Lid sinds

2 jaar 7 maanden

Rol

[Non-fictie flitsverhaal] Starre ambitie

Ik wil weten of ik op effectieve wijze een set gebeurtenissen heb getransformeerd in een verhaal dat iets losmaakt. Ik wil graag leren waar de lijn ligt tussen volledig iets proberen te creëren uit zaken waar je niet persoonlijk bekend mee bent en het verwerkingen van ervaringen tot een verhaal. Alhoewel met deze proeflezing mij nog niet aan te leren is hoe je als schrijver eigen ervaring met vreemde zaken combineert, wil ik op zijn minst al duidelijke gebeurtenissen tot een artistiek geheel vormen.

Het is natuurlijk één ding om als een (fictie)schrijver te proberen om de puzzelstukjes van de puzzelstukjes van de puzzelstukje ad nauseam met de hand te maken, maar het is ook een belangrijke vaardigheid om vanuit een gebeurtenis te kunnen beginnen met schrijven.

Ik probeer de juiste balans te vinden- ik ben nogal onzeker over hoe ik omga met gebeurtenissen. Ik merk vaak dat ik veel vast kan zitten in expositie of gedachten, maar dat ik moeite heb te werken met gebeurtenissen die een impact achterlaten op personages en zo het verhaal drijven. Ik hoop dat ik in dit verhaal een lopend verhaal heb kunnen schrijven in dat opzicht, terwijl ik van mijn bewerkingen van de gebeurtenissen een artistiek geheel hebt gevormd dat iets opwekt, iets wat de lezer als een geheel kan herkennen in het verhaal. 

In dit geval, vergeleken met mijn voorgaande proeflezingen begon ik volledig vanuit wat ik mij nog herinner van wat ik toen had meegemaakt. Natuurlijk zal ik wel wat missen door gebrek aan ruimte of mijn geheugen. Ik nam ter inspiratie, of ter bewerking, mijn laatste studie periode en nam de opdrachten als gebeurtenissen die een impact op mij hadden achtergelaten. 

Ik moet zeggen dat dit verhaal schrijven anders was dan andere keren, maar dat het ook voelt als die schrijversactiviteit waar ik de hele tijd naar zocht: iets doen met gebeurtenissen. Ik wil graag weten of ik een duidelijk begrip lijk te hebben van hoe een schrijver omgaat met gebeurtenissen op een effectieve wijze- ik wil deze vaardigheid onder de knie hebben voordat ik begin met moeilijkere verhalen. 

Edit: ik heb toch nog wat vragen over de stijl. Ik probeer namelijk een verhaal te vertellen over dwaas zijn. Ik weet niet of dat een interessant verhaal is, maar ik denk dat het een waardevol verhaal kan zijn. Ik moet toegeven dat ik niet aan leesplezier had gedacht toen ik het schreef- waar ik overigens ook graag tips voor aan neem- maar ik wil er graag op een interessante manier over schrijven. Ik ben nog enigszins verward over welke stappen vooruit ik kan maken met een proeflezing van dit verhaal, dus tips over stijl, thema of leesplezier worden heel erg gewaardeerd.  

 

 

 

Fragment

 

Ik weet nog dat ik eens met schitterende en starre ogen een RMA voorlichting voor de literatuurwetenschappen bijwoonde. Het werkelijke moment van de waarheid is natuurlijk wanneer je op een dag het interview ervoor aangaat, maar ik was bang vroeger dan dat te hebben gefaald. Laat mij dus het dwaze verhaal vertellen van hoe ik probeerde te slagen voor mijn tijd was gekomen, gedurende het vak Literary Toolbox.

Vroeg in het vak greep ik al naar een eerste beproeving: ik moest literaire ironie in een presentatie uitleggen voor de klas en er een klein paper over schrijven. Het leek de grootste uitdaging te zijn: ik was de eerste die zich inschreef voor het onderwerp en werd vervolgens bijgestaan door twee anderen, wat mij meer vertrouwen gaf.

De presentatie die ik samen met hen had geschreven werd goed ontvangen, maar het was niet voor een cijfer. Ik had er met veel genoegen aan gewerkt en het werd met veel genoegen ontvangen: het leven ging zoals ik het graag wilde. Het paper daarentegen leverde mij een onvoldoende op: doordat ik mij meer bezig hield met het vinden en maken van interessante inzichten, had ik geen oog voor academische en talige netheid.

Tegenover de baldadige uitleving van onze dromen, is slordigheid een bittere en doordringende berisping.  

Maar tegen de tijd van die tegenslag had ik mij al voorovergebogen over het deconstructivisme van Jacques Derrida. Opnieuw wenste ik mij met een presentatie en een paper te bewijzen. De theoretische tekst van de week was notoire omdat hij atypisch was: eens te meer wierp ik mij erin. En eens te meer werkte ik niet alleen.

