Lid sinds

9 jaar 5 maanden

Rol

[Fantasy] Donkere dagen.

Hallo allemaal! Ik twijfel over dit begin. Wat ik wil weten is: - Geeft het begin te veel informatie weg (dat doe ik nogal vaak)? - Hoe is mijn schrijfstijl? - Andere opmerkingen? x sabine

Fragment

Jade word wakker met een somber gevoel. De zon komt door de halfgeopende gordijnen haar kamer ingevallen. Ze zucht en opent haar raam. Wanneer ze haar nachtjapon uittrekt vertrekt ze haar gezicht. Met haar hand strijkt ze over haar schouder. De afdrukken van zijn vingers zijn diep haar huid in geboord en dreigen blauw te kleuren. Ze denkt terug aan zijn vingers die haar schouder beet pakte en haar hard naar achter trok. Ze strijkt met haar hand over de plek in haar nek waar hij de loop van het pistool indrukte. De gedachten laten haar tranen weer de vrije loop nemen. Ze schrikt op als er hard op haar deur word gebonkt. Het getimmer op de houten deur galmt door haar kamer. “Tijd om op te staan” schreeuwt één van de baas zijn dienstmeiden. ‘Ja ja’ mompelt Jade, eigenlijk niet van plan te reageren maar zich op het laatste moment bedenkt. Als die trut van een dienstmeid die plekken ziet, gaat het natuurlijk weer het hele huis door. Ze besluit zich aan te kleden nadat ze met één van de ruwe doeken haar lichaam een beetje heeft schoongemaakt. In haar kamer is niet meer dan een bed, een bureau en een piepklein kastje waar al haar bezittingen inzitten. Toch heeft ze geluk met haar kamer, met een groot raam dat uitzicht geeft op het verre bos. Op de vensterbank van dat raam zijn al heel wat van haar tranen terecht gekomen. Dromend van een ontsnapping. Ze loopt al richting de ontbijtzaal als er een meisje naast haar komt lopen. Jade schrikt want het is geen gewoon meisje. Ze heeft een bleke huid en haar ogen zijn rood. Toch stralen haar ogen en dat compenseert de vieze witte nachtjapon dat haar slanke lichaampje bedekt. Het meisje zegt niks, ook niet wanneer Jade blijft staan. Jade weet dat zij ook niet terug moet praten omdat anders de dienstmeiden het horen en die zullen het natuurlijk wel weer verklikken aan de baas. Plotseling kijkt het meisje haar recht in de ogen aan. Met een klein beverig stemmetje zegt ze: “Ik was hier ook ooit.” Ze kijkt wazig uit haar ogen. Jade wacht tot ze nog meer zegt. “maar nu niet meer” en een grote rode druppel vind zijn weg uit haar oog naar beneden. Jade kan een gil niet onderdrukken wanneer het gezicht van het meisje veranderd in een massa bloederige tranen. Ze knijpt haar ogen dicht. Als ze haar ogen weer opent kijkt ze in het gezicht van 3 dienstmeiden. ‘Ik…’ stamelt Jade. ‘ik dacht dat ik een muis zag’ Geërgerd lopen twee van de dienstmeiden weg en nadat de derde haar nog even arrogant en onderzoekend aan had gekeken loopt ook zij weg. Trut, denkt Jade bij haar zelf. Jade zoekt een plek aan één van de ontbijttafels. Een paar van de mensen die aan de tafels zitten kijken naar haar. Wanneer ze de blik van één van de anderen vangt huivert ze. Zijn ogen zijn net zo rood als het meisje van net en hij staart haar met net zo’n wazige blik aan. Ze schud met haar hoofd en de man verdwijnt.

Lid sinds

17 jaar 5 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
afdrukken van zijn vingers zijn diep haar huid in geboord -> kan niet, of er moet een diep gat in haar lichaam zitten; dus: vingerafdrukken STAAN. Ze denkt terug aan zijn vingers -> dat doet ze alleen maar, als ze een erotisch avontuur heeft beleeft, nu denkt ze terug aan zijn hoe hij haar hardhandig vastgreep. Ze schrikt op als er hard op haar deur word gebonkt. -> let op je gebruik van bijv nwd. Hier: als er wordt gebonkt is dat altijd hard.-> verwijder "hard" Trut (!?) weet je eigenlijk wel wat dat is, dit soort woorden kan je (beter) niet gebruiken.

