Lid sinds

5 jaar 3 maanden

Rol

[roman] Begin boek Hypocriet 2

Op veler verzoek... (haha, geintje). Het vorige stuk was niet volledig. Dit is het vervolg van het eerste hoofdstuk. De eerste drie regels zijn de laatste regels van het vorige proeflezen. Wederom ben ik benieuwd hoe het leest, of je door zou willen lezen en wat er anders kan. Fire away.

Fragment

'Nou?' 'Wat nou?' 'Die sleutel. Hoe kom je er dan aan?' * Daar zaten ze. Samen met hun moeder in een kantoor tegenover een man die ze niet kenden. Hun vader was dood gegaan. Robyn had vier dagen en vier nachten gehuild, totdat de tranen op waren. Er kwam nu alleen nog een jammerend geluid uit haar mond. Zelf was ze ook verdrietig maar de woede in haar had de overhand. Ze had alles in haar kamer omver gegooid en kapot gemaakt. Daarna was ze naar de huiskamer gegaan en had daar zo veel mogelijk kapot gemaakt. Ze bleef schreeuwen, naar later bleek meer uit woede. Zelfs het aquarium was niet veilig. Ze sloeg er met een pollepel tegenaan en toen ze doorhad dat dat niet werkte, kwam ze terug met een hamer. Melanie spoog haar koffie over de grond bij het getik van de hamer tegen het glas. Ze schoot uit haar vel en rende naar Manon, pakte de hamer af. Ze had haar direct opgetild, was naar boven gegaan, nam Robyn bij de hand, nam beide zussen naar beneden, worstelde ze de auto in, reed weg en belde onderweg Isabella om te vragen of ze naar de stichting kon komen. Dat kon. Manon was gestopt met schreeuwen nadat ze de stem van Isabella hoorde. Melanie keek in haar achteruitkijkspiegel, ze zag dat Robyn de hand van Manon had vastgepakt. Of was ze stil omdat Robyn haar hand had gepakt? Met z'n drieën waren ze naar het kantoor van Isabella gelopen. Mogen de meiden hier met een groep meedoen? had ze gevraagd. Ze hebben afleiding nodig. Natuurlijk kon dat, we gaan meteen naar beneden. Doe jullie jassen maar uit dan gaan we kijken welke groep jullie het leukst vinden. En nu zaten ze bij die man. In zijn kantoor. Hij probeerde aardig te doen, wat niet echt lukte. Waarschijnlijk ook omdat Robyn en zijzelf er niet open voor stonden. Opeens begon hij een heel verhaal op te hangen, hij las voor uit de papieren die hij in zijn hand had. Hun moeder luisterde aandachtig en op een gegeven moment hield ze haar hand voor haar mond. 'Wat zegt u?' had ze gezegd. De man had haar aangekeken. Hij herhaalde de zinnen die hij kort daarvoor had voorgelezen. Ze keek naar haar en Robyn. De man vervolgde zijn verhaal en hun moeder had nog een paar keer gevraagd wat de man zei. 'Tja,' zei de man op het eind. 'Tja,' zei hun moeder. 'U zult een aantal dingen moeten regelen, dit is niet niks. We kunnen u daarbij helpen als u dat wilt. Maar daar staat u natuurlijk vrij in.' Hun moeder had wat geknikt. 'Ik zal er even over na moeten denken.' 'Dat begrijp ik,' zei de man. 'Maar dit is nog niet alles.' 'Oh?' De man deed een la open en haalde er twee verzegelde enveloppen uit. 'Meneer DeLano heeft mij deze twee enveloppen toevertrouwd. Ze zijn bestemd voor jullie dochters, Robyn DeLano en Manon DeLano. Ik geloof dat ze hier allebei aanwezig zijn.' Ze keken alle drie naar de man en naar de enveloppen. 'Hierbij overhandig ik jullie de enveloppen,' en hij gaf de envelop met Robyn Luela DeLano aan Robyn en die met Manon Dion DeLano aan haar. Wat was ze trots geweest op die naam. Ze glunderde helemaal en hield de envelop tegen zich aan. 'We maken ze thuis wel open,' zei hun moeder opeens. De meisjes zetten het op een huilen en wilden de enveloppen direct openmaken. Maar hun moeder was onverbiddelijk. 'Was dat het?' 'Er moet nog een en ander getekend worden. Als dat is gedaan, dan zijn we hier klaar. Ik wil u nog wel vertellen dat onze diensten hier niet stoppen. Als u later nog vragen blijkt te hebben, belt u dan gerust voor een afspraak.' 'Dank u.' Ze stonden op en zeiden gedag. 'Kende u Gus goed?' vroeg Melanie toen ze bij de deur stonden. De notaris dacht even na. Hij had zeker al vijftien jaar voor Gus gewerkt. 'Ik denk het niet,' antwoordde hij. Ze keek op van het antwoord. 'Hoe bedoelt u, ik denk het niet? U kent hem toch al een poosje.' 'Zoals ik het zeg.' Melanie knikte. Ze begreep het niet helemaal maar toch ook weer wel. De meisjes stonden buiten te jengelen, dus ze liet het er bij. Ze schudden handen en Melanie liep naar de auto. 'Willen jullie nog ergens naartoe, meiden?' 'Naar huis!' riepen ze tegelijkertijd. Hun moeder lachte. 'Dametjes Ongeduld, we zullen de enveloppen thuis meteen openmaken.' * 'Het is een aandenken van vroeger, ik heb 'm gekregen.' 'Van wie dan?' 'Gaat je niks aan.' 'Ooh, sorry hoor.' 'Ik ga. Ik app je wel.' Ze stond op en liep zijn slaapkamer uit. 'Hee, je hebt mijn telefoonnummer helemaal n.' Met een klap sloeg ze de deur dicht.