In groepssessies ontleedde ik voor mijn groep de tekst: geen zin ging onbenut! Mijn medestudenten schreven verbaasd maar genoegzaam ieder punt op dat ik uit de tekst haalde. Ster na ster wees ik aan: theorie begrijpen als sterrenbeelden tekenen tussen de sterren. Ze hoorde mij altijd volledig uit, omdat ze misschien evenzeer als ik in het hele gebeuren vertrouwde. Maar ondanks hun pogingen om mij in het gareel te houden, konden ze enkel toekijken hoe ik door de bomen het bos niet meer zag.

We hadden namelijk vooraf besloten ieder ons eigen deel te presenteren. De docent vond het verschil tussen ons drieën gedurende de presentatie zozeer schrijnend, dat hij een uitzondering maakte en eenieder van ons een eigen cijfer gaf: ik kreeg het laagste cijfer van de groep.

Zij kozen ervoor heldere punten te presenteren, stap bij stap met opsommingstekens, hoe schraal de PowerPoint ook was. Ik daarentegen plakte veelbelovende, lange citaten op het bord en probeerde iedereen de sterrenbeelden aan de sterrenhemel aan te wijzen.

Ik schaamde me! En daaruit perste ik bitterheid, wat ik vermaalde tot soberheid met starre ogen. De zon leek het ijs te doen verdwijnen: ik vervloek de acht die vervolgens kwam van het paper!

Ik legde dan ook de lat hoger voor het volgende en laatste paper van mijn vak. Ik breidde uit op datzelfde onderzoek waar ik een acht mee haalde. Maar ik overschatte de duizend woorden extra ruimte voor mijn ambities.

Ik werd dan ook met angst bevangen toen het paper mij teruggestuurd werd, met de boodschap het dringend te laten nakijken en in te leveren binnen zeven dagen. Zelfs toen was ik niet alleen, maar hiervan ging ik enkel weer geloven dat alles wel goed kwam alsof er niets verkeerd was geweest. Zozeer zelfs dat ik dacht nog een acht te kunnen halen.

Maar digitale problemen bij het inleveren ontmoedigde mij tot sobere bitterheid. Bij het wachtten had ik de ingeving mij te dwingen te denken aan het ergste. Het leek mij de enige manier om een verantwoordelijkheid te uitten voor wat ik dacht dat een finale nachtmerrie was. Ik vond dat ik er klaar voor moest zijn om het vak opnieuw te volgen, klaar om de studie te laten vallen, klaar om wat voor volgend pad dan ook te accepteren.

Uiteindelijk kreeg ik een onvoldoende. Niettemin haalde ik het vak. Maar ik had een acht-en-half gehaald voor het andere vak genaamd Utopian Imagination. Maar dat was nooit mijn bedoeling geweest: ik wist daar geen visie op te roepen waarmee ik dat kon bereiken.

 

Lid sinds

5 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Persoonlijk valt het mij heel erg op dat je heel erg veel zinnen begint met en "ik" en dat er ook heel veel zinnen zijn die datzelfde woord bevatten. Nu vertel je natuurlijk vanuit de ik-persoon, maar het leest prettiger als je meer om dat woord heen schrijft. Dat is het enige wat er vermeld kan woorden, aangezien je geen vragen stelt over je stijl en over wat je wil weten van ons, de proeflezers. 

Verder, ja, wat kan er gezegd worden? Het stukje is niet echt aantrekkelijk, naar mijn mening tenminste. Wat het precies is, daar kan ik vinger niet precies opkrijgen. 

Is het je trouwens opgevallen dat er geen enkele keer het woord "ik" is gebruikt? Afgezien van een quote en een benaming dan. 

Lid sinds

2 jaar 7 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

Als antwoord op door eppicninjabunny

Nu je het zegt, het valt inderdaad op. De reden waarom ik zo vaak ik heb gebruikt is waarschijnlijk omdat ik een manier zocht om de indrukken op mij als hoofdpersoon wil benadrukken. Het is enigszins een verhaal van indrukken op jezelf, alhoewel het verhaal niet interessant wordt als de indruk geen verandering veroorzaken geloof ik. 

Ik geloof dat het niet aantrekkelijk is omdat de hoofdpersoon niet sympathiek is. Mensen kunnen natuurlijk herkennen dat iemand iets wil bereiken of zijn eigen angsten wil sussen, maar dit verhaal blijft nog steeds enigszins zelfingenomen omdat hij niet zo uitwijd op de mensen die hem hebben geholpen of zijn halsstarrige focus op een zinloze prestatie.

