#490 Bewijslast (herschrijf 2)

Midden in de Twijnstraat hangt een blauwe ballon. Ongeveer één meter boven de straat zweeft hij akelig stil, alsof hij muurvast zit op dat punt van het universum. Het is windstil, en er is niemand op straat.
Eigenlijk heb ik haast, moet ik naar mijn rechtszaak, maar als vanzelf loop ik erop af. Onderaan de ballon, aan een zilveren lint, hangt een envelop. Beschaamd, alsof ik een diefstal bega, waar ik me normaal helemaal niet voor zou schamen, trek ik de envelop eraf.

Kijk boven je

Ik doe het. Maar boven mij is niets dan de kerstversiering van de winkelstraat. Ik grinnik zenuwachtig. Er moet wel een verborgen camera zijn. Maar nee, ik zie niets, of niemand. De winkelstraat is leeg, onverwacht leeg. Het winterweer maakt alles grijs en grauw, haast als een zwart-wit film.
Ik ril en kijk nogmaals omhoog. Nu zie ik het. Daar, naast de maretakken van ijzerdraad, hangt een rode ballon. Ik ga te laat komen. Maar fuck it, ze moeten me maar zonder mijn aanwezigheid vrijspreken. Ze kunnen toch niets bewijzen.
Via de lantaarnpaal klim ik omhoog; de luifel van café lijn 4 geeft me het laatste zetje.

Kijk onder je

Verdomme. Een oranje ballon hangt voor een zijstraatje. Ik laat mij zakken via de luifel, die piepend met mij meebeweegt naar beneden.

Ga het steegje in

Het is een zijstraatje dat ik niet ken. Dit is niet goed. Mijn intuïtie, die mij jarenlang al zo goed heeft gediend, zegt dat ik moet stoppen. Waarom ben ik zo nerveus? Is het de rechtszaak? Nee, ik heb haar diep genoeg begraven, die, hoe heette ze ook alweer? Die blonde.
Het zijn die fucking ballonnen. Kom op, ik laat me toch niet zomaar wegjagen? Ik veeg mijn zweterige handen af aan mijn bontjas.
‘Kom dan!’ roep ik, maar niemand antwoordt.

In het zijstraatje hangt slechts een gele ballon, verlaten tussen de grijze muren. Het is alsof hij me uitdaagt; pak me dan. Mijn mond hart klopt snel. Ik bijt op mijn tong, schat de afstand tussen de muren in, draai me opzij om ertussen te passen en wurm me naar voren.
Het lijkt steeds nauwer te worden, maar ik ken mijn grenzen. Hier pas ik net tussendoor. Door mijn adem uit te blazen past mijn ribbenkast precies tussen de muren van het laatste stukje. 

Alicia Weensma

Het staat in gouden letters op het witte papier. De piep in mijn oren, mijn waarschuwingspiep, klinkt als een naderende trein die niet meer remmen kan. Het is de naam van die trut.
Ik probeer achteruit te bewegen. Terug, terug, maar de muren klemmen.
‘Je kan niets bewijzen,’ fluister ik. In deze nauwte lukt het niet om te schreeuwen.
De muren drukken harder. Het doet pijn. Het kraakt.
‘Je kan niets…’


 

------ Oude versie ------

 

Midden in de Twijnstraat hangt een blauwe ballon. Ongeveer één meter boven de straat zweeft hij akelig stil, alsof hij muurvast zit op dat punt van het universum. Het is windstil, en er is niemand op straat.
Eigenlijk heb ik haast, moet ik naar mijn rechtszaak, maar als vanzelf loop ik erop af. Onderaan de ballon, aan een zilveren lint, hangt een envelop. Beschaamd, alsof ik een diefstal bega, waar ik me normaal helemaal niet voor zou schamen, trek ik de envelop eraf.

Kijk boven je

Ik doe het. Maar boven mij is niets dan de kerstversiering van de winkelstraat. Ik grinnik zenuwachtig. Er moet wel een verborgen camera zijn. Maar nee, ik zie niets, of niemand. De winkelstraat is leeg, onverwacht leeg. Het winterweer maakt alles grijs en grauw, haast als een zwart-wit film.
Ik ril en kijk nogmaals omhoog. Nu zie ik het. Daar, naast de maretakken van ijzerdraad, hangt een rode ballon. Ik ga te laat komen. Maar fuck it, ze spreken me maar vrij zonder mijn aanwezigheid. Via de lantaarnpaal klim ik omhoog; de luifel van café lijn 4 geeft me het laatste zetje.

Kijk onder je

Verdomme. Een oranje ballon hangt voor een zijstraatje. Ik laat mij zakken via de luifel, die piepend met mij meebeweegt naar beneden.

Ga het steegje in

Het is een zijstraatje dat ik niet ken. Mijn hart klopt en mijn mond is droog. Dit is niet goed. Mijn intuïtie, die mij jarenlang al zo goed heeft gediend, zegt dat ik moet stoppen. Maar ik laat mij godverdomme toch niet zomaar wegjagen?
‘Kom dan!’ roep ik, maar niemand antwoordt.

In het zijstraatje hangt slechts een gele ballon, tussen grijze muren. Een gure wind trekt mij het straatje in, maar lijkt de ballon niet te deren.
Ik wurm me tussen de muren. Het lijkt steeds nauwer te worden, maar ik ken mijn grenzen. Hier pas ik net tussendoor. Door mijn adem uit te blazen past mijn ribbenkast precies tussen de muren van het laatste stukje. Met gestrekte arm grijp ik de envelop.

