Start » Proeflezen » [kinderverhaal] Lichtjestocht

[kinderverhaal] Lichtjestocht

Door: Renegades
Op: 10 januari 2019

- Kun je in je hoofd een film van dit verhaal maken (zie je voor je wat er gebeurt)? Zo nee, waar loopt de film vast?
- Ik vind het lastig om in te schatten hoe ik in de dialogen moet verwijzen naar degene die het zegt. Wanneer verwijs je met 'hij' en wanneer met 'meester Henk'? Heb ik de dialogen op logische plekken in het verhaal staan en is het overal duidelijk wie wat zegt?
- Zitten er voldoende elementen in het verhaal die ervoor zorgen dat je verder wilt lezen?
- Voor welke leeftijd denk je dat dit verhaal is geschreven?

Fragment: 

Van alle keren dat ik liever onder een warme deken op de bank tv kijk, staat vanavond op de eerste plaats.
Het heeft nog nooit zo hard gesneeuwd als vandaag. Toch vond mijn school het een goed idee om vandaag een lichtjestocht uit te zetten. Ze vonden het ook een goed idee dat kinderen uit groep acht meehelpen bij schoolactiviteiten. Daarom sta ik nu op een ijskoud schoolplein een kraampje te versieren.
Over een half uur komen de eerste ouders en kinderen hier chocolademelk halen. Daarna lopen ze in groepen de lichtjestocht. Mijn zusje komt ook. Jikke zit in groep vier en heeft het al een week over niets anders. Vorig jaar heeft ze ook meegelopen. Op de route staan posten waar je een vraag moet beantwoorden of een opdracht moet uitvoeren. Als je dat goed doet, krijg je een muntje. De groep met de meeste muntjes wint een grote beker: de lichtjesbokaal.
Ik pak een slinger uit de doos die op de kraam staat. Terwijl ik de vlaggetjes uit de knoop haal kijk ik over het plein. Het is al donker, maar door de sneeuw kan ik de speeltoestellen op het plein nog goed zien. Het plein is leeg want iedereen is thuis aan het eten. In de verte hoor ik alleen juf Katja hijgen. Ze staat bij de wip en duwt met een sneeuwschuiver een berg sneeuw voor zich uit. Ze laat een donker spoor van stoep achter.
Eindelijk heb ik de slinger uit de knoop. Net als ik het begin heb gevonden hoor ik vlakbij voeten schuifelen in de sneeuw. Ik kijk om en zie meester Henk van groep drie met een grote fles zeulen. Zijn broekspijpen zijn doorweekt van de sneeuw en uit zijn mond komen witte wolkjes.
‘Goed bezig, Loes,’ hijgt hij als hij bij de kraam is. Ik vind het knap dat hij mijn naam al kent. Hij geeft me niet eens les en werkt pas twee maanden op onze school.
‘Door die sneeuw krijg ik er steeds minder zin in,’ puft hij en hij wijst naar de fles. Die is lang en dun en er komt een slangetje uit de bovenkant.
‘Eerst heb ik de hele school afgezocht naar dat onding,’ gaat hij verder. ‘Terwijl ik daarmee bezig was, belden twee moeders af die bij een post zouden staan. Allebei verkouden.’
Ik knoop het begin van de slinger vast aan een paal van de kraam. ‘En nu?’
Hij haalt zijn schouders op. ‘Geen idee,’ mompelt hij.
Ik staar naar juf Katja. Ze is midden op het schoolplein en schuift net een nieuwe streep sneeuw weg.
‘Kun je niet twee posten samenvoegen?’ stel ik voor.
Nog voor meester Henk kan antwoorden hoor ik het geluid van een brullende leeuw. Hij haalt een telefoon uit zijn broekzak die minstens drie keer zo dik is als die van mij.
‘Met Henk van Driel.’ Zijn stem klinkt alsof hij net heeft gehoord dat het de hele avond gaat hagelen.
Ik wikkel de slinger om een andere paal en begin aan een nieuwe knoop.
‘Ach, dat is vervelend,’ hoor ik meester Henk zeggen. ‘Wens haar maar beterschap van mij.’
Met een zucht stopt hij zijn telefoon weg en geeft een trap tegen de sneeuw. Een witte wolk vliegt over het plein. Eerst klettert er sneeuw op de grond. Dan zweven er alleen nog piepkleine sneeuwvlokjes in de lucht.
‘Nog een post minder?’ vraag ik voorzichtig.
‘Ik zal blij zijn als ik vanavond thuis ben,’ zucht meester Henk. ‘Wil jij niet bij een post staan?’
Even wil ik eerlijk zijn en zeggen dat ik er geen zin in heb, maar dan zie ik zijn sippe gezicht en krijg ik medelijden. Hij had het goed geregeld, maar iedereen laat hem in de steek.
Hij ziet me twijfelen. ‘Ik weet dat het koud is en dat je liever naar huis gaat, maar…’
Ik onderbreek hem. ‘Ik doe het wel.’
Voor het eerst zie ik zijn mondhoeken iets omhoog gaan.
‘In de aula ligt een stapel met instructies voor de posten. Kies maar een plek waar je graag wilt staan.’

  • De grootste uitdaging voor iedere schrijver: de erotische scène
  • Zo repareer je een haperend plot
  • 8 manieren om taalvouten te voorkomen
  • De 10 schrijfregels van Carolina Trujillo en Henk van Straten
  • Je debuutroman schrijven in New York, Bert Moerman deed het
  • Schrijftips van bestseller auteur Abdelkader Benali
  • Alles wat je moet weten over het schrijven van dialogen
  • De schrijfgeheimen van Ingmar Heytze
  • Waar let een bureauredacteur op?
  • Een nieuwe editie van ons literaire katern Alice met daarin o.a. de winnaars van onze schrijfwedstrijd 'De Bruiloft'

Als je je aanmeldt vóór maandag 25 maart 16:00 u. krijg je dit nummer thuis!

MELD JE AAN
Schrijven

Iedere week het beste van Schrijven Online in je inbox? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief. Boordevol nieuws, tips, aanbiedingen en winacties!

Schrijf je in!