Start » Proeflezen » [roman] De misstap

[roman] De misstap

Door: Ria Smit
Op: 20 mei 2018

Is het geloofwaardig?
wordt je nieuwsgierig?
wat vind je van de schrijfstijl?

Fragment: 

Anna laat zich meevoeren met de stroom vrouwen langs de kramen op de markt, waar ze bieten, aardappels en bloemkool koopt. In haar witte schort en geruite omslagdoek en een wit katoenen mutsje op haar donker opgestoken kapsel, de stevige stappers, steken af bij het geheel.
‘Hé Anna,’ hoort ze plotseling, ‘Ga je mee naar de kermis vanavond?’
Achter haar staat Grietje, een meisje uit haar dorp, een vrolijke spring in ‘t veld met kort helblond haar.
‘De kermis,’ zegt ze verbaasd en staart Grietje aan. ‘Ik weet het niet. Ik heb geen geld.’
‘Ah, doe niet zo flauw, kom gewoon.’
‘Met wie ga je? ‘
‘Met een paar vriendinnen en volgens mij komt jullie Jaap ook. Hij brengt een maat van hem mee. Met die mannen erbij word je vrijgehouden.’
‘Ik zou vanavond naar pa en ma gaan.’
‘Dan kan je niet naar de kermis. Het wordt vast heel gezellig.’ Anna haalt haar schouders op en slentert verder langs de kramen. De kermis, ja daar wil ze wel naar toe, maar het is zaterdag en vanavond gaat ze naar haar ouders. Grietje krijgt dat wel voor elkaar. Anna zou zomaar door willen lopen, zomaar doelloos lopen. Mijmerend over de kermis komt ze weer bij het huis van haar mevrouw in de Dorpsstraat aan, waar ze een dienst heeft voor dag en nacht. Met twee grote jongens, de een gaat binnenkort studeren, de andere is op kostschool, is het geen druk gezin, toch is er genoeg te doen voor haar. Mijnheer werkt als ambtenaar bij het kadaster. De boodschappen zet ze in de voorraadkast en in de kelder.
Glimlachend verschijnt mevrouw in de deuropening, eenvoudig maar stijlvol gekleed, grijze ogen en blond haar: ‘Waar ben je zo lang gebleven?’
‘Ik kwam een meisje uit mijn dorp tegen.’
‘Ja ja,’ zegt ze en verdwijnt uit de keuken.
De keuken, Anna’s domein, is ruim, een houtkachel tegen de achtermuur. Servieskastjes met raampjes, Delftsblauwe borden aan de muur. Bij het aanrecht een raam met uitzicht op de tuin. Buiten bij de pomp haalt ze water en schilt de aardappelen. Deze dienst heeft Anna sinds een jaar en ze verdient er meer dan in haar vorige betrekking in Ouburg. Liever zou ze zelf een huishouden willen bestieren met wat meer voorspoed dan thuis en kinderen opvoeden op haar manier en een leven leiden zoals ze zelf verkiest, meer vrijheid om anderen mensen te leren kennen, fijne dingen doen zoals naar de kermis gaan. Maar de regel is dat ze op zondagavond vrij is en vanavond gaat ze naar haar ouders in Ouburg.

De maaltijd bereidt ze voor zodat mevrouw die alleen hoeft te koken. Ze snelt naar boven, haar lijf siddert van blijdschap en spanning. Als ze naar haar ouders gaat, mag ze eerder weg. Wat wil ze graag naar de kermis. Hier is ze alleen de sloof, de mindere. Ze werkt hard, zonder dat ze het gevoel krijgt dat dat wordt gewaardeerd. Ook al heeft ze op zolder een eigen kamer met een goed bed, toch slaapt ze hier slecht.
Ze is de oudste van vijf kinderen. Thuis sliep ze op de zolder met haar jongere zus Guurtje en in de winter kropen ze tegen elkaar, vanwege de kou. Zij heeft inmiddels een dienstje in de stad. Haar drie jongere broers sliepen op de zolder aan de voorkant van het huis.
Waar ze vannacht kan slapen weet ze niet. Na de kermis kan ze niet terug naar mevrouw, voor haar is ze immers naar haar ouders. Vanavond naar pa en moe lopen is te ver en wat zullen ze zeggen als ze midden in de nacht aankomt? Of zou ze onderdak vragen aan haar oom in de molen? Die man kent ze nauwelijks, hij woont daar helemaal alleen en stel dat mevrouw erachter komt en nog erger, als hij haar ouders een keer ziet…
Ze neemt haar goede jurk uit de kast, bekijkt hem van een afstand, legt hem op het bed en stopt wat ondergoed in haar tas. Starend kijkt ze naar de lucht. Af en toe draait ze zich om en kijkt naar de jurk. Dan kleedt ze zich uit, wast zich bij de lampetkan, grist de jurk van het bed en trekt hem aan.
Beneden glipt mevrouw net uit de kamer: ‘Doe de groeten aan je ouders.’
‘Ja,’ antwoordt Anna. Ze is vrij.

