Afbeelding

Lees deze ultrakorte verhalen

Foto: Pexels

UKV's van de week: Landen en Uurtje fietsen

In de groep Schrijven Magazine: Ultrakorte Verhalen dagen we schrijvers iedere dag uit om een ultrakort verhaal te schrijven: een heel verhaal in maximaal 99 woorden. Zowel voor beginnende als ervaren schrijvers is dit een fijne oefening om kort en krachtig een verhaal te kunnen vertellen. Iedere week zetten we er vijf in de spotlights als aanmoediging en waardering. Deze vijf vielen ons deze week op, vanwege hun originaliteit, verrassende wending, kwaliteit of spraakmakendheid.


Overgeven - Elsbeth Boom-Boumann

28 mei

Elke dag gooit hij alles eruit.
Al meer dan een jaar houdt hij zich niet in. Pijn, verdriet en dagelijks leed wordt de wereld ingeslingerd met alle kracht die hij in zich heeft.
Maar de pijn is ingesleten, zijn verdriet verankerd in zijn hart. Elke herinnering aan wat was, maakt het gemis dieper en de angst voor straks groter.
Mijn zoon is ziek. Al geeft hij elke dag meerdere keren over, hij kan zichzelf niet ziek noemen. Kanker is ziek. Hij is alleen maar bang voor kanker. 
En zijn angst komt in golven.
Mijn zoon geeft zich over. 
Op.

Landen - Elka Le Mair

29 mei

Het huis roept me, waar ik ook loop: zie mij! Maak mij schoon! Ruim mij op! Ik zie het, ik hoor het, neem me van alles voor, doe niets. De meegenomen stapel van de afgelopen maanden ligt doelloos op de eettafel. Nog steeds kan ik niet ordenen.
Ik slenter door het huis, de tuin, probeer opnieuw kennis te maken. De vogeltjes doen zich tegoed aan de vetbollen, de bijtjes zoemen in de klaprozen. Ik zijg neer in een tuinstoel en bezie mijn paradijs. Ik voel de rust, maar kom er niet bij. Ik wil landen, maar kom niet thuis.

Uurtje fietsen - Aaltje Van Wieringen

2 juni

Zoals een tong glijdt over het glacé van een tompoes, zo zoef ik fietsend langs de rozerode weg op het fietspad langs sloten en weilanden met golvend, rijp gras. Een grutto staat boven op een lantaren en wiekt nadat hij me uitscheldt voor Kuttekopkuttekop met een boog van me weg. De beige koeien zijn present en herkennen me zeker, want de ene heft haar kop en stoot een welkomstgroet uit. De meerkoeten zwemmen kwebbelend met het kroost om zich heen en de zwanen hebben liefst zeven kinderen. Ratelaars, koekoeksbloemen klaprozen, margrieten en wikke groeten me ten afscheid.
 

PROVINCIAAL - Mechtilde Meijer

3 juni

Hij minachtte zijn dorp, het streekdialect gaf hij voor niet meer te kennen en zijn eerste liefde vergat hij. Hij ging groots en meeslepend leven. Met al één scenario op zijn naam zou het Westen hem het succes brengen dat hij verdiende. Dacht hij.
Nu is hij terug en regisseert het lokale theatergezelschap weer als vanouds. De hoofdredactrice van de lokale krant is de pijn van zijn vertrek nooit vergeten. Haar artikel eindigt met ‘… want niets zo sneu als de provinciaal die in Amsterdam nonchalant de Randstedelijke chauvinist uithangt en met hangende pootjes terug moet.’

Waarom? - Remke Jansen

3 juni

Ik nader de hoek en mijn hart begint sneller te kloppen. Op die plek was het. Daar had hij gestaan, zijn gezicht half bedekt door een capuchon. Als vanzelf vertraagt mijn pas.
Ik kan nog terug. Natuurlijk kan ik terug. Ik aarzel, maar als ik nu opgeef, kom ik nooit van mijn angst af. Ik loop door.
Beng, beng, doet mijn hart. Verder is het akelig stil.
Ik sla de hoek om en heb er op slag een trauma bij. Daar staat mijn hele familie. Met schel klinkende roltoeters en een spandoek met ‘Goed zo!’ erop.