Lid sinds

3 jaar 9 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Melanie spoog haar koffie over de grond bij het getik van de hamer tegen het glas.
Pas dan? Niet wanneer haar dochter de rest van we woonkamer kort en klein slaat? Ik vind het opnieuw vrij lang. Je mag dit korter vertellen. Zowel op niveau van de alinea's als op woordniveau.. Bijvoorbeeld 'de woede in haar' is onnodig lang voor 'haar woede'. Dat leest een pak vlotter Of bij 'Er kwam nu alleen nog een jammerend geluid uit haar mond'. Daar kan je van maken 'Nu jammerde ze alleen nog maar.' Verder ook woordgebruik en grammaticafoutjes die het iets minder vlot doen lezen. Mogelijks is het beroepsmisvorming dat dit mij stoort, maar ik vind dat sommige dingen het minder vlot doen lezen:
Ze had haar direct opgetild, was naar boven gegaan, nam Robyn bij de hand, nam beide zussen naar beneden, worstelde ze de auto in, reed weg en belde onderweg Isabella om te vragen of ze naar de stichting kon komen.
Naast de lengte stoort het ook dat je werkwoordstijden net kloppen: 'had opgetild' = VVT 'was naar boven gegaan' = VVT 'nam bij de hand.' OVT --> Een combinatie mag alleen als je vanuit een OVT zin teruggrijpt naar iets in het verleden, vb: Hij vroeg (OVT) of ze de krant al had gelezen (VVT). De krant lezen zou al dan niet moeten gebeurd zijn voor het stellen van de vraag. Hier vertel je een sequentie aan acties, die moeten in dezelfde werkwoordstijd staan. Ik zou de zin ook proberen te verdelen in 2-3 zinnen.
open voor stonden
= voor openstonden --> scheidbare werkwoorden proberen zo veel mogelijk samen te houden. Dat leest veel makkelijker (en is grammaticaal correcter).
Ze schoot uit haar vel en rende naar Manon, pakte de hamer af.
Ze schoot uit haar vel, rende naar Manon en pakte de hamer af. --> de 'en' moet bij het laatste dele van de opsomming. Opnieuw is dit fijner om te lezen en grammaticaal correcter.
Mogen de meiden hier met een groep meedoen?
Doe jullie jassen maar uit dan gaan we kijken welke groep jullie het leukst vinden.
--> aanhalingstekens wanneer iemand iets zegt. Daarnaast vind ik die zin zo vreemd in het hele stuk. Wie is Isabella (ik vermoed een psychiater/psycholoog?), hoe komen ze van daar naar die notaris? Wat het ook minder aangenaam maakt om te lezen, is je perspectief. Je vertelt als verteller en beschrijft gedachten en gevoelens van Manon, de moeder en de notaris. Het is een flashback van Manon, dus probeer het vanuit haar perspectief te schrijven. Hoe ervoer zij het? Op die manier gaat het nog geheimzinniger worden, zonder dat het storend is. Nu is het geheimzinnig, maar je kent wel van iedereen gedachte, maar net niet diegene die alles duidelijk zouden maken. Dat is nogal vervelend, je verspringt van perspectief maar verzwijgt toch veel. Daardoor zit je niet in het verhaal (je volgt niet 1 personage) en je weet bovendien niks. Je weet dus eigenlijk van niemands echt iets want je krijgt slechts stukjes van iedereen. Ga voor het standpunt van Manon, laat ons mee beleven wat zij toen beleefde en laat ons samen met haar verward zijn over wat de notaris en de moeder bespreken. Dan heb je een reden om het gesprek tussen en buiten beschouwing te laten. Manon als kind snapt er niets van. Heb ik het juist als ik denk dat die sleutel in de brief zat? Zo niet dan zou ik de flashback aanpassen, want dan heb ik geen flauw idee waarom die in dit stuk van het boek relevant is. Maak het misschien sowieso iets duidelijker, door te zeggen dat Manon geen platte brief voelde, maar een oneven voorwerp of zo. Hopelijk kan je hier wat mee. Als je vragen hebt over de feedback, let me know. Veel succes! Ik kijkt uit naar je herwerking :)

