#591 - De laatste keer
Jammer dat de schrijfopdracht stopt. Ik deed maar af en toe mee (tijd, gedoe) maar ik vond het fijn om mee te lezen en te zien wat iedereen ervan maakte.
Dank voor jullie reacties op mijn verhaal “Baan vier”. Jullie feedback hielp me meer dan ik dacht. Meerdere mensen gaven aan dat de beelden sterk waren, maar dat het verhaal lastig vast te grijpen bleef, met vragen over de zwemband, wat er precies gebeurde in het bad en een einde dat te raadselachtig werd. Dat heb ik serieus genomen.
Ik heb het verhaal daarom niet licht aangepast, maar echt herschreven: eerst meer houvast in de jeugd, daarna pas de terugkeer als volwassene, met een duidelijker lijn, meer spanning en een paar momenten waar je gewoon even mag lachen. Ook heb ik geprobeerd de beelden scherper te maken zonder dat ze mistig worden.
Baan vier (versie 2)
Op dinsdag rook je het zwembad voor je de deur zag. Chloor in je jas en in je haar en achter in je keel. Je had een natte handdoek in een plastic tas en die tas plakte en je moeder had gezegd niet zeuren dus je zeurde niet, maar je dacht het wel, je dacht het de hele weg van de auto naar de deur.
Tl-buizen bromden. Wieringa floot, één keer, hard.
'Vier. Door.'
Startblok vier wiebelde, al zo lang als jij kwam. Er miste een schroef. Er hing een briefje naast de klok, al twee jaar, dat iemand die schroef zou fixen. Niemand fixte die schroef. Je zette je tenen neer.
Kees in baan drie, bril beslagen. Kees zwom half blind maar had overal wat van.
'Wacht wacht wacht. Je schouders.'
'Wat.'
'Die zakken, man. Voor je afzet al.'
'Ja.'
'Niet ja. Luister. Meer herrie met je armen, je gaat het water in als een - ik weet niet - als een envelop of zo.'
Je schopte af en het water klapte tegen je polsen en je wimpers en je dacht nergens aan, dat was het hele punt, dat was waarom je kwam.
Wieringa draaide weg. Dat kon hij goed.
Achter het glas je moeder. Armen over elkaar. Buiten de Opel Kadett, pepermunt bij de pook, achterin dat krat met lege flessen. Je kende het geluid dat ze maakten in de bocht bij de Aldi - getik, altijd hetzelfde getik.
Na de training liep Kees mee. Zijn handdoek sleepte half over de grond.
'Ga je weer zo.'
'Hoe zo.'
'Zo. Nat. Druipend. Zonder douche.'
'Kees -'
'Twee minuten. Twee minuten douche, dat is alles wat ik -'
'Mijn moeder wacht in de auto.'
Hij trok zijn onderlip naar voren en deed zijn ogen dicht, zo deed hij dat als hij nadacht of als hij deed alsof hij nadacht, je wist nooit welke van de twee.
'Jouw moeder wint het altijd van warm water. Knap is dat eigenlijk. Op haar manier.'
Hij pakte je handdoek vast en trok en jij duwde zijn hand weg, niet hard. Hij liet los. Jullie liepen naar buiten. Hij zei niks meer. Jij ook niet. Dat was erger dan ruzie maar dat woord kende je toen nog niet.
Dat woord - blijf.
Vrijdagavond. Klapstoeltjes langs de rand, kartonnen koffie, ouders. Je tenen op blok vier.
Kees tikte tegen je schouder, te hard, dat deed hij expres.
'Doe normaal met je gezicht.'
'Ik doe normaal.'
'Je kijkt alsof je - ik weet niet. Laat maar. Zwem je baan. Als je klaar bent blijf je hier, niet meteen naar buiten, gewoon hier. Oké?'
Je zei niks. Bleef staan.
In de ondiepe hoek dreef een jongetje met een gele zwemband, veel te groot, hij zat erin als in een autoband. Zijn vader stond bij de automaat met muntjes en staarde naar de muur. Knikte erbij, ook. Alsof de muur uitleg gaf.
Het jongetje schoof opzij. Het water nam hem mee. Hij trapte niet eens.
Toen dat geluid. Droog ratelen uit het afvoerrooster in de diepe kant, een pomp die op gang kwam onder de vloer. Dat geluid kende je niet maar je lijf kennelijk wel want je maag draaide voor je begreep waarom.
'Kees.'
Hij stopte midden in een woord. Dat deed hij nooit.
Kind dreef richting het diepe. Water trok omlaag boven het rooster.
