Lid sinds

10 jaar 4 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Oude brombeer Wekelijkse schrijfopdracht #292

 

Oude brombeer

Daar zit ik dan, met mijn neus tegen het raam van het rommelkamertje. Normaal verblijf ik in de logeerkamer, aan de tuinkant van het huis. Vanaf mijn vaste zitplaats op de boekenkast heb ik uitzicht op de tuin.  Daar zie ik, jaar in jaar uit, de seizoenen aan me voorbijgaan en ben ik tevreden met mijn eenvoudige berenbestaan. Het enige wat mij uit mij evenwicht kan krijgen is het bezoek van de twee drukte makers.  Als mevrouw mij meeneemt naar beneden weet ik al hoe laat het is. De kleine meid knuffelt mij plat en trekt me malle kleren aan. En alsof dat nog niet erg genoeg is gebruikt de jongen mij als speelbal en vlieg ik de hele kamer door. Met een beetje geluk eindig ik dan onder de bank waar ik vergeten achterblijf. Daar houd ik me muisstil en wacht tot de rust weerkeert in huis. Dat kan dagen duren… Uiteindelijk word ik door middel van lawaaierige zuigkracht wreed uit mijn schuilplaats getrokken. Daarna wacht de verlossing: terug tussen de boeken.

Maar nu zit ik hier! Op een stoffige vensterbank met uitzicht op straat. Een lege straat. De reden van mijn verhuizing is mij onbekend, mevrouw schijnt het niet belangrijk te vinden mij te informeren. Zonder pardon greep ze mij bij mijn poot en plantte me op deze nare plek. Wat een ellende. Geen mooie tuin maar een lege straat. Wat schriele bomen langs de stoepranden, esdoorns, zo te zien. Verder is het kaal. Kleur komt slechts van de vele auto’s die op de parkeerplaatsen voor de huizen staan.

Somber tuur ik voor me uit. Hoe lang gaat dit duren? Mijn zwartgallige gedachten worden plotseling onderbroken door een kinderstem: ‘’Daar, mama. Daar zit er een!’’ Een klein jongetje staat op de stoep voor het huis. Zijn moeder komt snel aangelopen. Het kind roept nog een keer: ‘’Kijk dan mama, daar zit ie, daar boven’’. Hij wijst en lacht. Wat? Wat is dit? Wat een onbeschaamd brutaal kind. Naar mij wijzen en mij uitlachen, is hij nu helemaal betoeterd.  En zijn moeder corrigeert hem niet. Nee hoor! Zij lacht ook! Geeft het kind zelfs een aai over zijn bol alsof het uitlachen van een arme beer een goede prestatie is. Nu schrijft ze iets op in een schriftje wat ze in haar hand heeft. Gaat dat over mij? Dat kan zomaar niet. Heeft een beer geen recht op privacy? Machteloos kijk ik het koppel na tot zij uit mijn zicht verdwenen zijn…

Weer urenlang geen mens te bekennen in de straat. De geparkeerde auto’s komen ook niet van hun plaats. O, kijk, er komt nu een bestelbusje aangereden wat stil blijft staan aan de overkant van de straat . Er stapt een man uit in een rode jas die met een hoop lawaai de schuifdeur aan de zijkant van de bus opent.  Met een doos in zijn hand loopt hij naar de voordeur van de overburen.  Voor hij aanbelt legt hij het pakket op de grond. Tot mijn grote verbazing loopt hij, nadat hij op het knopje heeft gedrukt, snel het pad af. Wat een slechte manieren zeg. Hij kan toch wel even wachten. De deur gaat open en de overbuurvrouw verschijnt. Ze lijkt niet verbaasd en pakt het postpakket van de grond. Ze roept een bedankje naar de bezorger. Hij wuift onverschillig met zijn hand en stapt zijn bus alweer in.  Wat een onbeleefde vlerk! Waar moet het heen met deze wereld.

Als ik een beetje bijgekomen ben van dit schouwspel herhaalt zich wat vanmorgen gebeurde. Nu zijn het twee kleine meisjes met hun vader. Weer wordt er naar mij gewezen, gelachen en ook nu wordt er iets opgeschreven.  Ik zucht opgelucht als ze verdwijnen. Dan hoor ik beneden de voordeur open en dicht gaan. Ik zie mevrouw met haar jas aan en een grote boodschappentas in haar hand de straat uitlopen. Met een volle tas komt ze een half uur later terug. Onder haar andere arm draagt zij een heel groot pak wc papier. Nou, nou. Daar kan zij wel een jaarlang mee toe. Of verwacht ze veel bezoek? Ik realiseer me opeens dat er al een wekenlang geen visite is geweest. Haar vriendinnen niet, de buurvrouwen niet.  En…, de kleinkinderen niet. En kijk, dat is een grote meevaller voor een, op zijn rust gestelde, oude brombeer.

 

Lid sinds

3 maanden 2 weken

Rol

  • Gewone gebruiker
  • Pluslid

Heel erg leuk verhaal! Hoewel de beer alleen maar zit, heeft het verhaal toch vaart. 

Lid sinds

1 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Linde, wat een heerlijke brombeer. Wat voor de één een nadeel is, kan voor de ander weer een meevaller zijn. Met een glimlach gelezen.

Lid sinds

3 jaar 5 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Linde, wat een wereldverhaal! Prachtig, originele insteek op het thema. Je neemt me mee in de bromwereld van de oude beer, schitterend verwoord!

Mvg Ton Badhemd

Lid sinds

1 jaar 6 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Linde,

Echt een heerlijk verhaal om te lezen. Sommige stukjes maakten me echt aan het lachen. Ik zie de beer ook al voor me, daar achter dat raam zitten te mompelen tegen zichzelf. Door je verhaal realiseer ik me ook hoe snel de huidige situatie als normaal is gaan voelen.