Lid sinds

9 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Ik reageer op beide fragmenten 'Hypocriet' en 'Hypocriet 2' samen. Dat is wel tegen de regels hier, maar zowat iedere proefschrijver knipt proefleesstukken in proefleesstukjes om uit het 4800 byte-keurslijf te barsten en dat wordt ook getolereerd. Goed gedaan, hoe je de flahback onderscheidt van de slaapkamerscene door verschillend taalgebruik: dialoog in telegramstijl in de slaapkamer, beschrijving in volzinnen in het notariskantoor. Dat de dialoog wat ongeinspireerd overkomt, vind ik juist goed: mensen die net wakker worden zijn voor hun eerste kop koffie zelden eloquent. Maar sommige proeflezers vallen daar over, willen het verbeteren omdat het lijkt dat je het per ongeluk doet. Remedie: versterk het effect, totdat iedereen doorheeft dat het een effect is en geen gebrek aan schrijftalent. Bijvoorbeeld door te beginnen met alleen nmaar ongeinspireerde dialoog, en pas later de toelichting. 'Kut.' (Dit heeft wel wat als sterke openingszin!) 'Huh? Waddizzur?' 'Kut. Zei ik.' 'O.' 'Ja. Kut. Dat pokketafeltje. Mijn kop gestoten. Waar is mijn onderbroek?' 'Zal ik licht maken?' Manon zat op handen en knieen voor het bed toen Jan eindelijk het lichtknopje had gevonden (...) . En zet die gedragener beschrijvende stijl in het notariskantoor ook direct fors in - niet met "Daar zaten ze" maar: Manon en haar moeder waren volgens op afspraak om 09:00 (negen uur des ochtends) ten burele van de notaris verschenen, daags na het overlijden van haar vader. En schrijf de dialoog in de advocatekantoor-scene in indirecte rede, ook voor het onderscheid: Haar moeder antwoordde de advocaat dat ze niet langer gebruik zouden maken van zijn gastvrijheid en dat ze de brieven thuis wel zouden openmaken. En zorg ook voor een laatste zin die in het geheugen van de lezer blijft hangen, in de slaapakmer vlak voor de terugblik, en kom terug met die laatste zin, zodat de lezer weer gemakkelijk in het verhaal terug komt: 'Zelf gemaakt?' 'Nee.' 'Ik geef het op.' 'Ik ben er mee geboren,' zei Manon ernstig. -0- Manon en haar moeder waren (...) thuis wel zouden openmaken. -0- 'Wat? Ben je er mee geboren? Met die sleutel? Om je nek? Maar ... maar dat kan toch helemaal niet?' Zo komt de lezer weer helemaal terug in de nog niet helemaal wakkere sfeer in de slaapkamer. Neem mijn suggesties niet letterlijk over; ik overdrijf het en je schrijft zelf veel beter. En in die flashback op het naotariskantoor komt direct een andere flashback naar thuis, waar Robijn vier dagen en nachten had gehuild. Erg ingewikkeld, zo vroeg in je roman. Bewaar die gooi en smijtscene liever door een aparte flashack, later. Een paar details die ik niet snap: 1. Manon heeft blijbaar de sponde gedeeld met een vent waarvan de naam er niet toe doet, die haar telefoonnummer niet kent, en die ze niet meer wil terugzien en pas de volgende ochtend ontdekt hij dat ze een sleutel om haar nek heeft. Hebben ze dan helemaal niet liggen vozen of heeft hij geen handen? 2. "Samen met hun moeder in een kantoor tegenover een man die ze niet kenden. Hun vader was dood gegaan." > Is die doodgeganene de vader van zowel Manon als Manons moeder?

Lid sinds

5 jaar 7 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Een paar kleine dingetjes: "Hun vader was dood gegaan." Overleden zou hier meer passend zijn. Daarna spreek je over "ze" en dat "ze" boos was, maar wie is "ze"? De moeder of Robyn? "Ze had haar direct opgetild, was naar boven gegaan, nam Robyn bij de hand, nam beide zussen naar beneden, worstelde ze de auto in, reed weg en belde onderweg Isabella om te vragen of ze naar de stichting kon komen." Was, nam, nam. Dat klinkt niet echt letterlijk. "Opeens begon hij een heel verhaal op te hangen, hij las voor uit de papieren die hij in zijn hand had" Het stuk voor de komma klopt niet en klinkt niet lekker. Je kan het stuk voor de komma ook gewoon weglaten en het stuk na de kommen doorschuiven. "Hun moeder had wat geknikt." Hun moeder knikte klinkt beter. De enter die daarop volgt is overigens overbodig. Dialoog mag/moet op de zelfde lijn staan. Verder interigeert het verhaal, en dat zeg ik niet snel :)

Lid sinds

10 jaar 6 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
'Hee, je hebt mijn telefoonnummer helemaal n.'
Misschien bedoel je; 'Hee, je hebt mijn telefoonnummer helemaal n...'
Zelf was ze ook verdrietig maar de woede in haar had de overhand.
Zelf was ze ook verdrietig, maar de woede in haar had de overhand.
Met een klap sloeg ze de deur dicht.
Slaapkamerdeur? Gangdeur? Voordeur? Achterdeur?