Lid sinds

1 jaar 9 maanden

Rol

Vol Vol Vuur (en water)

Omschrijving van de inhoud of de flaptekst

De nieuwe dichtbundel van dichter J.T.J Besseling. Over zijn jeugd, de natuur, zijn stadje, de trein en talloze andere onderwerpen. Besseling neemt je mee door de dertiger jaren van zijn leven langs alle pieken en dalen van zijn dagelijkse leven. Met een lach en een traan.

Fragment

Voorwoord:

Soms lijkt het wel alsof elk gedicht een broer of zus heeft. Ik had het niet door tijdens het schrijven maar bij het samenstellen van deze bundel zag ik allerlei verbanden die niet zo bedoeld zijn.

Vreemd genoeg is er vaak voor elk negatief gedicht een positieve en komt hetzelfde onderwerp in nét iets andere vorm weer terug. Vaak zijn het gedichten die in periodes van schrijven ver uit elkaar liggen. Toen ik deze gedichten rangschikte zag ik duidelijk de lijnen tussen mijn gedachten en gedichten. Zo heb ik toch samenhang gevonden in de gedichten en kwam er steeds meer orde in deze bundel.

Dikwijls ben ik verbaasd over de directheid en verwarring in mijn eigen werk. “Deze man heeft duidelijk problemen”, denk ik dan met enige schaamte, want zo ben ik deels nog steeds. Soms herken ik mezelf minder of nauwelijks. Net zoals ik niet meer hetzelfde spiegelbeeld heb als tien jaar geleden. Het is confronterend. Dichten en het maken van een bundel zoals deze is heel persoonlijk.

De noodzaak om orde te scheppen zit blijkbaar diep in mij. Daar heb ik voor moeten zwichten. Het was geen keus, ik wilde deze bundel maken zonder verbanden, hoofdstukken en overlappende gimmicks (zoals in mijn vorige bundel) in het achterhoofd. Dit is mislukt.
Nu ik terugkijk op deze gedichten moet ik mijn falen erkennen. Dit is een veel minder anarchistische bundel dan ik wilde maken. Je hebt hier als dichter blijkbaar beperkt invloed op.

Ik spoor u aan om ook mijn vorige werk te lezen. Die bundel heet ‘De Qualia en het Spectrum’. Deze is volgens mij ook zeer de moeite waard en plaatst deze bundel in een breder perspectief. Verdere verkooppraatjes laat ik toe aan mijn management die het nawoord gaat schrijven.
Waar ‘De Qualia’ een tocht door mijn vormende tiener- en twintiger jaren was, daar is dit boek een verdere verkenning van mijn jaren dertig. Nu ik richting de veertig ga is er weer een decennium van groei in woorden via dit boek gebundeld.

Het gaat vaak over mijzelf maar laat u daar niet door afleiden. Ik weet zeker dat deze gedichten u ook aangaan. De kansen zijn groot dat u iets zult herkennen in mijn persoonlijke gevoelens en gedachten. Laat u hierdoor verwonderen en inspireren. Het kan zijn dat u boos wordt, of na enkele gedichten afhaakt. In dat geval kan ik u verzekeren: zo heb ik het niet bedoeld. U mist iets. Leg de bundel een dag weg en ga daarna weer verder. Veel leesplezier.

Cirkelspel

Welkom, nieuwe spelers
van dit cirkelspel.
Jullie willen vast wel
een beginzin zeggen.
Ooit zal één zin
jullie allerlaatste zijn.
Waarom zou je die niet
meteen uit de weg ruimen?
Anders zouden jullie je
snel gaan vervelen.

Herhalend de onzin die wordt
geslaakt bij elk nieuw begin.
Als er weer nieuwe spelers
het cirkelspel leren spelen.
Zij zullen hetzelfde lijken,
soms toch nét iets anders zijn.
Veren en buigen door het weer
en de pijn. De wereld openbrekend.
De planeet met kleuren verrijkend.

Uitklokken

Als de tikker niet meer tikt
komt de dood mij halen.

Hoog tijd om uit te klokken.
Ik kijk het lot in de ogen
om te ervaren hoe het voelt.
Ik verga met een laatste zucht.

Hopelijk zal ik angsten overwinnen.
En durf ik, met opgeheven hoofd,
alles achter mij te verlaten.
Kan ik los gaan en wegdrijven.

In het aller diepste.

Zal ik de boot des doods
laten schommelen van ongenoegen?
Rimpels maken in zwart water.

In gedachten vormt de vraag;
Durf ik licht te leven door te geven?
De uitslag is het antwoord.

Ik ben tevreden met vandaag.

Naar boven gluren

Soms tuur ik naar boven,
en aanschouw de sterren.
Enkele denk ik te herkennen.
Hun heldere gloed, laat mij
naar het verleden verlangen.

Ik voel, terwijl ik naar boven staar,
een gemis in het universum.
Sterren vallen in verwachte momenten
als vliegen met veel slagen en stoten.
Gewoon, zonder reden.

Ik voel langzaam iets in mij
naar boven kruipen,
terwijl een traan naar beneden valt.
Iets verstilt in mij.
Ik begrijp hoe gaten dichten.
Sterrenstof vult de leegte niet.

Zij die zijn gevallen en vergaan.
Zij waren uitverkoren, tot het lot sloeg.
Dit idee verteert iets in mij.
Het zaait sporen van onzekerheid.

Ik heb angst voor oneindigheid,
strek mijn hand uit naar het licht.
Al mijn dromen zijn lucide.
Zij houden mij in een sluimer.
Nog steeds slaapwandel ik weg.
Om buiten naar de kosmos te gluren.

Voordat ik inslaap

Als ik u bekijk en uw rimpels tel,
begrijp ik dat elke groef
één levensjaar betekent.
Uw gelaat erkent weer en wind.

Mijn ontzag is diep als de groeven
in uw verweerde gelaat.
Ik hoop dat mijn huidplooien
zich ook zo ontwikkelen.

Laat mij het woelen des tijds voelen.
Zij zal mijn anker en bevrijding zijn.
Vol verlies, ziekte, pijn,
hoop, liefde en geluk.
Maakt zij mij compleet.

Dan zal ik net als u
op een heuvel zitten.
Uitkijken over de glooiingen
van het bestaan.
Ik zal bijziende blikken
over het polderland laten rollen.

Dan zie ik jonge mensen ploeteren.
Die hopelijk bemerken waar ik ben.
En mij pogen te bereiken.
Om onze tekorten in te zien.

Groene Golven

De zee neemt mij mee.
Met gevaar voor eigen leven.
Langs lange leegten
en grote groene golven.

De zee zal mij geven en nemen.
Zij speelt met mijn schip.
Entertainend en vervelend.
Ik luister naar haar gefluister.

Soms dan zucht zij diep.
Hoor ik de boeg kraken?
Het voelt alsof mijn boot
is gemaakt van tandenstokers.

Toen ik van wal vertrok.
Was ik nog overtuigd
van mijn overmacht.

Nu smelt ik weg in de wind.
Mijn ijs wordt weldra water.
De zee zal mijn moeder zijn.

Uitgever

Uitgeverij IJmond

ISBN

9789492469267

Bladzijden

100