Kees sprong. Shirt aan, schoenen al uit want die had hij al uitgedaan, dat weet je nog, stom detail maar het zit er nog steeds in. Hij greep de zwemband.
Kind zat vast aan de bodem. Zuiging bij het rooster. Geen schuim, geen lawaai. Kracht die nergens heen ging behalve omlaag.
'Die pomp -' Kees schreeuwde en zijn stem sloeg over. 'Technisch hok. Die rode hendel. Ga. Ga ga ga.'
Je rende. Trap glom. Voet weg. Knie op tegel en je maag kwam omhoog en er zat bloed aan je hand van een kapotte tegelrand, je wist niet wanneer dat was gebeurd, je rende.
Rode hendel naast een bordje, NOODSTOP, scheve letters, alsof iemand het met zijn linkerhand had geschreven. Je trok. Stroef. Klik.
Dreun. Pomp uit. Zuiging weg.
Kees duwde het kind omhoog. Hoesten en huilen en water uit zijn neus. De vader kwam aanlopen, te laat, muntjes in zijn vuist, mond open maar niks eruit. Je dacht: sla die man. Je deed het niet. Je keel deed niks en je handen deden niks en je ging weg.
Te vroeg weg, nat haar, moeder in de auto, flessen tikten, knie brandde. Zwijgen. Het was nooit over maar dat snapte je pas later, veel later, toen je het woord kende voor wat het was.
Jaren later trilde je telefoon.
Kees Zwembad gaat morgen plat. Kom vanavond.
Jij Hoezo.
Kees Hoezo hoezo. Omdat jij anders weer te vroeg weggaat.
Jij Ik ben geen twaalf meer Kees.
Kees Nee. Weet ik. Daarom.
Er stak wat uit je brievenbus. Gele zwemband, dubbelgevouwen, klam, vettig een beetje. Hap uit de rand, halve maantjes van kindertanden. Die geur - kelderlucht, warm plastic, patat. Je stond in je gang en je rook het en je was weer twaalf, zo simpel was het en zo erg.
Binnenkant een sticker: ZWEMDIPLOMA C. Met balpen eronder, handschrift van iemand die haast had: Baan vier.
Je stuurde een foto.
Kees Ha. Die ja.
Jij Waar vandaan.
Kees Bak met gevonden spullen, stond bij het technisch hok. Lag er al jaren denk ik. Ik zag die tekst en toen was het klaar eigenlijk, toen moest het naar jou.
Jij En je dacht brievenbus.
Kees Ik ben niet zo moeilijk. Kom je nou of hoe zit dat.
Hek scheef. Ketting erdoor. Cijferslot 0000 want niemand had ooit de moeite genomen. Bord op het gaas: SLOOP MORGEN. De letters liepen uit.
Binnen knipperden tl-buizen, niet allemaal, een paar deden niet meer mee. Automaat met BUITEN GEBRUIK erop, zelfde sticker als toen, zelfde plek. Lucht van nat beton en chloor. Dat gaat nooit weg, dacht je. Niet met sloop. Niet met niks.
Kees stond in de hal. Jas dicht, handen in zijn zakken.
'Moe?' zei je.
'Best wel ja.'
'Ik ook.'
'Weet ik. Zie ik. Kom.'
Deur naar de badzaal klemde. Jullie duwden er samen tegenaan en botsten schouder tegen schouder erdoorheen.
'Romantisch,' zei Kees.
'Hou op.'
'Ben al stil.'
Leeg bad. Roeststrepen, blaadjes, een chipszak met een hoekje dat in het rooster was blijven haken. En midden op de droge bodem een pleister, wit, net uit de verpakking. Je keek er te lang naar.
'Wie legt hier een pleister neer,' zei je en je wist zelf niet waarom dat de zin was die eruit kwam.
Kees haalde zijn schouders op.
Bij het rooster trilde een rubber flapje. Hetzelfde ratelen. Zacht maar je rug werd er koud van, van je nek tot je onderrug.
'Ja hoor,' zei Kees. Wreef over zijn nek. 'Nog steeds. Hebben ze nooit gerepareerd. Alleen stil gekregen. Werkt best goed, als niemand luistert.'
Water sijpelde achter de wand. Straaltje, meer, over de tegels naar de diepe kant, naar het rooster. Het kende de weg. Of het water was dom en de tegels helden die kant op, maar het zag eruit als herinneren.
Kinderstem. Vlak bij de vloer. Geen echo. Gewoon een stem, helder, hoog, alsof het kind naast je stond.
'Een. Twee. Drie.'
Kees keek je aan en zijn kaak deed dat ding.
'Zeg me dat jij dat ook hoort.'
