UKV's van de week: Gate closed en Beslissing

Iedere week zetten wij vijf ultrakorte verhalen in de schijnwerpers. Wil jij ook een ultrakort verhaal schrijven? Doe mee in onze Facebookgroep.

Bob Faber - Gate closed  

21 april

Verslapen, de trein gemist, maar hopelijk toch op tijd op Schiphol. Ik zeul met twee te zware koffers. De vrouw die mij lief heeft ijlt vooruit. Reispapieren in haar ene, haar mobieltje in de andere hand. ‘Ik ga vast naar de incheckbalie,’ roept ze nog. Ik worstel me door de menigte, struikel over een verloren sjaal en buiten adem vind ik haar bij balie tweeëndertig terug.

‘Het spijt me,’ zegt de baliedame en wijst naar het informatiescherm. “Gate closed.” Als ze onze tickets bekijkt verschijnt er een brede glimlach. Met een roodgelakte nagel wijst op onze vertrekdatum. Morgen dus…

Marion Reeuwijk-Remmerswaal - Schrijfoefening #16-2026

21 april

Mijn hak blijft steken in een kier tussen de klinkers en ik ga plat. Mijn knie doet pijn en in tranen veeg ik het bloed van mijn handen. Ik ren verder. Op het nippertje haal ik de laatste trein. In de trein luister ik naar rustige muziek. Mijn op hol geslagen hart kalmeert. Niemand die mij stoort en ik doezel weg, tot een stationsnaam klinkt.

Shit, een station te ver.

Op het perron zoek ik naar de trein terug. Die is al vertrokken.

In paniek zoek ik het nummer van mijn moeder. ‘Mam?’ Mijn scherm gaat uit.

Roy Ramakers - ALS DE WERELD ZWIJGT

21 april

Wanneer je onbaatzuchtigheid wordt opgeslokt door mensen die hebberigheid zien als heldenmoed,

Als je liefde door likes wordt vervangen, en perfect zijn de nieuwe maatstaf is, alsof de rest er niet toe doet

Aan je waarde een prijskaartje wordt gehangen, je passie wordt gereduceerd tot uitgeblust verlangen, omdat je voor elke stap vechten moet

Tijd vliegt, terwijl jij kruipt, rennen wilt, maar geen lucht meer krijgt

Sta dan op voor waar jij voor staat,

en wees de verandering, terwijl de wereld zwijgt

Chamira van Valderen - Beslissing

21 april

Vrijdagochtend in april. Bitterkoud en noordenwind, druppels op het brillenglas verschijnen.

Ze rent met hart in haar keel de grote gele rups achterna. Haar lichaam schreeuwt als het perron onverwachts een tussenstop is geworden. Ze ploft neer op een metalen bankje dat het woord opwarmen niet kent.

Haar adem nog jachtig, spieren ontspannen. Over een uur gaat de volgende. Ergens in de grijze lucht fluistert de wind haar moed in.

Ze staat op en laat hem eindelijk gaan. De trein gaat, zij niet meer.

Gea van der Helm – #16-2026

21 april

Vertraging

Alles zit tegen.

Om half negen.

Sleutels zoek.

Kat gekotst.

Opgeruimd.

Slecht geluimd.

Op de fiets,

door de regen.

Vuilniswagen

in de straat.

Moet terug

voor de bak.

Tien voor negen.

Perron zucht licht.

Weer gemist.

Haast drupt langzaam van me af.

Zie de dingen die niet reizen.

Wel bewegen.

Zonlicht breekt.

Kind lacht luid.

Om klokslag negen

ben ik niet te laat,

maar precies op tijd

voor het leven.