Lid sinds

1 jaar 7 maanden

Rol

[Young Adult ] Onzuiver Water

Hoi allemaal, 

Dit is mijn eerste hoofdstuk van mijn manuscript Onzuiver water. 
Het manuscript is af en nu ben ik bezig met het herschrijven/ verfijnen alleen ik ben nogal onzeker.

Graag zou ik van je willen weten wat je van de stijl vindt, en of het je nieuwsgierig maakt naar meer.

Alvast bedankt voor de moeite.

Hartelijke groeten,

Reem 

Fragment

Het is de ochtend van de eerste dag van de maand Tebetu (december) en de eerste zonnestralen strelen door het venster het gezicht van een jonge vrouw, Makiba. Het felle licht irriteert haar. Ze knijpt haar ogen dicht, draait zich om en staart naar de muur van haar slaapkamer waarop allerlei oorlogstaferelen staan gegraveerd. Deze soort afbeeldingen sieren niet alleen de wanden van haar kamer, maar ook die van alle andere tachtig vertrekken van het paleis van haar vader. 
‘Dit paleis is met niets te vergelijken,’ had haar vader haar vaak met veel trots gezegd. Hij  heeft ook gezegd dat hij op haar ook trots is. Streng, maar trots en altijd op reis. Waar is hij, nu zijn dochter hem echt nodig heeft? 
Prinses Makiba zucht en draait zich om, opnieuw het zonlicht negerend. Morgen wordt ze vijftien en eindelijk volwassen. Wat kijkt ze daar met groot verlangen naar uit, want vijftien is een leeftijd waarop ze met haar vader op reis kan gaan. ‘Ik beloof dat dit mijn laatste reis zonder jou zou zijn,’ had hij haar maanden geleden belooft. ‘En dat ik voor je verjaardag thuis ben.’ Daarna was hij vertrokken en had ze niets meer van hem gehoord. Mooie belofte!
Ze wil zich net weer omdraaien, als er hard op haar deur wordt geklopt. Ze draait zich verschrikt om. Oh nee, dat is ongetwijfeld haar hofdame die haar voor het ontbijt wakker maakt. Daar heeft ze nu echt geen zin in. Ze negeert het geklop en draait zich opnieuw om, dit keer demonstratief met haar rug richting de deur. Ze heeft de afgelopen nacht geen oog dicht gedaan. Haar hoofd zit vol met vragen waarop ze geen antwoord heeft. Waarom moet haar vader zo nodig veel reizen? Waar gaat hij dan naar toe? Stop hiermee! Spreekt ze zichzelf berispend toe. Ga liever nog wat slapen, dat kan na zo’n onrustige nacht echt geen kwaad. Als een klein kind trekt ze zich samen onder de deken, sluit haar ogen en wenst vurig dat de nog steeds op de deur kloppende hofdame, Kubaba, het opgeeft en haar met rust laat. Maar haar hofdame geeft nooit op. Ze hoort het gepiep van de deur en de ongeduldige stappen van iemand die de kamer binnenstapt. Dan klinkt Kubaba’s doordringende stem.
‘Mijn prinses, slaapt u? De ochtend is allang voorbij.’ 
‘Dat wilde ik net gaan doen,’ fluistert ze. 
Makiba gaat op haar rug liggen en ziet hoe haar hofdame de kamer rondloopt, op zoek naar een bezem. Ze kijkt aandachtig toe hoe Kubaba vervolgens met een bezem van hoek naar hoek de kamer schoonveegt. Dan laat Kubaba haar bezem vallen, pakt de gevallen bezem op en veegt opnieuw de vloer. Ze rolt het tapijt op de vloer op, kijkt ernaar, bijt op een nagel en rolt het kleed weer uit. Vervolgens schuift ze de tafel een tikje opzij, veegt de vloer eronder en duwt de tafel terug. Dan knielt neer en kijkt onder een zitbankje. Het lijkt wel alsof ze daar iets heeft verloren. Haar verstand misschien? Makiba onderdrukt een lachje.
Als ze opnieuw de bezem laat vallen, grijpt Makiba nors in. ‘Houd onmiddellijk daarmee op. Allergoden, ben je helemaal gek geworden?’
    Met opengesperde ogen staart de ‘gekkerd’ haar aan. 
Makiba knijpt haar ogen tot spleetjes en staart uitdagend terug. Maar gauw verzacht ze haar blik als ze de zwarte kringen onder de bruine ogen van haar hofdame ziet. Het lijkt wel alsof Kubaba de laatste tijd een stuk magerder is geworden. Maakt ze zich misschien ook zorgen om haar vader, de koning, die nog steeds niet van zijn reis is teruggekeerd? 
Kubaba stapt op haar af, vist haar handen onder de deken vandaan en knijpt er hard in.
‘Laat me los, je doet me pijn,’ roept Makiba geschrokken. 
Kubaba laat haar handen los, voelt aan haar voorhoofd en wangen en vergelijkt die met de warmte van haar eigen voorhoofd. 
‘Bent u ziek? Heeft u honger? Wilt u eten? Voelt u zich wel goed? Nee, ik zie dat het niet goed met u gaat.’ Ze voelt weer aan voorhoofd en wangen. 
‘Kubaba, wat doe je? Je maakt me bang. Waarom gedraag je als een alwetend moeder? Er is niets met me aan de hand. Laat me gewoon met rust.’
Opgelucht kijkt de ‘alwetende moeder’ haar aan. ‘Zal ik brood en honing voor u halen? Wilt u misschien warm water? Warm water is echt goed voor uw lijf, geloof me.’
‘Wat kraam je toch allemaal voor onzin uit.’ Makiba draait zich weer naar de muur om en wuift met een ‘doe-wat-je-wilt’ gebaar Kubaba weg. Maar die laat zich niet zomaar wegjagen.
 

