Afbeelding
Foto: Pixabay
Foto: Pixabay
Een gebod dat je in veel Amerikaanse boeken over (scenario)schrijven tegenkomt is: een scène heeft altijd een winnaar en een verliezer. Een gesprek in een boek of een film is dus nooit zomaar een gesprek, er staat altijd iets op het spel. Er is met andere woorden een conflict, waardoor er iets te winnen valt en iets te verliezen.
Grofweg zijn er twee soorten conflicten: 1) twee personen willen allebei iets anders, of 2) twee personen willen hetzelfde, terwijl slechts een van de twee het kan krijgen.
Een voorbeeld van 1): twee fastfoodliefhebbers ruziën over de vraag waar ze gaan eten: bij de Mac of bij Big Kahuna Burgers.
Een voorbeeld van 2): twee mensen proberen de laatste plek op een parkeerplaats te bemachtigen en ruziën over de vraag wie van hen het meeste recht heeft op deze plek (hoe vaak hebben we deze scène al niet gezien?).
Wanneer men over een scène zegt dat die een goede dialoog bevat, dan heeft men het dus vaak over een scène die bol staat van het conflict. Dan gaat het vrijwel altijd over scènes waarin karakters met behulp van verbale manipulatie hun gelijk proberen te behalen.
‘Mag ik daar parkeren?’ ‘Prima.’ is in deze school van denken helemaal geen scène, maar een onvergeeflijke vergissing, die onmiddellijk herschreven moet worden. En wel als volgt: ‘Ik ga daar parkeren.’ ‘Als je het maar uit je bolle kop laat!’
Tegenover deze school van schrijven, waarin een scène pas een scène is wanneer het conflict zo hoog mogelijk oploopt, opdat de karakters zo veel mogelijk verbaal (en in een later stadium wellicht: fysiek) geweld uit de kast moeten halen, staat een school van denken die, nou ja, niet bijster veel instemming heeft gevonden in boeken die ons vertellen hoe we een scène moeten schrijven.
Ik heb het over Geweldloze Communicatie, een communicatiemethode die gericht is op verbinding, begrip en samenwerking, zodat mensen tot win-win oplossingen kunnen komen. Ooit las ik een boek over deze methode en bij elk voorbeeldgesprek in dit boek dacht ik: ‘Allemachtig, als deze uitwisseling in een film zat, dan zou iedereen zeggen: wat een beroerde dialoog.’
Dialogen in films en boeken moeten ‘knallen’, zo zegt men vaak. Het conflict moet escaleren en mensen moeten in alle onredelijkheid naar hun eigen gelijk blijven streven, net zo lang tot er een winnaar overblijft. Dan pas zeggen we: tjonge, wat een goed geschreven dialoog.
Soms, en dit is een persoonlijke noot, vind ik dialogen waarin karakters volgens bovenstaande geboden met elkaar communiceren uitermate vermoeiend. Soms kan ik veel meer genieten van dialogen zoals bijvoorbeeld Haruki Murakami ze schrijft: gesprekken waarin de karakters samen over een interessante kwestie reflecteren of, nog erger, aandachtig naar elkaar luisteren en zelfs constructief met elkaar meedenken.
Wat een slechte dialoog, zegt de liefhebber van het conflictmodel.
Zo zouden alle mensen met elkaar moeten praten, zegt de gelover in Geweldloze Communicatie.
En jij? Hoe kijk jij ertegenaan, als schrijver? Welke visie op menselijke communicatie laat jij doorklinken in je dialogen?
Michiel Richards studeerde scenario aan de Filmacademie, werkte jarenlang als freelance scenarioschrijver voor televisie en andere media en legt zich tegenwoordig toe op het schrijven van romans. ‘Een muur van croutons’ is zijn recentste boek.
Abonnees profiteren van extra voordelen.
Met een combinatie-abonnement Schrijven Magazine en Boekenkrant krijg je 50% korting én veel leesplezier.
Meld je aan voor de Schrijven Nieuwsbrief.
Nog beter leren schrijven? Volg dan een online schrijfcursus bij Schrijfcurssen.nu! In 4 lessen + feedback, te doen wanneer het jou uitkomt. Met korting voor abonnees!