Lid sinds

3 maanden 1 week

Rol

[kort verhaal] De Ballonnenvrouw (deel 1)

Houdt de schrijfwijze de spanning vast?

lees t alsof t inderdaad door de ogen van een klein jongetje is verteld?

gaarne tips qua opbouw.

 

Fragment

 

De Ballonnenvrouw

Het kleine rode autootje stopte op de hoek van de straat. Mica zag vanachter zijn slaapkamerraam een vrouw uitstappen die geheel in het zwart gekleed was. De lange zwarte jas had een ruime capuchon waardoor hij niet kon zien wie die vrouw was die naar de achterklep liep. In het licht van een passerende auto zag hij dat er een vrolijke doos met allemaal ballonnen erop uit de achterklep werd gehaald en een klein tasje. De vrouw deed de klep dicht en liep haastig naar de overkant van de straat, naar het verzorgingstehuis. Zouden ze daar een feestje hebben? Maar waarom dan alleen maar zwarte kleding aan? In plaats van naar de hoofdingang verderop te lopen, stapte de vrouw over het lage hekje bij het grasveldje, keek vluchtig rond en liep naar een deur van een van de kamers. Een klop op de deur en deze ging bijna direct open. De vrouw werd nog net niet naar binnen getrokken en de deur snel weer gesloten. Mica hoopte dat ze een fijn feestje zouden hebben, met veel vrolijke ballonnen en lekkere hapjes. Hij hoorde zijn moeder de trap opkomen en kroop snel terug in bed. Hij wilde niet weer op zijn kop krijgen voor wat zijn moeder “piegen na bedtijd” noemde.

De volgende ochtend zat Mica net zijn boterham met hagelslag te eten toen een ambulance bij het verzorgingstehuis stopte.

“Oh jee,” hoorde hij zijn moeder zeggen, “toch niet weer iemand. Dat is al de derde keer deze week.”

“Wat is er, mam,” vroeg Mica met de hagelslagjes aan zijn lippen.

“Oh, niks jongen. Eet maar lekker verder, dan breng ik je zo naar school.”

Twee dagen later zat Mica weer voor zijn slaapkamerraam de buurt af te piegen. Er gebeurde niet veel. Hij had buurman Henk-Jan al met zijn hondje voorbij zien komen. Henk-Jan had naar hem gezwaaid en even was Mica achter de gordijnen weggekropen. Piegen is pas piegen als niemand je ziet. Hij had tot 30 geteld en toen weer tevoorschijn gekomen. Het was stil op straat. Iedereen zou wel weer naar Heel Holland Bakt zitten kijken. Hij vond het gemeen dat hij dat niet mocht zien. Omdat hij morgen naar school moest. Hij had gehoopt ergens in de kamers van het verzorgingstehuis mee te kunnen kijken met de tv, maar alle gordijnen waren goed gesloten. Geen straaltje licht kon naar buiten ontsnappen. Net toen hij teleurgesteld naar zijn bed wilde gaan zag hij het rode autootje weer de straat inrijden. Het stopte op de zelfde plek als vorige keer. Weer stapte de vrouw, geheel in het zwart met de grote capuchon over haar hoofd, uit en opende de achterklep. Ze pakte een doos met afbeeldingen van kleurige ballonnen uit de bagageruimte, deed de klep dicht en stapte over het hekje op weg naar dezelfde deur. Hadden ze alweer een feestje? Mama had gezegd dat er allemaal zieke mensen daar woonden. Die konden toch niet iedere keer een feestje houden zo ’s avonds? Mica bleef nog even kijken naar de deur, maar hij zag niets meer bewegen. En omdat het verder buiten maar saai was, kroop hij dit snel in bed.

De volgende ochtend had hij geen zin in ontbijt. Er gebeurde buiten te veel. Een ambulance én een politieauto. Zijn gedachten gingen naar het feestje daar gisteren en hij hoopte maar dat er het niet uit de hand was gelopen. Mama had het te druk met haar telefoon. Ze zag niet dat hij zijn melk nog niet ophad en alleen maar voor het raam stond te kijken. Een grote, zwarte auto stopte net achter de ambulance. Een meneer in het zwart stapte uit.

“Kijk, mama! Die meneer lijkt wel op de ballonnenvrouw!”

Even keek mama op van haar telefoon.

“Mmmm,” zei ze en vervolgens: “Stef, kom eens. Moet je lezen op de buurtapp.”

Papa zat op de wc. Mica wist dat papa daar de krant zat te lezen.

“Stef,” riep mama, en ze liep naar de gang. Door de dichte wc deur riep ze naar papa: “Dat is al het derde verdachte sterfgeval daar in één week. Jacq, je weet wel, die werkt daar op de receptie, appte net dat er weer iemand dood is gevonden die helemaal nog niet aan t einde was. Da’s toch raar.”

[vervolg binnenkort...]

 

Lid sinds

11 jaar 5 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Hi,

Houdt het verhaal de spanning vast?

Ik heb wel doorgelezen, maar het leest voor mij niet als spannend of een opbouw naar spanning. 

Of het leest als door de ogen van een kind?
Hoe oud is dit kind? Het lijkt me niet een kind van een leeftijd die belangstelling heeft voor 'heel Holland bakt'. 
Kijken kinderen daar uberhaupt naar?

'ruime capuchon waardoor hij niet kon zien wie die vrouw was' Wellicht kent hij de vrouw helemaal niet en zou 'hoe zij eruit ziet' passender zijn. 

'Maar waarom dan alleen maar zwarte kleding aan?' Ik vraag mij af of kinderen zich met kledingkleur(en) bezig houden. 

'vrolijke doos' ; vrolijk uitziende doos?

Groetjes