Lid sinds

3 jaar 6 maanden

Rol

[Spannend verhaal] Hamelink's bekentenis

Dit is het begin van hoofdstuk 3 van een verhaal (13.000 woorden, dus 2 pagina's van 40) over iemand die een moord heeft bekend. Die moord heeft betrekking op de situatie van zijn volwassen dochter. Hoofdstuk 1 gaat over het emotionele verhoor, waarna de hoofdpersoon Hamelink tijdelijk naar huis wordt gestuurd. Hoofdstuk 2 gaat over de brigadier en zijn privésituatie. In hoofdstuk 3 moet Hamelink de moord bekennen aan zijn vrouw en dochter. 

Wat vinden de proeflezers van de sfeer en schrijfstijl? Wordt je meegenomen in het verhaal? Wat vinden jullie van de dialoog? En hoe staat het met de valkuil 'show, don't tell'? Dank alvast!

Fragment

Hamelink fietst in het donker tussen de glooiende velden, onderbroken door het vage oranje licht van de neon straatlantaarns. Het is flink afgekoeld en hij rilt. Heuvelop moet hij flink trappen en begint te zweten. De inspannende rit geeft zijn gedachten weinig houvast. Als hij zijn fiets in de rommelige berging zet, begint hij weer hevig te twijfelen.

Ik kan nog terug. Ik kan het allemaal nog ontkennen, denkt hij. Maar de leeuw wint het van de angsthaas. Zijn weekendtas zet hij naast zijn fiets en neemt zijn schrift in zijn linkerhand. Hij recht zijn rug en stapt met een strak gezicht de hal in van de vijftiger jaren vrijstaande woning die nog van zijn ouders is geweest en waarin sindsdien weinig is veranderd.

‘Ben jij het, Hindrik?’ galmt een vrouwenstem. ‘Je zou toch laat thuis zijn?’

‘Nee, Lies, liep allemaal heel anders vandaag’, zegt hij met gedempte toon terwijl hij de kamer in loopt. Ze legt haar viersterren cryptogrammenboekje even opzij en zet haar leesbril af. Als hij zijn vrouw een vluchtige kus geeft, probeert hij haar blik te vermijden.

‘Hee, Hindrik, is er wat? Je ziet er gespannen uit.’

Hamelink legt het Dienst Cahier op tafel en zet de tv uit. Het retro oranje-bruine interieur krijgt ineens iets onwerkelijks. Alsof er iets is wat in de zeventiger jaren is gebeurd, hij zich nu ineens moet verantwoorden.

‘Nathalie?’ roept hij naar boven. Het duurt oneindig lang voor ze beneden is en hij doet ondertussen nog een paar schemerlampen aan. Hij praat zichzelf moed in. Rustig, Hindrik, hier moet je weer even doorheen. Liesbeth en Nathalie gaan met een vragende blik op de bank zitten en wachten met hun armen over elkaar. Eindelijk geeft Hamelink tekst en uitleg. Hij probeert zich groot te houden.  

‘Ik ga jullie iets vertellen. Ik ben vandaag bij de politie geweest', zegt hij met trillende stem. 'Ik heb dit schrift meegekregen en moet het allemaal gaan opschrijven.’ Dan zwijgt hij en kijkt hen hulpeloos aan en maakt met zijn nek een knikje naar voren, alsof de strop nu al kan worden omgehangen. 

‘Wat dan, pap? Wat klets je nou? Waar heb je het over?’ roept Nathalie geïrriteerd alsof ze tegen een jongen praat. 

‘Rustig! Waar gaat dit allemaal over, Hindrik? Je zit toch geen toneel te spelen?’

‘Nee, maar het is wel een groot drama. Na een paar dagen kan ik het je vertellen, Lies, misschien eerder. Je moet afwachten. Maar het is een serieus verhaal en het gaat ons allemaal aan.’ Hij kijkt naar de grond en probeert zichzelf wanhopig een houding te geven. Zijn hele lichaam trilt en zijn hoofd schudt alsof hij de hele situatie wil ontkennen. 