Reacties

janpmeijers
Laatst aanwezig: 1 uur 31 min geleden
Sinds: 8 Mrt 2013
Berichten: 5902

Ria Smit,

'Is het geloofwaardig?'
ik vind van wel
'wordt je nieuwsgierig?'
nog niet echt, zie hieronder.
'wat vind je van de schrijfstijl?'
Die komt wat geforceerd over. Je onderbreekt de handeling/gebeurtenis steeds met algemene (achtergrond)informatie. Dat is wel gangbaar in dit genre (historische streekroman, vermoed ik), maar probeer die info te doseren en het meer onderdeel vh verhaal te maken.
het begin:

Citaat:

Anna laat zich meevoeren met de stroom vrouwen langs de kramen op de markt, waar ze bieten, aardappels en bloemkool koopt. In haar witte schort en geruite omslagdoek en een wit katoenen mutsje op haar donker opgestoken kapsel, de stevige stappers, steken af bij het geheel.
‘Hé Anna,’ hoort ze plotseling, ‘Ga je mee naar de kermis vanavond?’
Achter haar staat Grietje, een meisje uit haar dorp, een vrolijke spring in ‘t veld met kort helblond haar.
‘De kermis,’ zegt ze verbaasd en staart Grietje aan. ‘Ik weet het niet. Ik heb geen geld.’
‘Ah, doe niet zo flauw, kom gewoon.’
‘Met wie ga je?‘

Kijk, als je wat schuift met de informatie, zou het zoiets kunnen zijn: (niet als herschrijf, slechts als voorbeeld)

Anna laat zich meevoeren met de stroom vrouwen langs de kramen op de markt, waar ze bieten, aardappels en bloemkool koopt. In het gedrang voelt ze even aan haar katoenen mutsje. Haar donkere, opgestoken haar zit nog goed.
‘Hé, Anna,’ hoort ze achter zich. ‘Ga je mee naar de kermis vanavond?’
Het is Grietje, een meisje uit haar dorp, een spring in ‘t veld met kort helblond haar.
‘De kermis,’ antwoordt ze en trekt haar geruite omslagdoek recht. 'Ik weet het niet. Ik heb geen geld.’ Ze steekt haar handen in haar witte schort en schraapt met haar stevige stappers over de keien.
‘Ah, doe niet zo flauw, kom gewoon.’
‘Met wie ga je?‘

succes.

Rik Bastiaansen
Laatst aanwezig: 6 uren 12 min geleden
Sinds: 15 Mei 2018
Berichten: 51

Is het geloofwaardig?
Ik zou niet weten waarom niet. (tenzij dit zich af zou moeten spelen in de moderne tijd)

wordt je nieuwsgierig?
Ja, op zich wel.

wat vind je van de schrijfstijl?
Ik sluit me bij JanP aan; er zijn een aantal zinnen die je nog eens goed moet doorlezen, hieronder 2 voorbeelden.

In haar witte schort en geruite omslagdoek en een wit katoenen mutsje op haar donker opgestoken kapsel, de stevige stappers, steken af bij het geheel.
De zin loopt niet.

‘Met een paar vriendinnen en volgens mij komt jullie Jaap ook. Hij brengt een maat van hem mee. Met die mannen erbij word je vrijgehouden.’
Hoe oud is het personage dat deze zin spreekt? Zelfs al hebben we het hier over een andere tijdsgeest, doet het me toch aan alsof het personage richting de 40 jaar oud gaat.