Lid sinds

9 jaar 5 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
@Dinand, Dankjewel voor je reactie. Ik zal naar die punten kijken en ze verbeteren. Ik zal proberen een alternatief te bedenken voor trut, zelf vond ik het ook nogal grof staan maar kon niks beters verzinnen. Anders zal ik het wel helemaal schrappen. x sabine

Lid sinds

10 jaar 6 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Hey Sabine, Je verhaal is heel spannend en maakt me nieuwsgierig naar de rest! Je schrijfstijl is mooi en leest fijn. Hier en daar zitten er nog wel wat foutjes en onlogische stukjes in dus die heb ik er even uitgehaald. Hier komen ze: 1 De afdrukken van zijn vingers zijn diep haar huid in geboord en dreigen blauw te kleuren. Ze denkt terug aan zijn vingers die haar schouder beet pakte en haar hard naar achter trok. Ze strijkt met haar hand over de plek in haar nek waar hij de loop van het pistool indrukte. De gedachten laten haar tranen weer de vrije loop nemen. - hier heb je de helft in enkelvoud en de helft in meervoud staan, terwijl alles in meervoud moet omdat je het over 'zijn vingers (meerdere vingers dus meervoud)' hebt. In de laatste zin vind ik 'haar tranen weer de vrije loop nemen.' niet zo mooi klinken. Ik zou hier iets van maken zoals: 'De gedachte aan die enge ervaring zorgt ervoor dat ze weer moet huilen.' of 'Tranen stromen over haar wangen bij de gedachte aan afgelopen nacht.' (of wanneer het incident met het pistool ook heeft plaatsgevonden ;)) 2 “Tijd om op te staan” schreeuwt één van de baas zijn dienstmeiden. - 'één van de baas zijn dienstmeiden' leest niet zo lekker, misschien kun je hier beter van maken 'één van de dienstmeiden van de baas'? 3 ‘Ja ja’ mompelt Jade, eigenlijk niet van plan te reageren maar zich op het laatste moment bedenkt. - 'bedenkt' staat hier niet in de juiste tijd, het moet 'bedenkend' zijn of de zin moet anders opgebouwd worden waardoor 'bedenkt' wel past. Dit kan bijvoorbeeld zo: 'Ja, ja,' mompelt Jade. Ze was eigenlijk niet van plan te reageren, maar bedenkt zich op het laatste moment.' 4 Als die trut van een dienstmeid die plekken ziet, gaat het natuurlijk weer het hele huis door. - deze zin vind ik niet zo mooi en het gescheld maakt de hoofdpersoon hier een beetje onsympathiek, ze weet immers niet welke dienstmeid er voor de deur staat waardoor het lijkt alsof ze gewoon een hekel heeft aan het personeel, alsof ze beter dan hen is, terwijl ik juist met haar mee ging leven. Misschien kun je deze zin een beetje anders verwoorden? Iets als: 'Jade weet dat ze haar kneuzingen beter kan verbergen als ze niet wil dat het personeel gaat roddelen.' 5 Toch heeft ze geluk met haar kamer, met een groot raam dat uitzicht geeft op het verre bos. - 'uitzicht geeft' vind ik niet zo mooi staan hier, misschien kun je dat vervangen voor 'uitkijkt op'? 6 Toch stralen haar ogen en dat compenseert de vieze witte nachtjapon dat haar slanke lichaampje bedekt. - je begint zinnen vaak met 'toch' wat niet zo heel mooi is. Hier snap ik ook niet helemaal waarom rode ogen niet zouden kunnen stralen (wat het woordje 'toch' aan lijkt te geven)? Daarnaast is het niet helemaal logisch dat een vieze japon wit is. Ik zou deze zinnen anders schrijven. Iets in de trant van: 'De rode ogen stralen een onaards licht uit en haar lichaampje is bedekt met een vieze nachtjapon die eens wit moet zijn geweest. Jade heeft nog nooit iemand als haar ontmoet.' Laat de lezer zien dat het meisje vreemd is in plaats van het ons te vertellen, dat maakt je tekst nog levendiger. 7 Jade weet dat zij ook niet terug moet praten omdat anders de dienstmeiden het horen en die zullen het natuurlijk wel weer verklikken aan de baas. - deze zin loopt niet lekker. Ik zou de volgorde ietwat omgooien zodat je iets krijgt als: 'Jade weet dat ze niets moet zeggen want de dienstmeiden verklikken alles aan de baas.' 8 “Ik was hier ook ooit.” - deze zin loopt ook niet helemaal door de 'ook ooit', als je dit verandert in: 'Ik ben hier ook eens geweest.' of 'Ooit, heb ik hier ook gewoond.' of iets dergelijks dan leest het beter. 9 Als ze haar ogen weer opent kijkt ze in het gezicht van 3 dienstmeiden. - getallen altijd voluit schrijven tenzij ze onderdeel uitmaken van een datum of tijdsaanduiding zoals '9 mei 1997' of 'om 16:00 uur'. 10 Geërgerd lopen twee van de dienstmeiden weg en nadat de derde haar nog even arrogant en onderzoekend aan had gekeken loopt ook zij weg. - 'aan had gekeken' moet 'aan heeft gekeken' worden want de rest van de tekst is ook in tegenwoordige tijd geschreven. 11 Een paar van de mensen die aan de tafels zitten kijken naar haar. Wanneer ze de blik van één van de anderen vangt huivert ze. - tussen twee werkwoorden die niets met elkaar te maken hebben, moet een komma. Zoals hierboven tussen 'zitten' en 'kijken' en tussen 'vangt' en 'huivert'. Hoop dat je hier wat aan hebt en succes met (her)schrijven!