Liesbeth wil hem graag wat meer laten vertellen, maar hij onderbreekt haar. ‘Ik kan niks méér vertellen. Ik sluit mezelf op in de logeerkamer en meld me wel als ik klaar ben.’ Hij staat direct op zonder gedag te zeggen. Als hij de kamer uit is, staren Liesbeth en Nathalie elkaar vol ongeloof aan. 

‘Nou ja. Begrijp jij dit? Wat een eikel. Papa kan toch meer vertellen? Is hij overspannen of zo, of depressief? In ieder geval volkomen de weg kwijt. Heb jij eerder iets gemerkt, mam? Jij kent hem het beste.’ 

‘Niet echt iets gemerkt’, zucht Liesbeth hoofdschuddend. ‘Hij is al een tijdje wat stiller. En hij is nogal afgevallen het afgelopen jaar. Hij heeft een mager koppie, maar hij wilde er nooit over praten. In de dertig jaar dat we getrouwd zijn, heb ik hem nog nooit zo somber gezien. Toen we elkaar voor het eerst ontmoetten op het lab, was het één partij vrolijkheid. Het lijkt wel of hij het is verleerd.’

‘Vroeger had hij lachrimpels als we samen plezier hadden met spelen. Hij is zo serieus de laatste jaren. Ik zie nu rimpels van veel te weinig lachen, het lijkt wel van verdriet.’ Tot in de late avond blijven ze op de bank gedempt zitten praten en zoeken waar het is misgegaan. 

Hamelink gaat de eerste nacht in het logeerbed liggen en trekt het dekbed helemaal over zich heen. Met knallende koppijn zweeft hij in een schemerzone die nog somberder is dan de angstdromen die hij maar al te goed kent. Het is de donkerste nacht van zijn leven. 

`s Morgens vroeg wordt hij om zes uur wakker, badend in het zweet en gaat aan het bureau zitten waaraan hij als student nog zijn tentamens heeft voorbereid. Hij krijgt geen inspiratie in de kale logeerkamer en staart meer dan een uur naar de eerste lege bladzijde. Naast het schrift ligt zijn gouden vulpen, het cadeau bij zijn vijfentwintigjarige jubileum bij het lab.

Lid sinds

11 jaar 10 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

 

Dag René,

Ik laat de dialoog even voor wat het is. Je vraag over sfeer vind ik interessanter. Ik krijg sterk het gevoel dat je de klok zeker hebt horen luiden, maar...

Ik voel eigenlijk geen sfeer. Ik probeer voor mezelf na te gaan waarom niet. Sfeer volgt uit details, en je noemt veel details, maar het zijn losse flodders. De details komen niet samen om de basis te leggen voor sfeer. En ik denk dat dat komt omdat je niet uitwerkt wat ze voor je hoofdpersoon betekenen of veranderen. Je details doen niets.

het vage oranje licht van de neon straatlantaarns - en wat doet dat licht met de vormen om hem heen, met de schaduwen, met zijn perceptie van de wereld? (Also, even moeilijk doen: oranje straatlicht komt van natrium- niet neonlampen.)

Het is flink afgekoeld en hij rilt. - en duikt hij daardoor ineen op zijn fiets, is zijn zadel hard van de kou en zit hij ongemakkelijk, wenst hij snel thuis te zijn, of komt de gedachte in hem op om rillend in de kou in de berm te gaan zitten - om het moment van thuiskomen uit te stellen?

De inspannende rit geeft zijn gedachten weinig houvast. - Dus het gevolg van dit detail is letterlijk dat er géén innerlijke vooruitgang geboekt wordt. Waarom spendeer je dan al deze woorden aan de rit? Of maak er iets van, óf hou het kort.