Lid sinds

7 jaar 2 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Ha Reemti,

Graag zou ik van je willen weten wat je van de stijl vindt, en of het je nieuwsgierig maakt naar meer.

 

Je stijl is een rijke beschrijving van dingen maar dat haalt wel de vaart uit het verhaal. De interactie met de hofdame is leuk en de dialoog maakt het levendig en sneller. Wellicht kan je meer mengen in het begin dan wel details weglaten.

Op dit moment maakt het niet nieuwsgierig naar meer vanwege het gemis aan snelheid.

Bijvoorbeeld:

 

Het is de ochtend van de eerste dag van de maand Tebetu (december) en de eerste zonnestralen strelen door het venster het gezicht van een jonge vrouw, Makiba. 

Als lezer is het niet relevant te weten dat Tebetu --> december is. Als je eigen woorden wil gebruiken laat dat zien in plaats in plaats van het zo op te schrijven. Ook is het lastig om strelende zonnestralen iets later als irritant voor je te zien. :)

Bijvoorbeeld iets als:

Het is ochtend op de eerste dag van de maand Tebetu. Makiba huiverde bij de gedachte dat dit al weer de laatste maand van het jaar was. De felle stralen van de opkomende zon irriteerde haar, maar de gedachte dat dit de laatste dag voor haar 15e verjaardag was maakte een boel goed. Een boel, maar niet alles. Haar vader..... 

Een plotselinge klop op de deur onderbrak haar gedachten.

 

In het latere stukje beschrijf je een handeling " de bezem laat vallen, grijpt Makiba nors in." in mijn beeld ligt Makiba nog altijd in bed en staat ze niet naast de bezemende vrouw. Ze kan de bezem moeilijk grijpen. Wellicht wel er iets over zeggen :)

Veel schrijfplezier

Lid sinds

6 jaar 11 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

De tijd van de lezer (of anders gezegd: die van de meeste lezers) is kostbaar. Als ik direct al in de eerste zin struikel over stilistische slordigheden, haak ik af. De aanduiding 'Tebetu' zorgt gelijk voor een fantasysfeer, maar dat wordt teniet gedaan door de toevoeging 'december'. Twee keer het woord 'eerste' verdient geen schoonheidsprijs en dat geldt ook voor de vele voorzetsels (van, door). Het gebruik van het woord 'strelen' laat zich niet rijmen met 'irriteert' in de daaropvolgende zin.

Als ik de volgende regels scan, vallen we diverse slordigheidjes op. 'Deze soort afbeeldingen' bijvoorbeeld en check eens hoe vaak het woord 'trots' in deze zinnen voorkomt: "[...] had haar vader haar vaak met veel trots gezegd. Hij  heeft ook gezegd dat hij op haar ook trots is. Streng, maar trots en altijd op reis." 

Kortom, lees alles zelf eerst grondig door, schrap de dubbele woorden en ga aan de slag met de tips van Darkvalley hierboven. Succes!