Start » Proeflezen » [kort verhaal] De tram en de fiets

[kort verhaal] De tram en de fiets

Door: hansvdk
Op: 21 oktober 2018

Ik schrijf voor het eerst een kort verhaal. Ik schrijf veel gedichten, die op zich ook korte verhaaltjes zijn, maar een echt kort verhaal is toch anders. Ik hoor graag jullie mening over het verhaal zelf, de opbouw en stijl.

Fragment: 

De tram was vol. We keken met interesse naar het perron, waar een kleine vrouw met een grote fiets stond te wachten. Dat haar fiets in onze tram zou passen leek ons niet mogelijk.

Haar ogen stonden donker, maar je zag dat er vuur van snijbranders uit kon ontbranden en alles verzengen wat in haar baan kwam. Ze drukte haar fiets de menigte in zoals een chirurg zijn mes in het vlees zet. We weken gedwee opzij.

Ze pakte haar telefoon. “Ik heb nu wel een tas, maar geen schoenen, Geoffrey. Hij moet in ieder geval morgen schoenen hebben”. Het bleef even stil. Geoffrey leek haar probleem niet op te gaan pakken. 

“Ik zit nu in de tram met de fiets en dan ga ik zo wel lopend de auto halen”, vatte ze haar positie bondig samen, hoewel ze niet zat. “En die Leslie moet niet denken dattie morgen met mij meerijdt. Hij komt bij mij de auto niet in”. Terwijl ze het zei keek ze om zich heen. Haar punt was gemaakt, ze zocht tegenspraak. Iemand zou het voor Leslie op kunnen nemen. Maar we kenden hem niet. Het was onze zaak niet.

Ze hing op. Geoffrey hoefde er weer niet veel aan te doen. Alleen in uitgeklede toestand was er dadendrang bij Geoffrey, daar had ze zich al lang geleden mee verzoend. 

Opeens was het morgen sportdag. Met een auto vol puberjongens naar een ver-weg sportveld rijden. Aanmoedigen. Meeschelden. Skinny jeans aandoen. Flirten met de grens. Ze had het in huis.

Thuis had haar agenda al weken de sportdag omcirkeld staan. Haar zoon had er geen zin in, gamen was ook beweging. Dus om nu met je moeder de stad in te gaan voor sportschoenen en dan ook nog de verkeerde, duhhuh. Die sufkut wilde steeds maar niet begrijpen waar het eigenlijk om gaat. Net als dat overreacting dingetje toen Leslie met één jointje langskwam. Die gast werd zowat aan zijn haren het huis uit gesleurd. Ja, vindt je het gek dattie dan kutwijf gaat roepen. Gast ! Waar gaat het over, zeg.

De tram schudde zachtjes in de rails. Haar fiets, haar haren, de ritsen in haar jack, alles schudde ritmisch mee. We waren benieuwd naar haar borsten, maar iedere glimp bleef verborgen onder het leren jack. 

Ze belde weer, maar opeens leek de wereld zuurstokroze te worden. Haar stem ging omhoog, zoals altijd onder meisjes: “Hoi Nance, met Anouk, schat. Zou ik je moeder even aan de lijn mogen ?” Anouk was een topwijf, een wereldmoeder. Meedansen op schoolfeesten. Het zomaar over neuken hebben. En niet gadver-genant of zo, maar gewoon, of het gewoon was. Dat deed geen een moeder. Anouk zou een tribal tattoo juist leuk vinden. Of een jointje roken. Wereld-Anouk. 

Maar nu zette topwijf Anouk even de vriezer aan. Kletterend vielen ijsblokjes de telefoon in. “Jouw Leslie komt bij mij morgen de auto niet in. Wat hij flikt kan niet, snap je dat. Snap je dat wel ? “ Mama-van-Leslie sputterde hoorbaar, maar er smolt nog geen blokje. Alleen de tram schokte even. “Ik heb geen sorry gehoord. Hij zoekt het maar uit. Jij zoekt het maar uit, met je fijne jongen. Je weet waar mijn grens ligt. Doe er wat aan”.
Ze hing op. Ze keek weer rond, naar ons, op zoek naar houvast. Opeens zag ze er moe uit. Zonlicht streek door het raampje en raakte onverbiddelijk de rimpels rond haar ogen, en gaf er genadeloos extra schaduw aan. Het was dat haar jack de stoerheid nog kon vasthouden, maar de overgave was dichtbij.
Hoewel we aan haar lippen hingen, vermeden we angstvallig haar blik. Meer dan wie ook had ze ons nodig, zoals we daar schouder aan schouder tegen de stangen in de tram hingen. En we zouden haar kunnen helpen, haar fiets wegzetten, de auto halen, schoenen kopen, het goed maken namens Leslie. Een arm om haar schouder slaan. “Het komt wel goed” zeggen. Maar we deden niets. Het was onze zaak niet. 