Lid sinds

9 jaar 5 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Hoi Angelray! Bedankt voor je reactie dat zet me aan het denken;) Mijn grammatica en spelling is niet zo sterk en ik doe altijd heel erg mijn best de komma's goed te plaatsen en de spelling goed te doen, maar toch zitten er vaak nog fouten in de volgorde van de zinnen. Grotendeels heeft dat te maken met mijn leeftijd ben ik bang, en weet ik dat ik daar nog wel in zal groeien :) Bij punt 4 zeg je, dat ze niet weet welk personeel eraan de deur staat, maar dat weet ze wel omdat het elke morgen de zelfde vrouw is die de meisjes wekt. Misschien kan ik dit beter duidelijk maken op één of andere manier, en trut is inmiddels in "tut" veranderd maar misschien is dat ook nog een beetje te. Op de andere punten heb je groot gelijk en zal ik mijn werk rustig neer leggen en morgen een herschrijf proberen:) x sabine

Lid sinds

12 jaar 11 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Dag Sabine, Wat leuk een fantasy stukje! ;) Het nodigt uit om meer te lezen, dat is alvast duidelijk vind ik. - Geeft het begin te veel informatie weg (dat doe ik nogal vaak)? Het is wel wat veel, maar niet storend genoeg om mij van verder lezen te weerhouden. Veel info is goed, voor je eigen beeldvorming. Als je meer ervaren wordt, leer je vanzelf schrappen ;) Ik kan 't weten... :) - Hoe is mijn schrijfstijl? Je hebt gelijk wat betreft grammatica en spelling. Maar misschien helpt hardop lezen voor jezelf? Want sommige zinnen lopen niet lekker en dat hoor je als je het hardop zegt. Zie ook reacties van andere proeflezers. Maar je stijl en beeldspraak hebben best wel potentie vind ik! - Andere opmerkingen? Ik denk dat een terugkerend probleem het veranderen van stijl binnen een zin is, bijvoorbeeld in: "‘Ja ja’ mompelt Jade, eigenlijk niet van plan te reageren maar zich op het laatste moment bedenkt. " Consequent zou zijn "‘Ja ja’ mompelt Jade, eigenlijk niet van plan te reageren, maar zich op het laatste moment bedenkend.". Dat vind ik echter geen mooie zin. Dan zou ik kort en krachtig schrijven: 'ja, ja, ' mompelt Jade na een korte aarzeling. Dat is voldoende en zo loopt het verhaal vlotter. Of gewoon 'ja, ja,' mompelt Jade gedwongen. "Geërgerd lopen twee van de dienstmeiden weg en nadat de derde haar nog even arrogant en onderzoekend aan had gekeken ". Dat de dienstmeid haar arrogant aankijkt is iets wat Jade vindt. Nu laat je het de verteller van het verhaal concluderen, maar dan is het een 'alwetende verteller'. Mooier is denk ik door te schrijven dat Jade haar arrogant vond overkomen, dan laat je het bij Jade - het perspectief. Succes!