'Ik hoor het.'
'Godsamme.'
'Ja.'
'Want als dit alleen in mijn hoofd zit dan weet ik het ook niet meer, Kees is dan -'
'Kees is gek. Dat weet ik al dertig jaar. Maar dit hoor ik ook.'
Het water zette door. Het bad wist het nog, of het bad had het nooit vergeten - je snapte het verschil niet helemaal maar het maakte niet uit. Bleke strepen verschenen onder het oppervlak. Banen, van onderaf belicht. Baan vier het felst.
Zwemband in je handen spande zich. Rubber dat warm werd. Je vingers trilden.
'Goed,' zei Kees. 'Jij gaat naar het hok. Noodstop. Ik blijf hier. Als het trekt hou ik dat flapje open.'
'En dan.'
'Dan trek jij die hendel en dan is het voorbij.'
'Altijd jij met die plannen.'
'Altijd jij met die baan vier.'
Water sprong op, een handbreed, klapte terug. Nog een keer. Geluid van een keel zonder lucht. Je dacht: ik ken dat geluid. Je dacht: ik wil het niet kennen.
Kees stond tot zijn enkels erin. Palm plat op het rooster, vingers gespreid.
'Ga.'
Hendel. Klik. Dreun.
Ratelen viel weg. Water zakte, snel, alsof het betrapt was. De stem stopte middenin een tel.
'Vier -'
Leeg bad. Plassen. Pleister dreef in een dun laagje.
Kees kwam terug, natte handen, gescheurde mouw. Hij keek moe, of ouder dan hij was, of allebei, dat verschil werd steeds kleiner.
'Kijk. Weer niet.'
'Nee.'
'We zijn er goed in hè, in niet verdrinken.'
'Ja. Heel goed.'
Buiten deed Kees de ketting om het hek. Slot klikte, klein geluid, het soort geluid dat groter wordt als je wegloopt.
Je hing de zwemband aan het gaas, naast het bord. Niet netjes. Het rubber piepte tegen het metaal en wiegde in de wind en je stond daar te lang.
Kees stak zijn hand op.
'Hé. Bedankt dat je kwam.'
Je knikte. Hand prikte, die snee van twintig jaar geleden die er niet meer zat maar die je prikte als je eraan dacht, en je dacht er altijd aan, op de gekste momenten, als je aardappelen schilde of in de rij stond bij de kassa.
Je liep weg zonder om te kijken. Dit keer ga je niet te vroeg.

Het verhaal verwonderde…
Lid sinds
15 jaar 1 maandRol
Het verhaal verwonderde me, verwarde me ook. De beelden die je schetst zijn mooi, maar ik kan het verhaal niet vastgrijpen. Het eerste beeld, van de gele zwemband was lastig voor me om helder te krijgen. Er was een hap uit de rand genomen? Door wat, door wie? De geur kon ik me dan wel weer heel helder een voorstelling van maken. Het natte vierkante afdrukje roept bij. mij vragen op.
Dit vind ik mooi:
De deur naar de badzaal wilde niet goed openen. We duwden er allebei tegelijk tegen en botsten tegen elkaar aan. We deden alsof het normaal was om tegen elkaar aan te botsen.
En dat geluid wat bleef hangen.
Wat er in een gat bewoog kreeg ik ook niet helder.
Dit pijnlijk herkenbaar: Maar toen ik een trede op liep, glipte mijn voet plotseling weg. Mijn knie sloeg tegen de harde tegels boven aan de trap.
Het einde is mij te raadselachtig.
Hoi Emmy, ontzettend…
Lid sinds
3 maanden 1 weekRol
Hoi Emmy, ontzettend bedankt voor je uitgebreide reactie op mijn verhaal! Ik vind het heel waardevol dat je zo eerlijk aangeeft waar je de draad kwijtraakte. Het is voor mij een goede les: soms zitten beelden zo duidelijk in mijn eigen hoofd dat ik vergeet de lezer genoeg houvast te geven.
Ik ben blij dat de geur en de fysieke momenten, zoals die knie op de tegels, wel goed overkwamen. Dat pijnlijk herkenbare is precies wat ik zocht. Jouw opmerkingen over de zwemband en het einde geven me precies de informatie die ik nodig heb om de balans tussen mysterie en helderheid beter te vinden. Hier kan ik echt mee aan de slag!
Hallo Simcha, Ik ben een…
Lid sinds
1 jaar 1 maandRol
Hallo Simcha,
Ik ben een beetje zoekende naar waar het verhaal nu precies over gaat. Ik denk dat het gaat over iemand die als kind wedstrijden gezwommen heeft en nu bij het sluiten van het zwembad melancholisch terugkijkt op die tijd.
