Lid sinds

2 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Zeester #311

Hij smaakt zoeter vandaag. Ik proef de vruchtensalade die hij gegeten heeft, aardbei, banaan en een vleugje ananas.  Hij smaakt altijd zoeter in de zomer bedenk ik me. 

Het keukentrapje waar ik op stond om hem te kunnen zoenen wankelt een momentje als ik eraf stap. Ik verlies toch mijn evenwicht als ik op de schroevendraaier stap die hij naast het trapje heeft laten liggen.  
Als een zeester lig ik op de grond. Ik ben nog heel. Ik wil blijven liggen, maar hij steekt zijn hand uit. Ondanks dat ik zijn hand vasthoud sta ik niet zo flatteus op. Ik durf het zelfs wel onhandig en klunzig te noemen.

“Gaat het?”  
Ik knik.  
“Wil je een glaasje water?”  
Ik schud mijn hoofd.  
“Ik wil jou” zeg ik hees. 
 Hij glimlacht en blijft mijn hand vasthouden. 
“Fijne reis gehad?”  
“Nee, de treinrails lijken elke keer in een slechtere staat te verkeren” 
“En dat heb je allemaal voor mij over?” 

Ik knik en laat me als een zeester op zijn bed vallen.  

Alles aan hem smaakt zoeter vandaag is mijn laatste gedachte als ik vele uren later in zijn armen in slaap val.  

 

 

 

Lid sinds

2 jaar

Rol

  • Gewone gebruiker

Dag Danielle,

ik heb je verhaal graag gelezen. Leuk, hoe de eerste alinea ook de laatste zou kunnen zijn. Ik heb wel een opmerking: onder andere doordat de hp zich na de val bewust is van klunzigheid en of ze er flatteus genoeg bij ligt, krijg ik de indruk dat ze elkaar nog niet lang kennen. Uit de zin: 'Hij smaakt altijd zoeter in de zomer bedenk ik me.' meende ik op te maken dat ze elkaar al enkele zomers kennen.

Kleinigheden: laatste zin: gedachte zonder n. De treinrails (mv) lijken of het spoor (ev) lijkt. Achter water een vraagteken.

Lid sinds

2 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Dank je wel Maria Anna, 

Ik heb de kleinigheden aangepast. Grappig dat jij de onzekerheid van hp opmerkt. De backstory  bij het verhaal is dat ze elkaar al lang kennen maar elkaar bijna nooit in het echt zien. 

Lid sinds

2 jaar

Rol

  • Gewone gebruiker

 

Dag Danielle,

Leuk, ik heb wel even gedacht dat ze b.v. een periode van digitaal daten achter de rug hebben, maar dat duurt meestal geen jaren. Ik wil je graag nog een compliment geven: ik heb je verhaal gelezen zonder terug te bladeren naar de inhoud van opdracht 311. Nu zie ik pas dat je vijf woorden in je verhaal moest verwerken. Die zijn mij dus niet als storend opgevallen. De schroevendraaier vond ik eigenlijk wel een grappig detail!