De tram stopte achteloos op haar halte. Ze trok haar fiets uit het rek en duwde hem met een vastberaden beweging naar de deuren. We hoefden niet opzij, maar als vanzelf schoven we een beetje in. Uit schuldgevoel. 

Op het perron bleef ze even staan, besluiteloos. Nu lopend de auto halen. En schoenen. En morgen die Leslie in de auto gooien en geen woord erover zeggen. 

Of gelijk door, de wereld in, fiets neerzetten, niet op slot, fuck schoenen, fuck Leslie, een ticket enkele reis, een nieuw leven, nieuwe Geoffreys, een warm zandstrand, een minikini die past, haren nat, blote voeten. Een tribal tattoo. Een joint, in de hangmat. De zon gaat onder. 

De zon ging onder achter de flats achter de tramhalte. Haar auto wachtte.

In de tram bleef een immense leegte achter.

Reacties

janpmeijers
Laatst aanwezig: 5 uren 34 min geleden
Sinds: 8 Mrt 2013
Berichten: 5741

hansvdk,

Inhoud vind ik leuk.
De functie van 'we/wij' zie ik niet.
Qua stijl mag het een paar tandjes minder. Schrap met name de uitleg. Dat is wat de lezer zelf bedenkt.
Paar dingetjes:

Citaat:

Haar ogen stonden donker, maar je zag dat er vuur van snijbranders uit kon ontbranden en alles verzengen wat in haar baan kwam.

Als je zo'n beeldspraak gebruikt, formuleer dan juist. Ogen is het onderwerp, niet de vrouw ( ... alles zou verzengen wat in hun baan kwam. Of maak het compact: ,maar je zag er (al) het (verzengende) vuur van snijbranders in.

Citaat:

Ze drukte haar fiets de menigte in zoals een chirurg zijn mes in het vlees zet.

ze drukt haar fiets dus uiterst beheerst en zeer precies de menigte in?

schap dit soort samenvattende info bij wat de vrouw zegt:
'vatte ze haar positie bondig samen'
'Haar punt was gemaakt,'

'Ja, vindt je het gek' - vind
Gast ! geen spatie tussen woord en uitroepteken. (Punt en komma komen ook steeds direct achter het woord.)

terzijde: bij het woord perron denk ik aan een trein

succes.

Menno Marrenga
Laatst aanwezig: 3 weken 1 dag geleden
Sinds: 27 Okt 2013
Berichten: 603

Prachtige sfeertekening!

In de eerste alinea gebruik je twee beelden vlak na elkaar, de rest van je verhaal is opopgesmukt beschrijvend. Overweeg die twee beelden ook weg te laten. "vuur in de ogen" is al beeldend, die snijbrander en dat alles verzengen is verder niet nodig. En als je "drukte haar fiets in de menigte" vervangt door "ramde haar fiets tussen de mensen" is die chrurg niet meer nodig, desnoods kan je iemand laten tegensputteren als die die het fietsstuur in zijn maag krijgt.
Ook zou ik een tram niet "achteloos" laten stoppen.

Geoffreys plaats in dit verhaal is me niet duidelijk. Je registreert objectief als een camera, dat Geoffrey geen dadendrang heeft en ze zich daarmee had verzoend is dan een stijlbreuk. Suggestie: Houd die objectieve registratie consequent vol. Laat haar ook door de telefoon meedelen hoe ze over Geoffrey denkt, dat het morgen sportdag is, en dat zoonlief hangpubert.

hansvdk
Laatst aanwezig: 3 weken 3 dagen geleden
Sinds: 18 Okt 2018
Berichten: 2

Dank je wel ik ga met jullie opmerkingen aan de slag !

Schrijven

Iedere week het beste van Schrijven Online in je inbox? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief. Boordevol nieuws, tips, aanbiedingen en winacties!

Schrijf je in!
MIs het komende nummer van Schrijven Magazine niet!

THEMA: Schrijf die familieroman!

  • 9 tips om jouw familieverhaal tot een succes te maken
  • Researchen voor een familieverhaal, hoe doe je dat?
  • 'Het begint met pure fascinatie' - succesvolle non-fictie-schrijvers over hun werkwijze
  • Elke Geurts schreef een roman over haar scheiding
  • Hoe schep je sfeer in verhalen?
  • Schrijf jij de nieuwe Game of thrones?
  • Rosita Steenbeek: 'Tijdens het wandelen vallen dingen op hun plek'
  • Essentieel in het schrijfproces: keuzes maken 
  • Hoe schrijf je een scenario?

Dit nummer ligt omstreeks 14 december in de winkel.

WORD ABONNEE