#293 Lente

 

Lieve Loes,

Ik schrijf deze brief op een maandag, mijn favoriete dag zoals je weet. De dag die de week in de startblokken zet en een nieuw begin in zich draagt. Alles ligt nog open. Deze maandag kan ik voor het eerst van het jaar mijn mouwen opstropen om de zon in mijn oude, rimpelige huid te laten dringen. Ik zit in mijn tuin en overzie het grasveld. Straks als het gras groen is, moet er weer gemaaid worden. Maar nu het kort en geel is, wordt er nog niets van me verwacht. De paarse krokussen zigzaggen in een lange rij langs de rand van het grasveld. Weet je nog, dat we afgelopen herfst samen bollen gingen kopen bij het tuincentrum? Jij nam de witte krokussen.

- ‘Dan hebben we verschillende kleuren om op uit te kijken als we bij elkaar op de koffie gaan,’ zei je.

Het bezoek aan het tuincentrum was ook op een maandag. De rest van de wereld was net aan een nieuwe werkweek begonnen, toen wij de doosjes met bollen op de zwarte, vale kassaband legden.

- ’Zo dames, hebben we fijn de tijd aan onszelf?’ zei de jonge verkoper zonder een antwoord te verwachten.

Op weg naar de auto vroeg ik me hardop af of hij ons onze tijd wel gunde.

- ‘Vast wel, ik denk alleen dat hij het zichzelf nog iets meer gunt’, antwoordde jij droog.

Eenmaal in de auto kwam je nog terug op zijn opmerking.

- ‘Onze kinderen zijn groot en onze mannen dood, dan houd je veel tijd over.’

Verbaasd draaide ik mijn hoofd in jouw richting, die toon was ik niet van je gewend.

- ‘Had ik maar niet zoveel tijd voor mezelf,’ zei je met een korte zucht. Er zat veel zwaarte in die zucht.

Toen hadden we inderdaad de tijd aan onszelf. Waar is onze tijd nu gebleven? Jij ligt daar alleen, ik zit hier alleen. Jij ligt binnen met artsen in beschermende pakken om je heen. Ik zit hier buiten aan de koffie met tsjilpende vogels in de eikenboom voor me. De artsen hebben de hoogste graad van kennis, de vogels zingen hun hoogste lied. De tijd lijkt stil te staan, alsof ik van hogerhand in de wachtstand ben gezet. Een onzichtbare hand welteverstaan.

Loesesnoes, ik las in de krant dat een 107-jarige dat rotvirus heeft overleefd. Dan kan een jonge blom van achtenzeventig zoals jij het ook, toch? Laat deze maandag voor jou een nieuw begin zijn. Eerst maar van die beademingsmachine af zodat binnenkort ook jij de vogels kan horen fluiten. Stap voor stap naar nog een beetje meer tijd.

De krokussen en ik wachten op je,

Lea

 

Lid sinds

5 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Minne, daarvoor schrijf je toch op dit forum. Ik vind het altijd fijn als mensen de moeite nemen om mijn teksten te lezen en te voorzien van feedback. Daar leer je van. En als het goed is, is het goed. Dan hoef je daar weinig aan toe te voegen. Fijne paasdagen.

10 april 2020 - 14:06

Lid sinds

7 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi Minne, wat een ontroerend verhaal bevat deze brief. Goede dialoog en ongemerkt word ik als lezer in de laatste alinea's vanuit de relaxte lentesfeer en de mooi omschreven band tussen de twee vriendinnen in de harde realiteit van deze tijd gesleurd. En er is hoop, er blijft altijd hoop. Ik heb van je genoten! Super geschreven!

Mvg Ton Badhemd

10 april 2020 - 16:27