Lid sinds

4 maanden 3 weken

Rol

[kort verhaal] Marith vervolg

 

graag commentaar op de stijl. Ik ben soms uitvoerig in het omschrijven van een gebeurtenis. Stoort het ergens?

 

 

Fragment

 

Het viel direct onder mijn venster op het dakje met de grindlaag van de etage onder mij. Dat was enigszins onbevredigend. Maar dat had ik kunnen verwachten. Desalniettemin lag mijn geheim nu open en bloot op het grinddakje onder mijn raam. En niemand kon er bij. Althans niet erg gemakkelijk. Je kunt vanaf aangrenzend balkon op het dakje klimmen en langs het venster van de slaapkamer van mijn broer bij het mijne komen. Maar wie doet dat? De elementen gaan nu de dialoog aan met mijn boodschap. Ik wacht af. Weken lang heeft mijn boodschap op het dakje gelegen. In regen en wind.

Deel 2 Visite

Wat precies de aanleiding was weet ik niet meer. Naar ik mij herinner was de verjaardag van mijn broer de reden om zijn hele klas bij ons thuis uit te nodigen.  Maar het zou net zo goed iets anders kunnen zijn geweest. Ik was natuurlijk opgetogen. Het betekende namelijk veel gasten over de vloer. Zijn hele klas. Toch zeker 25 kinderen! Dat was leuk maar veel spannender: Marith zou dan ook bij ons thuis komen!

Het was die dag prachtig zonnig weer. Het was niet echt een feestje, maar het bleef vooral bij een visite. Marith was er. Geweldig! Ik maakte vluchtig contact met de kinderen die ik al een beetje kende. Maar natuurlijk niet met haar. Ik herinner me nog dat de klas in kleine groepjes door het huis liep. Ik bleef grotendeels in de achtertuin. Kinderen liepen in en uit. Af en toe liep ik ook naar binnen. Voornamelijk om te kijken waar Marith was. Zo zag ik een keer een klein groepje op het voorbalkon staan. Ongeveer 5 kinderen. Marith was daar bij. Ik moest ineens denken aan  mijn briefje. Marith was heel dicht bij mijn liefdesverklaring. Het lag op het dakje dat grensde aan het balkon waarop zij nu stond. Ik durfde dat balkon niet op, in mijn eigen huis. Niet zolang Marith daar was.

Ik liep de tuin maar weer in. En nam plaats op ons terras. De kinderen kwamen later van het balkon aan de voorkant van het huis, ook de achtertuin in. En wat er toen gebeurde, bracht een schok in me teweeg:  Marith verscheen plots met het geelgroene briefje met mijn liefdesverklaring erop in haar hand en wreef ermee over haar wang. Ze maakte cirkelvormige beweginkjes alsof ze de boodschap in haar huid aan het inmasseren was. Ik werd erg onzeker want dit was me te confronterend. Ik wilde me niet zo bloot geven waar haar hele klas bij was en mijn broer bovendien. Ik maakte me uit de voeten, weg uit de tuin het huis weer in. Ik onttrok me vanaf dat moment zoveel mogelijk aan wat zich gedurende het bezoek afspeelde en Marith durfde ik al helemaal niet onder ogen te komen.

Toen het bezoek was afgelopen en iedereen weer weg was vond ik in de tuin het geelgroene briefje weer terug. Marith had het achtergelaten. Ik keek meteen wat er van de boodschap nog te lezen viel. Het had immers weken in de buitenlucht op het dakje gelegen. En wat bleek: helemaal niets. Mijn tekst was totaal uitgewist. Volledig. Of was de boodschap in haar wang gebracht, door haar huid opgenomen en stroomde het nu mee in haar bloed? Ik was hoe dan ook opgelucht. Het was voor niemand meer leesbaar. Alsof de boodschap op het papier er nooit heeft gestaan.

Maar toch! Het heeft haar bereikt! De missie was geslaagd, En hoewel onbewust, we hadden tóch samen iets gedeeld. Het vervulde me met enige voldoening. Zij heeft mijn boodschap in haar handen gehad en gekoesterd. Intens gekoesterd. Ik was ervan overtuigd dat ze heeft begrepen dat dat briefje voor háár was bestemd. De wind had het naar de rand van het balkon toe geblazen zodat zij erbij kon. En was het niet de wind geweest? Om haar te helpen? Het is voor te stellen dat mijn broer op hetzelfde moment ook het balkon op is geweest en een toespeling op dat briefje had gemaakt. Misschien omdat het bezoek ernaar gevraagd had. Wat is dat daar? En is hij daarna, misschien om mij te pesten, het dakje opgeklommen om het briefje te halen. Het kan. Maar erg onwaarschijnlijk, mijn broer kennende. Hij was ertoe in staat maar mijn zaken lieten hem namelijk volkomen koud. En had het wat uitgemaakt? Zou het me niet evenwel hebben geholpen? Marith en ik hebben hoe dan ook even iets gedeeld samen. Al was het maar voor heel even. Ook al had ik voor het grootste deel van dat toch al korte moment, angstvallig mijn snor gedrukt. Fijne bijkomstigheid is:  het geheim is in feite een geheim gebleven. Er is niets ongemakkelijks in de openbaarheid gekomen.