Lid sinds

9 jaar 6 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
sabine-xlove, Je opening:
Jade word wakker met een somber gevoel. De zon komt door de halfgeopende gordijnen haar kamer ingevallen.
Geef je te veel weg? Ik denk van wel. Maar eerst over d-tjes en t-jes. 'Jade loopt; Jade werkt, Jade zwemt.' Niemand twijfelt hier over stam plus t. Echter bij 'Jade wordt' opeens wel. Tip als je twijfelt over d dt bij het werkwoord worden - zet er dan lopen of werken voor in de plaats. Hoor je dan een t - dan is het wordt. :) Dus: 'Jade wordt wakker' Over de info: 'een somber gevoel' daarmee leg je het uit, niet doen. Laat Jade wakker worden van het zonlicht om daarna met een zucht op te staan. Suggestie: Jade wordt wakker van het zonlicht dat tussen de half geopende gordijnen op haar gezicht valt. Ze opent het raam met een zucht en wrijft over haar schouder.De afdrukken van zijn nagels staan nog in haar huid.' enz. Succes en groet,

Lid sinds

10 jaar 6 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Joh grammatica en spelling zijn dingen die je nog kunt leren en er zijn genoeg hulpboeken en websites om je te helpen dus maak je daar nog maar niet zo druk om. Hoe vaker je er mee bezig bent, hoe makkelijker het wordt. Wat veel belangrijker is, is het feit dat je een mooie schrijfstijl hebt. Dat is iets wat veel moeilijker te leren valt (als het al te leren is). Het belangrijkste ingrediënt heb je dus al in huis ;).

Lid sinds

9 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker
- Zeker niet - Niet verkeerd, je beschrijft in vluchtige zinnen wat er zich afspeelt. - Ja, "massa bloederige tranen" zou ik veranderen in "snel druppende tranen" "Zijn ogen zijn net zo rood als het meisje" is een vreemde vergelijking. Bestaan er rode ogen? Voor de rest met plezier gelezen....