Of omdat het verhaal al te abstract maar toch nog stapsgewijs is. Het is immers een periode van twee maanden: er zijn teveel kleine gebeurtenissen die lijken op te bouwen, waardoor het meer misschien als een tijdlijn of kalender leest dan een sterk verhaal.

Daarnaast, het thema van het verhaal is ook niet bepaald aantrekkelijk of herkenbaar misschien: ik wilde een dwaas figuur tonen, alhoewel ik eigenlijk ook ruimte had moeten maken voor ontwikkeling, maar het verhaal is daar wat te kort voor. Als het ware doe ik niets met de dwaas die ik probeer te schetsen. Het is ook niet alsof ik heb geprobeerd om hem sympathiek te maken: ik heb bijvoorbeeld ook geen reden gegeven aan de lezer waarom die de hoofdpersoon zou moeten toejuichen of met afkeer moet kijken naar wat hij doet.

Al in al is het een ineengedrukt verhaal over een dwaas, zonder dat ik de lezer vraag hier over bij stil te staan. Als het ware inleven met een onaangenaam figuur zonder hier een interessante reden voor te geven geloof ik. Ook zijn prospecten maak ik niet bepaald duidelijk: wat gebeurt er als hij zijn angst niet even sust? Er zijn dan dus ook spanningsproblemen zie ik. 

 

 

 

 

 

 

 

Lid sinds

5 jaar 3 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

"Nu je het zegt, het valt inderdaad op. De reden waarom ik zo vaak ik heb gebruikt is waarschijnlijk omdat ik een manier zocht om de indrukken op mij als hoofdpersoon wil benadrukken. Het is enigszins een verhaal van indrukken op jezelf, alhoewel het verhaal niet interessant wordt als de indruk geen verandering veroorzaken geloof ik. "

Ik ga je nog een  tip geven, hou je antwoorden kort en beknopt. Hier is eigenlijk geen doorkomen aan.

 

"Daarnaast, het thema van het verhaal is ook niet bepaald aantrekkelijk of herkenbaar misschien: ik wilde een dwaas figuur tonen, alhoewel ik eigenlijk ook ruimte had moeten maken voor ontwikkeling, maar het verhaal is daar wat te kort voor. Als het ware doe ik niets met de dwaas die ik probeer te schetsen. Het is ook niet alsof ik heb geprobeerd om hem sympathiek te maken: ik heb bijvoorbeeld ook geen reden gegeven aan de lezer waarom die de hoofdpersoon zou moeten toejuichen of met afkeer moet kijken naar wat hij doet."

Je hoofdpersoon komt niet dwaas over, maar als iemand die zijn uiterste best doet. En je beredenering is allemaal mooi en met een knappe gedachte erachter, de lezer interesseert zich niet echt voor. Het moet lekker weg lezen en de beredering hier achter is slechts bijzaak die zelden tot niet naar voren komt. 


"Al in al is het een ineengedrukt verhaal over een dwaas, zonder dat ik de lezer vraag hier over bij stil te staan. Als het ware inleven met een onaangenaam figuur zonder hier een interessante reden voor te geven geloof ik. Ook zijn prospecten maak ik niet bepaald duidelijk: wat gebeurt er als hij zijn angst niet even sust? Er zijn dan dus ook spanningsproblemen zie ik. "

Die spanningsproblemen zie ik persoonlijk niet echt. Het is allemaal nog net iets te gehaast en te kort geschreven om die indrukken te wekken.

 

Schrijven kan je grammaticaal gezien goed, het is slechts een kwestie van leesbaar maken en de lezer interesseren.

Lid sinds

11 jaar 10 maanden

Rol

  • Gewone gebruiker

@Hippo

Je stijl is breedsprakig en doet mij wat pompeus aan. Dat kan passen bij de hp, maar ik vermoed dat het jouw manier van schrijven is, aangezien ik ook in je communicatie eromheen dezelfde trekjes terugzie.

Als je autobiografisch schrijft, zit vaak de emotie die verbonden is aan je herinnering in de weg. Dat komt omdat je tijdens het verhalen je zaken voor je ziet die zijn gebeurd. Voor de lezer is dat niet het geval en jouw emoties gaan verloren in de overdracht. Mijn advies is te experimenteren met verhalen die buiten jou staan. Je kunt hiewrvoor best gebeurtenissen gebruiken die zijn gebeurd (bijv 9/11, Corona, de Nacht van Schmelzer, etc). Denk aan korte verhalen voor wedstrijden. Zelf ben ik voorstander van Deep POV: schrijf vanuit je personage, niet over dat personage. Je krijgt dan een sterkere intimiteit in de tekst, wat de leesbeleving in de meeste gavallen ten goede komt.

Ik heb wel een paar oefeningen voor je. Als je daarin bent geïnteresseerd, kun je me een pb sturen.