Wie is de afzender van de zwemband?
Een hap uit de rand genomen. Door een beest?
Wat gebeurt er in het zwembad? Wat is dat scherpe ding?
Bij deze zin: Kees stond bij het technische hok met een brandblusser en dat was best raar, want hij had die brandblusser nergens vandaan gehaald, dacht ik: natuurlijk heeft Kees die brandblusser wel ergens vandaag gehaald. De HP heeft het alleen niet gezien. Ik zou het daarom anders beschrijven.
Wat verwarring bij mij bij deze passage:
'Ga bij die rode hendel staan. Als ik roep, trek je.'
Welke rode?
'Die. Ja, ik hoor het ook.'
Je gaat hier van iets visueels naar iets auditiefs. Wat hoort de HP ook? Ik weet als lezer niet wat Kees gehoord heeft.
Er zitten mooie beeldende passages in, waarbij ik als lezer het plaatje meteen voor me zie zoals de beschrijving van het lege zwembad, de voet die weg glipt, de vitrine waarin de verkleurde posters hangen, de drijvende pleister.
Net als Emmy, blijf ik bij de laatste zin ook wat in raadselen achter.
De thematiek van het verhaal is mooi, nog een beetje bijschaven aan de uitwerking.
Hoe dan ook graag gelezen.
Hallo Simcha Dank voor je…
Lid sinds
7 jaar 2 maandenRol
Hallo Simcha
Dank voor je verhaal. Ik vind dat je hier en daar erg mooie beelden opwerpt (zoals de pleister op de bodem van het zwembad,...) maar het is niet duidelijk wat het verhaal nu precies is, het lijken flitsen of flarden van een herinnering die achter elkaar volgen, maar die moeilijk te volgen zijn voor de lezer.
Is het een herinnering aan een zwembad dat sluit? Vanuit wiens perspectief dan?
Ik denk dat je hier een fijn verhaal kan maken, maar dan denk iel dat je best nog eens aan de structuur sleutelt.
Toch dank voor je tekst
Johanna
Ik vind het een interessante…
Lid sinds
4 jaar 5 maandenRol
Ik vind het een interessante dialoog met mooie waarnemingen. De informatie aan het begin kun je misschien ook (deels) in de dialoog verwerken.
Sommige delen lezen wat staccato.
Hier bijvoorbeeld, zou Kees dat letterlijk zo zeggen? Misschien ook wel, hij is duidelijk iemand van weinig woorden. Het beeld vind ik in elk geval erg mooi gevonden.
Bij de brandblusser die nergens vandaan kwam dacht ik even dat je een droom beschreef.
Droog, grappig. Graag gelezen.
Hoi allemaal, Dank…
Lid sinds
3 maanden 1 weekRol
Hoi allemaal,
Dank jullie wel voor het lezen en voor jullie reacties. Ik heb ze een paar keer teruggelezen .... en toen dacht ik: ja, logisch, dit zit allemaal veel duidelijker in mijn eigen hoofd dan op de pagina. Jullie noemden precies waar ik jullie kwijt raak (de zwemband, dat gat, wat er nou gebeurt in het bad, en ook het einde). Dat is even slikken - maar het is ook precies het soort feedback waar ik wat aan heb.
Ik ga het verhaal daarom niet “even verbeteren”, ik ga het opnieuw aanpakken. Zelfde kern en sfeer, maar meer lijn, meer grip, minder raden wat ik bedoel. En ik wil dat je als lezer niet alleen denkt: mooie beelden, maar ook echt meeloopt tot de laatste zin.
Ik zet binnenkort een nieuwe versie online. Zodra die er staat - hoor ik ook graag weer wat jullie ervan vinden (en wees gerust, eerlijk mag gewoon).
Nogmaals dank, echt.
Hoi Simcha, Mooi verhaal,…
Lid sinds
1 jaar 7 maandenRol
Hoi Simcha,
Mooi verhaal, ik heb de eerste versie niet gelezen, maar wat er nu staat is best mooi. Ik merk wel dat het best heel lang is, en aan het eind is het voor mij nog steeds onduidelijk wat er precies gebeurt. In het begin vond ik je perspectief wel leuk en origineel maar als het langer duurt leest het minder vlot. Je beschrijvingen en gevoelens die je beschrijft met vergelijkingen en stukjes die terugkomen zoals de chloorlucht en het rinkelen van flessen in de bocht zijn ijzersterk! Lekker blijven schrijven, hopelijk komen wel elkaar nog tegen.