Lid sinds

9 jaar 5 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Heei, De herschrijf heeft een tijdje geduurd maar is nu wel af, - is de zinopbouw nu beter? - is het duidelijk dat het meisje en de man met de rode ogen niet menselijk zijn (want in jullie reacties had ik dat idee niet)? - is de herschrijf een verbeterde versie? Jade wordt wakker wanneer de zon al door haar halfgeopende gordijn komt binnen gevallen. Ze zucht en opent haar raam. Wanneer ze haar nachtjapon uittrekt vertrekt ze haar gezicht. Met haar hand strijkt ze over haar schouder. De afdrukken van zijn vingers staan duidelijk in haar huid en het begint al aardig blauw te kleuren. Zijn vingers staan als de duivel in haar gedachten geprent. Ze strijkt met haar hand over de plek in haar nek waar hij de loop van het pistool indrukte. De gedachte laat haar weer huilen. Ze schrikt op als er op haar deur word gebonkt. Het getimmer op de houten deur galmt door haar kamer. “Tijd om op te staan” schreeuwt één van de dienstmeiden. ‘Ja ja’ mompelt Jade na een korte aarzeling. Als de dienstmeid haar kamer zou besluiten te betreden, zal het geroddel over de plekken meteen beginnen. Ze begint zich aan te kleden nadat ze met één van de ruwe doeken haar lichaam een beetje heeft schoongemaakt. In haar kamer is niet meer dan een bed, een bureau en een piepklein kastje waar al haar bezittingen inzitten. Toch heeft ze geluk met haar kamer, met een groot raam dat uitkijkt op een veruitgestrekt bos. Op de vensterbank van dat raam zijn al heel wat van haar tranen terecht gekomen. Dromend van een ontsnapping. Ze loopt al richting de ontbijtzaal als er een meisje naast haar komt lopen. Jade schrikt want het is geen gewoon meisje. Ze heeft een bleke huid en haar ogen zijn rood, maar niet van het huilen. Haar ogen zijn rood gekleurd door het bloed. Bloed dat als tranen uit haar ogen komt gestroomd. Ze heeft een heel slank lichaampje met daaromheen een nachtjapon dat eens wit heeft moeten zijn. Het meisje zegt niks, ook niet wanneer Jade blijft staan. Jade weet dat zij niks terug moet zeggen want de dienstmeiden verklikken alles aan de baas. Plotseling kijkt het meisje haar recht in de ogen aan. Met een klein beverig stemmetje zegt ze: “Ooit, heb ik hier ook gewoond.” Ze kijkt wazig uit haar ogen. Jade wacht tot ze nog meer zegt. “maar nu niet meer” en een grote rode druppel vind zijn weg uit haar oog naar beneden. Jade kan een gil niet onderdrukken wanneer het gezicht van het meisje veranderd in een massa bloederige tranen. Ze knijpt haar ogen dicht. Als ze haar ogen weer opent kijkt ze in het gezicht van drie dienstmeiden. ‘Ik…’ stamelt Jade. ‘ik dacht dat ik een muis zag’ Geërgerd lopen de drie dienstmeiden weg, nadat Jade zweert dat één van de dienstmeiden haar nog even een arrogante blik werpt. Jade zoekt een plek aan één van de ontbijttafels. Een paar van de mensen die aan de tafels zitten, kijken naar haar. Wanneer ze de blik van één van de anderen vangt huivert ze. Zijn ogen zijn net zo rood als het meisje van net en hij staart haar met net zo’n wazige blik aan.

Lid sinds

9 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker
- ja - ja, want bloederige tranen zijn niet bij mensen waar te nemen. Maar dit is toch een fantasyverhaal? - beter wil ik niet zeggen, maar ik zie wel dat je een paar zinnen hebt veranderd.

Lid sinds

9 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Hallo Sabine, Je herschrijf is inderdaad een verbetering, als is het een kleintje. Je hebt een hoop zinnen veranderd, en de meeste ten goede. Ik heb zo snel geen slecht lopende zinnen gezien (ik kijk een andere keer mischien wel even wat beter ;) ) Het meisje met de rode ogen geeft me een beetje het idee van een geestverschijning. Maar als dit zo is, zou je dat nog iets kunnen versterken. Of komt ze later terug met meer details? Dat de man niet menselijk is (of mens-achtig) valt nog niet echt op te maken, daarvoor moet ik eerst de komende regels lezen. Je schrijfstijl leest wel prettig, al is het naar mijn smaak soms een beetje simpel. (maar ik houd nu eenmaal van moeilijk, helaas). Je hebt wel een leuke beeldspraak en er zit al aardig 'show' in. Nog twee kleine opmerkingen: 1) [ Als de dienstmeid haar kamer zou besluiten te betreden,... ] dit valt een beetje uit de toon. Misschien is zoiets als dit beter: Als iemand haar zo zou zien... of Als de dienstmeid binnen kwam... 2) Je gebruikt ' en " door elkaar. Houdt het gewoon bij ' . Eigenlijk hoor je " alleen te gebruiken als iemand de woorden van een ander herhaalt. Zoals in het volgende geval: Bea zei: 'Ik hoorde André zeggen: "Wat wil je nou van me". Dat is toch onbeleefd?' Succes en blijf schrijven.

