Lid sinds

1 jaar 9 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

#330 Snorkel

 

‘Hallo, ik ben Gert. Jij moet Marit zijn. Leuk je te ontmoeten! Pffff, wat is het warm. Ik stik de moord met dat medische mondkapje op.’ Hij plofte neer op de stoel tegenover haar en stak zijn hand in de lucht om naar de serveerster te zwaaien.

Marit keek verstoord op van haar telefoon. ‘Ja, klopt. Aangenaam.’ Ze legde het apparaat met zorgvuldige bewegingen voor zich op het metalen oppervlak van het tafeltje.

De serveerster kwam aangelopen, haar houding kaarsrecht. Ze droeg een doorzichtige kap. ‘Wilt u alstublieft niet zwaaien, meneer. Onnodige verspreiding van lucht en virussen. Wat mag ik u brengen?’

‘Voor mij een biertje van de tap, wat heb ik dat gemist…’

‘Bier tappen is verboden, een flesje dus. En voor u mevrouw?’

‘Voor mij graag een droge witte wijn.’

‘Gaan die ook per fles?’ Gert sloeg op zijn knie. ‘Dan voor mij ook graag zo één.’

‘Meneer, geen zinloze bewegingen alstublieft. Twee wijn? Deze gaan per kwart liter.’

Gert had zijn handen op zijn bovenbenen gelegd en sprak monotoon. ‘Pri-ma.’ De serveerster liep weg.

‘Net een robot,’ zei hij. ‘Zag je hoe ze praatte en bewoog? En die idiote kap, ze lijkt wel een snorkel. Weet je nog, van die tekenfilmserie uit de jaren tachtig.’ Hij stak zijn armen in de lucht om het figuurtje uit te beelden. ‘Kijk, ik ben Toeter.’ Hij bootste het nasale stemgeluid na. ‘Toet toet toet.’

‘Meneer, dit is de derde waarschuwing.’ De serveerster keek vanaf twee meter op hem neer. ‘Ik verzoek u dit terras te verlaten. Wees verstandig en neem de regels van het Vernieuwde Nieuwe Normaal grondig door.’

Gert sprong op. ‘Helemaal prima. Geschift gedoe dit. Ga je mee, Marit?’

‘Ik blijf,’ antwoordde ze.

‘Verstandig,’ zei de serveerster.

‘Stijve trutten zijn jullie.’ Bruusk draaide Gert zich om. ‘De groeten!’

 

Lid sinds

5 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Dus na corona krijgen wij het Vernieuwde Nieuwe Normaal, knap gevonden, Evelien, maar hopelijk blijft het fictie.

Lid sinds

4 jaar 10 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Evelien, met plezier gelezen! Gert en Marit zijn wel heel verschillende persoonlijkheden, dat beeld je heel treffend uit, vooral op het einde! Ik hoop dat jouw schets van het post-corona-tijdperk geen voorspellende waarde heeft, het leven wordt er dan bepaald niet vrolijker op. 

Lid sinds

1 jaar 7 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Evelien, mooi stuk. Je hebt het Vernieuwde Nieuwe Normaal tot aan het einde goed uitgewerkt. Leuk ook dat de sympathie bij Gert ligt, maar dat hij degene is die moet afdruipen.

 

Lid sinds

7 jaar 11 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Knap verhaal hoor. Wat mij bevalt is, hoe die drie personages in een paar grove penseelstreken geloofwaardig worden geschapen. Vanuit het niets feitelijk. Zoals God dat zou doen. Er zijn dan ook sterke overeenkomsten tussen kunstenaars en goden. Bijvoorbeeld dat beide geen finale zeggenschap meer hebben over hun produkten, eens geschapen. Iemand zou daar eens een artikeltje over moeten schrijven.

Marit. Ik denk dat Gert geluk heeft dat ze aan het eind niet mee ging. Want zij is duidelijk een foon-verslaafde neuroot. Met ticks en controle-gedrag. Merk op hoe voorzichtig ze het apparaat op een metalen oppervlak vlijt. En notabene verstoord opkijkt als haar vrolijke en sympathieke date precies op tijd verschijnt. Een normaal mens zou nerveus zijn als de neten, bij een eerste date. Daarbij komt, Marit heeft een oogje op de serveerster, geloof het of niet.

Gert. Hij is het ongerichte projectiel. Als je hem zou oppakken en schudden, dan hoorde je iets rammelen ergens. In alles het tegendeel van de twee robuuste robots. Dus, als er nog hoop is voor de mensheid, dan door Gert.

Dat alles is opgeschreven met vaart en humor. Doe het maar eens na.

Lid sinds

5 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Straks zijn de reacties nog straffer dan de stukjes zelf. De coach gaat transpireren om beter te doen.

Lid sinds

15 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Ik vond de tegenstelling tussen de serveerster en Gert het grootst. Marit vind ik te weinig van zichzelf hebben. Ik heb dit verhaal met glimlach gelezen. Laten we hopen dat we van de mondkapjes verlost zullen zijn.