Lid sinds

1 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

#591 - De laatste keer

9 januari 2026 - 12:02

Joost pakt zijn fiets uit de schuur en zet zijn tas op het rekje dat aan het stuur hangt. Hij gaat nog één keer na of hij alles heeft ingepakt. “Schoenen, scheenbeschermers, sokken, handdoek, onderbroek, banaan, boterhammen”, mompelt hij in zichzelf. Hij kan niks bedenken wat hij zou kunnen zijn vergeten en hoort zijn vader in zijn gedachten: “Je schoenen zijn het belangrijkst. De rest is bijzaak!”. De kerkklok slaat twaalf keer en Joost zet zijn voeten op de trappers. Hij heeft de afgelopen dagen bij elkaar opgeteld wel tien keer in de groepsapp gekeken om te checken hoe laat zijn team vandaag op de club moet verzamelen. Te laat komen betekent namelijk dat je wissel staat en dat zou hij zichzelf eeuwig kwalijk nemen.

De Weergoden zijn Joost gunstig gezind vandaag en hij snelt in vijf minuten naar het sportpark. Hij is nooit als eerste van het team aanwezig. Dat kan ook bijna niet, aangezien de aanvoerder zowat op de club slaapt. Toch heeft Joost zijn basisplek veiliggesteld door ruim voor kwart over twaalf de trainer een boks te geven. Dat hij vandaag bij de eerste elf zit, was Joost op de donderdagtraining duidelijk geworden. Tijdens de eindpartij speelde hij namelijk in het team dat de hesjes droeg en hoewel het nooit expliciet door de trainer is uitgesproken, begrijpt iedereen in het team ondertussen wat dat betekent.

Nog niemand op de club weet dat dit de laatste wedstrijd van Joost als voetballer is, voorlopig dan tenminste. Hij sluit niet helemaal uit dat hij zich ooit nog laat overhalen om een vriendenteam te versterken, maar van spelen in een prestatief elftal heeft hij definitief genoeg gehad. Van het spelletje zelf is hij altijd blijven houden. Het is echter een aantal zaken eromheen dat hem steeds meer is gaan tegenstaan. De prestatiedruk, de machocultuur, het eeuwige gezeur op scheidsrechters en het nog altijd niet uitgebannen racisme, om maar eens wat dingen te noemen.

In de kleedkamer heeft iedere speler een vaste plek op de U-vormige bank. Joost zit aan één van de uiteindes, naast Thomas, zijn beste vriend uit het team. “Fit?”, vraagt Thomas. ”Altijd!”, antwoordt Joost.
”Jij?”, vraagt Joost.
”Jawel, maar nogal zenuwachtig”, antwoordt Thomas.
”Ik ben in het afgelopen half uur al drie keer naar de wc geweest”, voegt hij eraan toe.
Too much information”, zegt Joost lachend. Thomas staat voor de eerste keer dit seizoen in de basis en laat dit nu net de belangrijkste wedstrijd van het jaar zijn. “Komt goed. Gewoon doen wat je altijd doet: balletjes afpakken en naar de goede kleur spelen”, zegt Joost tegen Thomas, waarna hij hem een bemoedigend klapje op zijn dijbeen geeft. Thomas knikt instemmend.

Een ellenlange tactische bespreking en een felle warming-up later klinkt in de gang van het kleedkamergebouw het magische geluid van honderden noppen op beton. De scheidsrechter en tweeëntwintig spelers stoppen voor de deur die naar het veld leidt en wachten op de opkomstmuziek. Joost kijkt naar rechts en ziet de spanning op de gezichten van de tegenstanders. Het belang van de wedstrijd is voor iedereen duidelijk: de winnaar handhaaft zich en de verliezer degradeert.

De deuren gaan open en “Eye of the Tiger” klinkt door de speakers. Joost is positief verrast door de hoeveelheid publiek. Hij zoekt zijn vader, maar ziet dat die niet op zijn gebruikelijke plek staat. Even haalt Joost zijn hand over het vochtige gras. Het is een geur waar hij nooit genoeg van zal krijgen. Nadat de spelers elkaar succes hebben gewenst neemt iedereen zijn positie in voor het eerste fluitsignaal.

De wedstrijd zelf verdient geen schoonheidsprijs. Na negentig minuten voetbal staat de brilstand nog op het bord en dat betekent dat er verlengd moet gaan worden. Ook in de verlenging hangt een doelpunt eigenlijk geen enkel moment in de lucht, waardoor de teams zich alvast op gaan maken voor een strafschoppenreeks. Een minuut voor tijd onderschept Thomas echter een bal op het middenveld en maakt Joost een diepte loopactie. De steekpass van Thomas is net op tijd en de vlag van de grensrechter blijft terecht omlaag. De keeper komt uit zijn doel, maar Joost is een fractie eerder bij de bal en stift hem over de doelman heen. Tergend langzaam stuitert de bal richting de doellijn en iedereen houdt zijn adem in.

Vervolgens barst het feest lost. Joost vliegt Thomas in de armen en de rest van het team volgt. De scheidsrechter fluit direct af en de supporters bestormen het veld. Joost voelt een hand op zijn schouder en draait zich om. Het is de enige andere persoon die wist dat dit Joosts laatste wedstrijd was. Ze geven elkaar een lange knuffel en de tranen schieten Joost in de ogen.