Lid sinds

9 jaar 7 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Hoi! Ik ben het eens met Drakenvriend, maar ik ga over op je vragen. De herschrijf heeft een tijdje geduurd maar is nu wel af, - is de zinopbouw nu beter? Nou ik heb daar niet zoveel verstand van. - is het duidelijk dat het meisje en de man met de rode ogen niet menselijk zijn (want in jullie reacties had ik dat idee niet)? Ik weet niet in eerste instantie dacht ik dat je de man bedoelde die haar had bedreigd. En het meisje komt op mij over als een geest ofzoiets. - is de herschrijf een verbeterde versie? Jawel alleen ik heb wel een paar dingen die ik niet helemaal begrijp: Jade wordt wakker wanneer de zon al door haar halfgeopende gordijn komt binnen gevallen. Moet het niet zonlicht zijn? Of zoiets als: Jade word wakker als het licht van de zon door haar halfgeopende gordijn naar binnen schijnt. Ze zucht en opent haar raam. Ze ligt toch in bed? De gedachte laat haar weer huilen. Hier staat dat ze weer moet huilen maar ik zie daargeen voorbeeld van, het blijft bij die zin. Snap je wat ik bedoel? In haar kamer is niet meer dan een bed, een bureau en een piepklein kastje waar al haar bezittingen inzitten. Toch heeft ze geluk met haar kamer, met een groot raam dat uitkijkt op een veruitgestrekt bos. Misschien kun je hier wat meer show gebruiken om haar kamer te beschrijven, dat ze bijv. een keting uit het kastje pakt en die om doet. Of dat ze op haar bed haar haren gaat kammen en dat ze de kam uit haar bureau la heeft gepakt. Ze loopt al richting de ontbijtzaal als er een meisje naast haar komt lopen. Jade schrikt want het is geen gewoon meisje. Ze heeft een bleke huid en haar ogen zijn rood, maar niet van het huilen. Haar ogen zijn rood gekleurd door het bloed. Misschien kun je de beschrijving van het uiterlijk van het meisje wat eerder doen in plaats van zeggen dat ze geen gewoon meisje is zodat de lezer uit de beschrijving van haar uiterlijk kan afleiden dathet geen gewoon meisje is. Plotseling kijkt het meisje haar recht in de ogen aan Aan kan hier weg. Ze kijkt wazig uit haar ogen. Misschien kan je wazig hier beter vervangen door dromerig of zo want hoe weet Jade dat het meisje wazig ziet? Of misschien begrijp ik wat je bedoelt met wazig verkeerd. Jade zweert dat één van de dienstmeiden haar nog even een arrogante blik werpt. Misschien is hooghartig een beter woord voor een blik? Voor de rest vind ik het vlot geschreven, ik ben benieuwd naar het vervolg en ik hoop dat je wat hebt aan mijn commentaar! Succes en blijf vooral schrijven!

