Lid sinds

3 maanden 3 weken

Rol

  • Gewone gebruiker

Opdracht #296 - Denkbeeldig gluren bij de buren

Na rijp beraad met mezelf kom ik tot het besluit dat mijn verhaal vol fictieve gebeurtenissen zit, die mijn buren (verre of dichtbije, dat laat ik in het midden) wel eens echt zouden kunnen meemaken 😉.

Ze was er weer vandoor. Op haar fiets. Deed ze aan de nog toegestane beweging of waar was ze nu weer heen?

Hij vroeg het zich best niet meer af. Hij was net blij met de rust, eindelijk eens geen drukke belangrijke vergaderingen. Ach ja, die ene keer per week op scherm, dat viel toch nog mee? Verder nog enkele dingen coördineren. Hij kon intussen zelfs zijn opgroeiende pubers in toom houden. Ze werkten trouw aan hun taken. Soms was omkoping nodig, maar wie vindt dat in deze tijden een ramp? Tieners worden op een keer toch ook volwassen.

Dan hadden zij nog het geluk om in hun tuintje te genieten. Als er al plaats was natuurlijk, tussen haar zonnebloemen, dat wat het moet worden toch, haar rozenstruiken, dat wat het nog niet is, om niet te spreken over haar aanwezigheid.

Wat hij wel wist, werd hier nog maar eens bevestigd. Alles wat gevraagd of geëist werd, daar stond zij boven natuurlijk. Iedereen bleef binnen, hij zorgde grotendeels voor de kinderen en wat deed zij? Zij ging op stap, de behoeftigen, de zieken en godbetert, God betert waarschijnlijk niet, de eenzamen bezoeken. Hadden die haar hulp nodig? Háár hulp?

Maar goed, zo lang zij solidair buitenshuis was, kon hij gewoon verder doen met zijn rust, zijn tempo en eindelijk eens alleen met zijn kinderen. Daar wou hij wel een potje voor koken, een slaatje voor klaarmaken, hun boterham smeren, een spel mee spelen. Hoe lang was dat geleden? Hij had er best plezier in.

’s Avonds toen ze allen rond de tafel zaten, was de rust ver te zoeken.

‘Wat heb jij de hele dag gedaan, manlief?’

‘Thuiswerken! In huis werken! Onze kinderen begeleid in hun taken. Afstand gehouden. In ons kot gebleven.’

‘Wil je dan niet weten hoe mijn dag was?’

‘Natuurlijk schat, hoe was je dag?’

‘Wat ik weer allemaal gezien heb vandaag. De vrouw van George weet het helemaal niet meer. Die kan haar kinderen niet in toom houden. Maar goed dat ik langs ging. Ze is nu weer helemaal opgeknapt. En aan de andere kant van Berchem is er een jong gezin dat niet eens een koertje heeft, waar moeten ze dan heen? Ik ben dan maar even mee geweest tot aan het park zodat ze toch kunnen zien dat – als ze samen blijven bij hun gezin – best tot daar mogen gaan. Als je het niet gezien hebt, geloof je het niet welke ellende er allemaal binnen de huismuren bestaat.’

Hij onderdrukte een geeuw. Die drukte ook altijd. Voor de lockdown bleef ze nog een keer thuis. Parttime job, er zijn voor de kinderen, dát was haar keuze. Hij begon zich stilaan af te vragen hoeveel ze er wel was in die parttime niet werken?

Natuurlijk ontging haar niets. En als er niets was, vond ze het wel uit.

‘Waarom moet jij nu geeuwen schat? Moe van nog een dagje thuis zitten?’ 

 

-Anemos

 

Lid sinds

1 jaar 7 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hallo Anemos

Inderdaad een verhaal dat uit het leven gegrepen kan zijn. Ik denk wel dat je de bedenking die je zelf aan het begin van de tekst eigenlijk niet moet maken. Je zou, als je het kwijt wil, kunnen opschrijven in een reactie op de commentaren, indien nodig.

Laat de lezer oordelen of het geloofwaardig is of niet. Het is dat wel naar mijn smaak.

Toch denk ik dat je het hier en daar nog kan versterken, door wat emotie erin te leggen. Ik haal er onderhuids wat uit dat het niet erg  goed zit tussen dat koppel. Hij kijkt wat naar haar, maar misschien ontvlucht ze hem? 

Deze in heeft ook nog wat werk nodig en probeer dat eens wat anders te formuleren: Dan hadden zij nog het geluk om in hun tuintje te genieten. Als er al plaats was natuurlijk, tussen haar zonnebloemen, dat wat het moet worden toch, haar rozenstruiken, dat wat het nog niet is, om niet te spreken over haar aanwezigheid.

 

   

Lid sinds

7 jaar

Rol

  • Gewone gebruiker

Als antwoord op door Johannawrote

Dag Anemos,

Eerst dacht ik, na de eerste drie zinnen, dat het om de buurvrouw ging. Verrassend voor mij dat blijkt dat het om zijn dominante vrouw ging. 

Mooi weergegeven dat zij overal dingen gaat doen die ze in haar eigen gezin nalaat.

Ook de tegenstelling ' Voor de lockdown bleef ze nog een keertje thuis' vond ik goed.

Groeten

Wilfried

Lid sinds

3 maanden 3 weken

Rol

  • Gewone gebruiker

Als antwoord op door Johannawrote

Dag Johanna,

Bedankt voor je reactie. Het blijft inderdaad wat vaag. Dat is eigenlijk ook bewust gedaan. Ik kijk niet echt binnen bij de buren, ik geef veronderstellingen. Dat wat je zou kunnen denken van buren. Ik merk toch bij mezelf dat ik vaak onbewust, meer sympathie voor de ene dan voor de andere kan opbrengen. En kan ik me ook beter inleven in die sympathieke persoon. De emotie benoemen probeer ik vaak te vermijden en in de actie of beschrijving te laten doorschemeren. En daar kan ik dus aan werken. ;-) 

Over die alinea die je aanhaalde, probeerde ik dit:

 

Dan hadden zij het geluk te kunnen genieten van hun tuintje. Als er al plaats in was, tussen haar groeiende zonnebloemen en haar pas aangelegde rozenstruiken, om van háár aanwezigheid nog maar te zwijgen.