Hopelijk kan je hier iets mee smile

theworldasanotebook.wordpress.com

Ria Smit
Laatst aanwezig: 11 weken 14 uren geleden
Sinds: 9 Feb 2018
Berichten: 77

Dank je wel Jan en Rik voor de reacties
ik was vergeten aan te geven dat het zich afspeelt in 1900

PeterFD
Laatst aanwezig: 22 weken 6 dagen geleden
Sinds: 20 Mei 2014
Berichten: 1706

Ria: ik zie een dik boek voor mij liggen, dit fragment verloopt heel rustig, het is bedoeld om wat informatie te verstrekken

het enige spannende zit voor mij in die oom, het kan haast niet anders dan dat zij daar belandt en wat er dan gebeurt...

je vragen:

Is het geloofwaardig? - best wel, al voelt het niet overal vanzelfsprekend, meer vanwege het verhaal zo neergezet

wordt je nieuwsgierig? - alleen die oom, maar dat is mijn Freudiaanse inborst

wat vind je van de schrijfstijl? - je bent een verteller die nog wat beter op zijn publiek moet leren inspelen: de lezer wil zelf raden, interpreteren, vragen en voorlopige antwoorden verzinnen, het leest lekker als die antwoorden voor een deel enkele zinnen of alinea's later worden gegeven; het doseren van informatie

misschien helpt een voorbeeld: als je met kinderen koekjes gaat bakken laat je ze eerst uit de kast halen wat er allemaal nodig is, een ei hoort erbij 'waarom?', bij het kneden zien ze waarom, eerst laten voelen hoe kleverig deeg aan je handen en aan het aanrecht kleeft, dan de oplossing met een beetje meel, enz.

ik ben een slechte lezer als het om personen gaat, dus niet de norm, maar zelfs bij die paar personen en twee diensten raakte ik de draad al kwijt; soms is een woordje als 'zij' al de schuldige, wie wordt bedoeld? Ik heb geen zin om deze tekst terug te lezen om het uit te zoeken, ik wil dat het duidelijk blijft

ik hou van historische verhalen, onder meer omdat ze leerzaam zijn, voor mij mag je wat meer details geven, maar, zoals anderen opmerkten, liefst op een natuurlijke manier in de handelingen van de personen verwerkt; dat commentaar krijg ik ook op mijn teksten in proeflezen

heel veel succes en vooral plezier met het terug in de tijd schrijven

Peter Fiedeldij Dop, informatieve teksten, verhalen, historische streekromans
redacteur FES Magazine en Elsevier Senioren Nieuwsbrief

Ria Smit
Laatst aanwezig: 11 weken 14 uren geleden
Sinds: 9 Feb 2018
Berichten: 77

Dit is de herschreven versie. De naam Anna is gewijzigd in Lena

Lena laat zich meevoeren met de stroom vrouwen langs de kramen op de markt, waar ze bieten, aardappels en bloemkool koopt die ze in haar rieten mand legt. De beurs in de zak van haar witte schort.
‘Hé Lena,’ hoort ze plotseling, ‘Ga je mee naar de kermis vanavond?’
Achter haar staat Grietje, een meisje uit haar dorp Ouburg, een vrolijke spring in ‘t veld met kort helblond haar, zij heeft hier in Borgerdijk ook een dienstje. Ze draagt geen schort en wit mutsje zoals Lena. Zou haar mevrouw dat weten?
‘De kermis,’ ze staart Grietje aan. ‘Ik weet het niet. Ik heb geen geld.’
‘Ah, doe niet zo flauw, kom gewoon.’
‘Met wie ga je? ‘
‘Met een paar vriendinnen en volgens mij komt jullie Jaap ook. Hij brengt een maat van hem mee. Met die mannen erbij word je vrijgehouden.’
‘Ik ga vanavond naar pa en ma.’
‘Dan kan je niet naar de kermis. Het wordt vast heel gezellig.’ Lena haalt haar schouders op trekt haar geruite omslagdoek over haar schouder en slentert verder langs de kramen. De kermis, ja daar wil ze wel naar toe, maar het is zaterdag en vanavond gaat ze naar haar ouders. Grietje krijgt dat wel voor elkaar. Lena zou zomaar door willen lopen, zomaar doelloos lopen. Mijmerend over de kermis komt ze weer bij het huis van haar mevrouw in de Dorpsstraat aan, waar ze een dienst heeft voor dag en nacht. Mijnheer werkt als ambtenaar bij het kadaster.
Glimlachend verschijnt mevrouw in de deuropening, eenvoudig maar stijlvol gekleed, grijze ogen en blond haar: ‘Waar ben je zo lang gebleven?’
‘Ik kwam een meisje uit mijn dorp tegen.’
‘Ja ja,’ zegt ze en verdwijnt uit de keuken.
De keuken, is Lena’s domein, ruim een houtkachel tegen de achtermuur. Delftsblauwe borden aan de muur. De boodschappen zet ze in de kelder en in de kastjes met raampjes. Buiten bij de pomp haalt ze water en schilt de aardappelen. Deze dienst heeft Lena sinds een jaar en ze verdient er meer dan in haar vorige betrekking in Ouburg. Liever zou ze zelf een huishouden willen bestieren met wat meer voorspoed dan thuis en kinderen opvoeden op haar manier en een leven leiden zoals ze zelf verkiest, meer vrijheid om anderen mensen te leren kennen, fijne dingen doen zoals naar de kermis gaan. Maar de regel is dat ze op zondagavond vrij is en vanavond gaat ze naar haar ouders.