Alicia Weensma

‘Je kan niets bewijzen,’ fluister ik. In deze nauwte lukt het niet om te schreeuwen. 
Ik kan niet meer achteruit. De muur drukt harder. Het doet pijn. Het kraakt.
‘Je kan niets…’

 

Lid sinds

10 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Afgezien van het feit dat ik straks de fiets kan pakken en een onbekend steegje kan gaan zoeken bij de Twijnstraat naast Lijn 4...

Leuke creatieve uitwerking. Meerdere ballons, dus een spoor dat nieuwsgierig maakt. Lekkere kleine actie in die paal. Een intrigerende voorgeschiedenis van de hoofdpersoon. Magisch-realistische twist, die (opnieuw) nieuwsgierig maakt.

De wise-guy tussenwerpingen zijn ook goed gekozen: intuïtie die me jarenlang heeft gediend, ik ken mijn grenzen.

Ik twijfel over die Alicia Weensma. Ik snap je, vind 'm ook goed, maar zo'n random bijzondere naam kan ook vraagtekens geven waardoor je einde wat wordt overschaduwd.

Je zult wel opmerkingen krijgen over het overschreden aantal woorden.

Bottom line: erg lekker gelezen.

25 januari 2024 - 15:26

Lid sinds

3 jaar 11 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Karel, 

Ik kan je einde helaas niet volgen: de naam komt voor mij te veel uit de lucht vallen. Ik zou het nog begrijpen als je hoofdpersoon zou zeggen: ik kan niets bewijzen, want dan zou Alice de schuldige zijn van datgene waar je protagonist van beschuldigd wordt, maar dat is dus precies andersom. 

Maar de speurtocht van ballon naar ballon is erg leuk bedacht en ook goed uitgewerkt: het wordt steeds spannender qua sfeer, hoe de omgeving steeds dichter op je personage afkomt en de ballon steeds duisterder wordt.. mooi geschreven.

Ik baal ervan dat ik de naam niet kan plaatsen: het voelt alsof ik een hele goede detective niet voor het einde kan ontrafelen :) 

Goed gedaan! 

Groet, 

Nadine

26 januari 2024 - 8:35

Lid sinds

5 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Karel, zoals ik het lees, gaat het over een persoon die met zijn daad wordt geconfronteerd. In het begin heeft hij het nog niet door, denkt dat het een spel is, maar bij de naam valt het kwartje. Of het klopt, weet ik niet. Het is in ieder geval een interessant verhaal. Graag gelezen.

26 januari 2024 - 9:10

Lid sinds

6 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

@Raymond en Fief. Dank voor jullie feedback! Jullie hebben het correct, dat is precies wat er aan de hand is.

@Nadine. Ik heb een nieuwe versie geschreven, die hopelijk wat duidelijk is. Ik heb bij het schrijven van "mysterieuze" verhalen altijd dit dilemma: hoe doseer je informatie? Ik wil niet teveel, want dan wordt het uitleggerig, maar ook niet te weinig, want dan wordt het verwarrend. De nieuwe versie is langer, minder verwarrend, maar misschien ook saaier? Ik vind dat moeilijk in te schatten.

26 januari 2024 - 10:19

Lid sinds

10 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Aha, nu kan ik die Alicia plaatsen. En het voelt misschien als teveel, maar een aanwijzing had ik hierbij wel nodig. Ook om dan de gekte in zijn hoofd te snappen aan het einde. Echter: het kan wel korter voor mij.

Je schrijft

Nee, ik heb haar diep genoeg begraven, die, hoe heette ze ook alweer? Die blonde.

Ik heb genoeg aan

Nee, ik heb haar diep genoeg begraven.

Afijn, n=1 :) Leuke exercitie.

26 januari 2024 - 13:45

Lid sinds

6 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

@Raymond. Tnx voor de feedback opnieuw!! Dat stuk vertraagd inderdaad. Ik heb het aangepast, door het op een andere plek samen te voegen met andere gedachten. Zo blijft actie en interne dialoog wat meer gescheiden, wat volgens mij de vaart er beter inhoudt.

Het is wel puzzelen dit...

26 januari 2024 - 17:21

Lid sinds

6 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Musonius. Dank je voor de feedback! Je geeft aan dat je denkt dat er meer van te maken is, hoe bedoel je dat? Op welk vlak? Dus je hoeft niet de oplossing te hebben, maar zou je ook aangeven wat je als lezer tegenviel / tekort vond schieten?

27 januari 2024 - 10:38

Lid sinds

3 jaar 8 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Och, dat is een beetje muggenziften, het verhaal is mooi, maar de daad van de man had wat mooier door het verhaal geweven kunnen worden, de zin 'Nee, ik heb haar diep genoeg begraven, die, hoe heette ze ook alweer? Die blonde.' komt mij iets te opzichtig naar voren, dat had wat subtieler gekund. Verder had ik graag wat meer noodzaak voor de ballonnen gezien, bv dat Alicia met een ballon had gelopen of met ballonnen gelokt werd, zodat verleden en wraak met elkaar verbonden zijn. Maar misschien heb ik het mis en is die mysterie juist krachtig, daarom is het goed om verschillende meningen te horen.

27 januari 2024 - 18:09

Lid sinds

6 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

@musonius Dank voor de toelichting! De balans tussen subtiel (maar dan kan het ook gemist worden) en opzichtig is een uitdaging. Blijkbaar ben ik nu weer wat teveel doorgeschoten... Lastieg :)!

28 januari 2024 - 19:49