Lid sinds

12 jaar 11 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Hoi Sabine! Bij deze een uitgebreide reactie n.a.v. je herschrijf. Ik hoop dat je er wat aan hebt. - is de zinopbouw nu beter? Er zit vooruitgang in. Ik heb gelijk maar heel je tekst geanalyseerd en adviezen per zin gegeven. Dat leek me het makkelijkste. Misschien kun je je in sommige adviezen wel vinden? - is het duidelijk dat het meisje en de man met de rode ogen niet menselijk zijn (want in jullie reacties had ik dat idee niet)? Dat was voor mij zo klaar als een klontje. Blijkt ook uit de context vind ik. - is de herschrijf een verbeterde versie? Ja, dat vind ik wel. Hier mijn analyse: Jade wordt wakker wanneer de zon al door haar halfgeopende gordijn komt binnen gevallen. Zin loopt niet helemaal optimaal, misschien: Jade wordt wakker door de zon, die door het half geopende gordijn naar binnen straalt. Ze zucht en opent haar raam. Wanneer ze haar nachtjapon uittrekt vertrekt ze haar gezicht. Met haar hand strijkt ze over haar schouder. De afdrukken van zijn vingers staan duidelijk in haar huid en het begint al aardig blauw te kleuren. Zijn vingers staan als de duivel in haar gedachten geprent. Ze strijkt met haar hand over de plek in haar nek waar hij de loop van het pistool indrukte. De gedachte laat haar weer huilen. Je vertelt over twee verschillende zaken (de plek waar de vingers drukten en de plek waar het pistool opgezet was. Ook noem je nog eens de gedachten die ze (net als een duivel?) niet kan onderdrukken. Misschien moet je hier keuzes maken: Of strijken over de vingers, Of strijken over de afdruk van het pistool. Dat verhoogt het leesgemak / leestempo Ze schrikt op als er op haar deur word gebonkt. Het getimmer op de houten deur galmt door haar kamer. Timmeren en bonken zijn dubbelop en je hoeft misschien ook niet het galmen te noemen. Schrappen is het advies - omwille van het leestempo “Tijd om op te staan” schreeuwt één van de dienstmeiden. ‘Ja ja’ mompelt Jade na een korte aarzeling. mompelt Jade aarzelend Als de dienstmeid haar kamer zou besluiten te betreden, zal het geroddel over de plekken meteen beginnen. Probeer de tijd en stijl vast te houden binnen de zin. Probeer anders: Ze vreest dat de dienstmeiden weer zullen roddelen over de rangordes, zodra ze haar kamer binnen gaan. Ze begint zich aan te kleden nadat ze met één van de ruwe doeken haar lichaam een beetje heeft schoongemaakt. Nadat ze met een ruwe doek haar lichaam heeft schoongemaakt, kleedt ze zich aan. In haar kamer is niet meer dan een bed, een bureau en een piepklein kastje waar al haar bezittingen inzitten. In haar kamer staat niet meer dan... Toch heeft ze geluk met haar kamer, met een groot raam dat uitkijkt op een veruitgestrekt bos. Op de vensterbank van dat raam zijn al heel wat van haar tranen terecht gekomen. Dromend van een ontsnapping. Wat vrije suggestie: toch prijst ze zichzelf gelukkig, want in tegenstelling tot anderen heeft ze een groot raam dat uitzicht biedt op het uitgestrekte bos. Een tafereel dat haar deed dromen van ontsnapping. Vochtige plekken op het hout verraden de ontelbare tranen, vergoten om dit leed. Ze loopt al richting de ontbijtzaal als er een meisje naast haar komt lopen. Probeer te varieren met woorden (dus niet twee keer 'lopen') Jade schrikt want het is geen gewoon meisje. Ze heeft een bleke huid en haar ogen zijn rood, maar niet van het huilen. Haar ogen zijn rood gekleurd door het bloed. Bloed dat als tranen uit haar ogen komt gestroomd. Ze heeft een heel slank lichaampje met daaromheen een nachtjapon dat eens wit heeft moeten zijn. twee opmerkingen: 1. probeer de zinnen over bloed en tranen af te korten tot een enkele zin; 2. verplaats de omschrijving 'Ze heeft een heel slank... heeft moeten zijn' naar het begin, want die bloedtranen zouden de climax moeten zijn en daarmee eindig je dus idealiter. Het meisje zegt niks, ook niet wanneer Jade blijft staan. Jade weet dat zij niks terug moet zeggen want de dienstmeiden verklikken alles aan de baas. Jade weet dat de dienstmeiden alles zullen verklikken aan hun baas en zwijgt dus ook. Plotseling kijkt het meisje haar recht in de ogen aan. Met een klein beverig stemmetje zegt ze: Plotseling kijkt het meisje haar recht in de ogen. Ze spreekt met trillende stem: "Ooit..." “Ooit, heb ik hier ook gewoond.” Ze kijkt wazig uit haar ogen. Jade wacht tot ze nog meer zegt. Ik zou het stuk 'Ze kijkt wazig... meer zegt.' weglaten, dat leest makkelijker en versnelt de dialoog “maar nu niet meer” en een grote rode druppel vind zijn weg uit haar oog naar beneden. "maar nu niet meer." punt voor de aanhalingstekens. En dan stoppen. Daarna: 'Een rode druppel valt uit haar oog' Jade kan een gil niet onderdrukken wanneer het gezicht van het meisje veranderd in een massa bloederige tranen. Ze knijpt haar ogen dicht. verandert Als ze haar ogen weer opent kijkt ze in het gezicht van drie dienstmeiden. ziet ze de gezichten van de drie dienstmeiden ‘Ik…’ stamelt Jade. ‘ik dacht dat ik een muis zag’ 'ik dacht dat ik een muis zag.' Het valt me trouwens ook op dat je soms " en soms ' gebruikt in de dialogen. Hier maak je best een keuze in. Geërgerd lopen de drie dienstmeiden weg, nadat Jade zweert dat één van de dienstmeiden haar nog even een arrogante blik werpt. Hier lijkt het door de zinsopbouw dat de dienstmeiden weglopen omdat Jade vond dat een van hen een arrogante blik wierp. Misschien kun je het zo oplossen: Mopperend liepen de dienstmeiden weg. Eén van hen wierp haar nog even een zelfingenomen blik toe. Jade zoekt een plek aan één van de ontbijttafels. Een paar van de mensen die aan de tafels zitten, kijken naar haar. Enkele mensen die aan die tafels zitten kijken naar haar. Wanneer ze de blik van één van de anderen vangt huivert ze. Zijn ogen zijn net zo rood als het meisje van net en hij staart haar met net zo’n wazige blik aan. Wie hebben er nu eigenlijk rode ogen? Alle mensen die naar haar kijken of slechts 1 van de mensen die naar haar kijken? Misschien: Ze ontmoet de blik van een man met rode ogen, die wazig vooruit kijkt. Ze huivert, want het doet haar denken aan het meisje van zojuist. Succes!