De maaltijd bereidt ze voor zodat mevrouw die alleen hoeft te koken. Bij het aanrecht kijkt ze uit over de tuin. Voor vanavond moet ze wat extra voorbereiden omdat de oudste zoon thuis komt van kostschool, de jongste zoon gaat daar na de zomer ook heen. Voor zichzelf smeert ze wat brood. Ze snelt naar boven, haar lijf siddert van blijdschap en spanning. Als ze naar haar ouders gaat, mag ze eerder weg. Wat wil ze graag naar de kermis. Hier is ze alleen de sloof, de mindere. Ze werkt hard, zonder dat ze het gevoel krijgt dat dat wordt gewaardeerd. Ook al heeft ze op zolder een eigen kamer met een goed bed, toch slaapt ze hier slecht.
Ze is de oudste van vijf kinderen. Thuis sliep ze op de zolder met haar jongere zus Guurtje en in de winter kropen ze tegen elkaar, vanwege de kou. Zij heeft inmiddels een dienstje in Alkmaar. Haar drie jongere broers sliepen op de zolder aan de voorkant van het huis.
Waar ze vLenacht kan slapen weet ze niet. Na de kermis kan ze niet terug naar mevrouw, voor haar is ze immers naar haar ouders. Na de kermis naar pa en moe lopen is te ver en wat zullen ze zeggen als ze midden in de nacht aankomt? Of zou ze onderdak vragen aan haar oom in de molen? Die man kent ze nauwelijks, hij woont daar helemaal alleen en stel dat mevrouw erachter komt en nog erger, als hij haar ouders een keer ziet…
Ze neemt haar goede jurk uit de kast, bekijkt hem van een afstand, legt hem op het bed en stopt wat ondergoed in haar tas. Starend kijkt ze naar de lucht. Af en toe draait ze zich om en kijkt naar de jurk. Dan kleedt ze zich uit, wast zich bij de lampetkan, grist de jurk van het bed en trekt hem aan.
Beneden glipt mevrouw net uit de kamer: ‘Doe de groeten aan je ouders.’
‘Ja.’ Ze is vrij.

PeterFD
Laatst aanwezig: 22 weken 6 dagen geleden
Sinds: 20 Mei 2014
Berichten: 1706

De eerdere versie herinner ik me niet meer, maar dat ligt aan mij.

Ik zie dat ik er opmerkingen over plaatste. Kennelijk heb je aan de tekst gewerkt.

Na lezing van deze versie in reactie #5 zeg ik: verhaal komt natuurlijk, dus geloofwaardig over en ik zou verder lezen als dat kon, want wat gaat zij met haar vrijheid doen?

Er zitten nog wat kleine typefoutjes in, het is een goede gewoonte die eruit te halen alvorens op Bewaren te klikken.

Peter Fiedeldij Dop, informatieve teksten, verhalen, historische streekromans
redacteur FES Magazine en Elsevier Senioren Nieuwsbrief

Ria Smit
Laatst aanwezig: 11 weken 14 uren geleden
Sinds: 9 Feb 2018
Berichten: 77

Dank je wel PeterFD

Lees Schrijven Magazine

THEMA: Week van het Schrijven | Overzicht schrijfcursussen

  • Kritiek geven en ontvangen: o zo moeilijk!
  • Ellen Deckwitz: zo word je een geweldige dichter
  • Schrijftips van Bert wagendorp (Ventoux)
  • Talent pools bij uitgeverijen: hoe kom je erbij?
  • Leer liedjesschrijven van Jan Rot
  • Hoe voorkom je fouten in perspectief?
  • Scenarioschrijven: zo geef je een personage vorm
  • Wat romanschrijvers van speechschrijvers kunnen leren (en vice versa)
  • Hoe vorm je familieverhalen om tot een roman?

Nog geen abonnee? Meld je aan vóór maandag 21 juli 16:00 u., dan krijg je dit nummer thuis!

MELD JE AAN

Lees het komende nummer van Schrijven Magazine. Meld je aan vóór maandag 16:00 u.!

Word abonnee