijft te weten. Maar hoe ga je dan verder?
Als voorbeeld neem ik een verhaal dat ik schrijf over Alexander de Grote. Ik raakte hiervoor geïnspireerd toen ik (niet geheel vrijwillig) een presentatie moest geven over zijn prestaties als generaal. In mijn geval kwam het eerste onderzoek dus voor ik me überhaupt bedacht dat ik er een verhaal over kon schrijven.
Dit basisonderzoek is altijd goed om mee te beginnen, maar daarnaast kom je ook tijdens het schrijven nog heel wat tegen om op te zoeken. Dit zijn vooral praktische dingen. Zo kan ik nu precies vertellen welke vazen ze in de 4e eeuw voor Christus gebruikten en wat de Griekse naam voor iedere vaas is. Daarnaast ben ik er nu ook van op de hoogte dat er in die tijd nog geen regentonnen bestonden. En ja, die regenton heb ik inderdaad eruit moeten schrijven nadat ik hem zonder nadenken als decorstuk had gebruikt.

Field research

Naast desk research kennen we natuurlijk ook nog de term ‘field research’. Als historisch schrijver kan je die vrij letterlijk nemen. In mijn geval héél letterlijk. De zomer nadat ik mijn verhaal over Alexander was begonnen, bezocht ik zijn geboorteplaats, midden tussen de glooiende velden. 
Op de archeologische locatie kon ik lopen over de plaatsen waar ieder huis en iedere tempel had gestaan. Niet alleen goed voor de inspiratie, maar ook heel makkelijk voor de praktische setting van het verhaal. Ik heb nog steeds een folder met de plattegrond van de oude stad en gebruik die als ik even niet meer weet waar de personages zich moeten bevinden.

Overbodige research?

Voor dit verhaal heb ik in Griekenland ook een aantal standbeelden bezocht. Was het voor mijn verhaal nuttig om naar een levensgroot standbeeld van een man op een paard te kijken? Nou, nee, niet direct. Was het nodig om uit enthousiasme een asociaal aantal foto’s te maken? Ook niet per se.
Maar als je motivatieproblemen hebt voor je verhaal kan het heel leuk zijn om je met de details bezig te houden. Ik kan je vertellen dat het enthousiasme om verder te schrijven er behoorlijk door oplaaide.
Een andere ‘research’ die het voor mij levendig hield, was die naar het eten in de periode dat het verhaal speelt. Toen ik dit samen met een vriendin opzocht, kwam we recepten uit die tijd tegen. Vanzelfsprekend hebben we die gemaakt en daarbij ook wijn met water gemengd, zoals ze in de oudheid deden. Dit was overigens verrassend lekker.
Ik denk niet dat er zoiets bestaat als ‘overbodige’ research, al is niet alle research echt nodig. Voor mij voegt het toch wat toe. Als het niet direct in het verhaal komt, inspireert het me wel. 

Is al deze research nodig?

De ‘overbodige’ research verraadt zichzelf natuurlijk al door de naam. Niet nódig, wel leuk. Natuurlijk hoef je ook niet voor ieder verhaal af te reizen naar Griekenland. Veel van mij desk research was inderdaad nodig en het field research heeft mooie details aan het verhaal toegevoegd.
Als je op zoek bent naar inspiratie, raad ik je vooral aan om zoiets eens te proberen. Misschien houd je er wel een goed verhaal aan over. Bovendien kan je mensen doodgooien met feitjes over bijvoorbeeld de afbeeldingen op oude vazen, of de kleur van kledingstukken in de oudheid. En wie zit daar nu niet op te wachten?

Over de auteur

Nanouk Kromhout van der Meer (1995) studeert letterkunde in Nijmegen. Geheel bijpassend schrijft ze zelf ook, onder haar eerste en tweede naam: Nanouk Kira. Haar debuut Drakenhart kwam in december 2020 uit bij Uitgeverij Macc. Op het moment wacht ze de redactie af van haar volgende boeken in het fantasygenre en schrijft ze ondertussen verder.