Lid sinds

11 jaar 7 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
Hey Sabine, een goede tip voor de zinsopbouw van je zinnen...lees je tekst een keer hardop. Je hoort dan meteen of iets juist geformuleerd is. Je eerste zin bijvoorbeeld: Jade wordt wakker wanneer de zon al door haar halfgeopende gordijn komt binnen gevallen. lees deze eens hardop en je merkt meteeen dat er woorden teveel staan. De zon die door de halfgeopende gordijnen binnenvalt zorgt ervoor dat Jade wakker wordt. Zo, leest deze zin nu niet veel prettiger? Je mag ook geen angst hebben om zinnen aan elkaar te breien. Zo voorkom je dat je te veel "ze" gebruikt. vb: Wanneer ze haar nachtjapon uittrekt vertrekt haar gezicht van de pijn en met haar hand strijkt ze over haar schouder. De afdruk van de baas zijn vingers staat duidelijk in haar huid geprint en begint al blauw te kleuren. Een rilling gaat over haar rug wanneer ze terugdenkt aan zijn vingers en ze weet nu al dat ze deze nooit meer zal vergeten. Haar vingers gaan verder van zijn imprint naar de afdruk dat de loop van het pistool in haar nek achterliet. De gedachte laat haar bijna weer huilen en ze schrikt op als er op haar deur word gebonkt. Dit maakt er meer een verhaal van dan dat je gewoon opsomt wat je ziet. Probeer ook geen spreektaal te gebruiken in de stukken die niet worden gesproken. Trut mag voor mij blijven staan maar kan je misschien afwisselen met bitch wat hedendaags ook in de nederlandse taal wordt gebruikt. Toch wees voorzichtig. In het echte leven ga je ook niet iemand die je niet graag hebt om de twee zinnen trut noemen. Ik vond het reeds in je eerste poging zeer duidelijk dat het meisje en de jongen met de bloederige ogen geesten zijn. Ik ben ook geprikkeld door je verhaal in de zin dat ik wil weten wat er gebeurd is de voorbije nacht en hoe het komt dat de twee geesten bloederige ogen hebben. Dit verhaal smaakt naar meer.