Als hij zijn fiets in de rommelige berging zet - Is het van enig belang dat de berging rommelig is? Voor hetzelfde geld was het een net opgeruimde berging geweest, en het had de atmosfeer van je verhaal exact nul veranderd. Dat is natuurlijk een red flag.

Zijn weekendtas zet hij naast zijn fiets en neemt zijn schrift in zijn linkerhand - zijn linkerhand nog wel... da's heel sfeervol.

de vijftiger jaren vrijstaande woning die nog van zijn ouders is geweest en waarin sindsdien weinig is veranderd - Hier komt het duidelijk naar voren waarom je details niet werken. Je hebt hier allemaal dingen bedacht. Wat voor huis het is, een geschiedenis van dat huis. Goed begin. Maar wat er ontbreekt, is specificiteit. Wat maakt het een jarenvijftighuis, waar herken je dat aan? Wát is er niet veranderd? Wat is er van zijn ouders geweest? Je bent volledig onspecifiek.
Vertel me over de zinken dakgoot waar baarden van algen aan hangen, de laatste tijd meer zwart dan groen, altijd druipend. De flets gele korstmossen op de grijze, glansloze dakpannen. De rodondendron in de voortuin die over de tegels woekert en waarvoor hij opzij moet hellen voor hij bij de voordeur is. Dezelfde struik waaronder hij na school zijn racefiets neergooide tot woede van zijn vader, 'zet hem netjes in de schuur!'. Nathalie slaat tegenwoordig de takken van de plant uit haar weg als ze erlangs moet, altijd met een gebaar van opgekropte woede, als hij het zich niet verbeeldde.

Alleen specifieke details kunnen bijdragen aan sfeer en iets zeggen over je personages en hun verhaal. Ik vind het altijd een van de leukste dingen om in te vullen, zulk detailwerk in mijn omschrijvingen. Dus ik hoop dat jij daar ook mee verder kunt.

 

Lid sinds

3 jaar 6 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
  • Pluslid

Beste Diana, 

Bedankt voor je commentaar. De boodschap is duidelijk. Hiermee ga ik de tekst met andere ogen lezen. Flink werk aan de winkel, lijkt me. En kan er inderdaad mee verder.

Groet, René

Lid sinds

2 jaar 1 maand

Rol

  • Gewone gebruiker

Hoi René, 

Ik sluit me aan bij de eerste commentaar, maar voeg er graag nog iets aan toe. De dialoog voelt niet realistisch aan voor mij. Voor iemand die dertig jaar getrouwd is, lijkt het me vreemd om je schouders op te halen en de hele avond verder over hem te roddelen. Zeker als hij net vertelde dat hij bij de politie was. Slaapt hij anders ook in de logeerkamer? Komt zijn vrouw tegens slapenstijd nog even aankloppen? Ik heb hier meer info nodig. De herinneringen die ze ophalen, maar ook die van hem. Het heeft aanvulling nodig. Het gekke is dat de sfeer sluimert, ik proef hem zelfs en toch is hij er niet. Ik blijf een beetje op mijn honger zitten. Volgens mij gaat opvulling dat wel verhelpen. Ik hoop dat je iets aan mijn opmerkingen hebt.  

 

Lid sinds

3 jaar 6 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker
  • Pluslid

Dank voor je feedback, Mystic. 

Teruglezend: Ik maak de radeloosheid van Hamelink totaal niet overtuigend en dat hij kennelijk elke vorm van dialoog afkapt en pas zijn vreselijke daad pas kan bekennen als hij zijn schaamte heeft overwonnen. Zijn vrouw laat zich idd wel heel gemakkelijk afschepen. 

Ik heb het verhaal en de dilemma's scherp voor ogen, maar constateer nu een aantal blinde vlekken, ondanks dat ik het een aantal mensen heb laten lezen. Het is mijn eerste grotere verhaal (na mijn schrijfcursus). Heel nuttig deze feedback en hiermee groei je echt. Ik denk dat Proeflezen misschien wel het krachtigste onderdeel van deze site is.