Lid sinds

3 jaar 6 maanden

Rol

Hartelief

Door een aangrijpende gebeurtenis in mijn familie, werd ik zelf ziek. Het verdriet, de angst en de zorgen werden bijna ondraaglijk. Er was maar één manier om even uit die verdrietige ‘bubbel’ te ontsnappen en dat was schrijven. Het werd mijn ‘medicijn’ tijdens deze hevige periode. Hoewel ik me niet kon concentreren tijdens mijn werk, kon ik me (wonderbaarlijk) wel helemaal even ‘loskoppelen’ tijdens het schrijven van verhalen. Ik schreef over alles wat me raakte, waargebeurd of fictie. De tranen druppelden soms op mijn laptop. Ik schreef over mijn eigen verdriet/verhaal en dat van anderen. Zo stapte ik dan in elk verhaal en werd één van de personages. Het leek alsof ik in de film meespeelde. De verborgen humor in me, kwam ook naar boven, wat resulteerde in enkele grappige maar tevens ook aangrijpende verhalen. Ik heb anderhalf jaar geschreven en heb de mooiste verhalen gebundeld in Hartelief. Vele actuele onderwerpen heb ik gebruikt in mijn verhalen, zoals drugs en lachgas, ontrouw, broodfok. Maar ‘De belevenissen van een etalagepop’, ‘De Baardaap’ en ‘Pats’ zijn weer grappige verhalen met wel een triest randje! Alles is te veel om op te noemen. Op mijn website https://www.reneegellings.nl, staat onder de Recensie een Korte beschrijving van de verschillende verhalen.

Omschrijving van de inhoud of de flaptekst

Hartelief is een verhalenbundel vol ontspannende, ontroerende, aangrijpende én herkenbare korte verhalen. Verhalen uit het leven gegrepen! De rode draad in de verhalen is liefde en vriendschap. Fictie en non-fictie wisselen zich af, net als de romantiek, drama én humor. Enkele verhalen zijn geïnspireerd door waargebeurde feiten uit het leven van de schrijfster of uit haar naaste omgeving. Haar bewogen hart voor onze kwetsbare jeugd in deze toch al turbulente tijd, heeft haar geïnspireerd om de vaak schrijnende omstandigheden in hun leven, te belichten. Zowel ouders als jongeren krijgen hierdoor een kijkje in elkaars leven. Deze verhalen worden afgewisseld met fictieve grappige en aandoenlijke verhalen. Kortom; verhalen die je hart raken!

Fragment

Mijn opa, Opperhoofd Crazy Door

Het moederschap combineren met haar fulltime baan als verpleegkundige, is voor de alleenstaande Teunie niet altijd makkelijk. Gelukkig kan ze haar 7-jarige vrolijke deugniet Mats naar haar vader brengen, opa Ko. Hoewel hij zwaar hartpatiënt is en het soms vermoeiend voor hem is, wil hij Mats toch opvangen als Teunie moet werken.

Teunie en Mats wonen in een knus huisje op Lakenplein 7, een gezellig woonerf. Aan het huis van overbuurvrouw Mies hangt nog steeds een wit laken uit het bovenraam. Het is een spandoek met de tekst: Voor alle zorgverleners, bedankt! Sinds de eerste corona-crisis is het blijven hangen.
Teunie slaapt nog nadat ze een late dienst heeft gedraaid. Alleen een wit laken bedekt haar slanke lichaam, dat gehuld is in een kort zwart nachtjurkje waarop de tekst Born to be happy de voorkant siert. Plotseling stormt ‘Casper, het spookje’ binnen. Het is zoontje Mats die een wit laken over zich heen heeft gegooid. Hij wil zijn moeder eens flink laten schrikken. Teunie wordt langzaam wakker. “Goeiemorgen Casper, laat me nog even slapen, oké?”
“Oké mam.”
Het ‘spookje’ vertrekt weer net zo snel als dat hij gekomen is.
Twee dagen later heeft Teunie weer een normale dagdienst. Ze brengt Mats naar opa Ko.
Opa Ko en Mats zijn twee handen op één dikke buik. Net binnen in de lange hal, komt het koffiearoma en de geur van het versgebakken brood je al tegemoet.
Opa Ko bakt graag, het is zijn grote passie, net als schilderen. Het brood moet nog afkoelen.
“Hé Mats, straks smeren we lekker dik de roomboter erop. Dat wordt smikkelen jongen!” zegt opa verrukt.
Teunie geeft Mats en haar vader een kus en vertrekt naar haar werk.
“Opa, lees je me weer voor uit het indianenboek?” vraagt Mats. “Tuurlijk, haal het maar.”
Vijf tellen later, staat Mats met het boek Tipi’s, totems en tomahawks weer voor opa’s neus. Het is een prachtig boek over het leven van de Noord-Amerikaanse indianen. Ze ploffen op de bank neer en bekijken de mooi gekleurde illustraties. Af en toe leest of vertelt opa er iets over. Het kan Mats niet lang genoeg duren.
“Jeetjemina, is het al zo laat? Mats, het is tijd voor soep met balls.” “Met wat?” vraagt Mats.
“Soep met balletjes,” legt opa uit.
Ze sluiten het boek en gaan naar de keuken, waar opa een pan zelfgemaakte tomatensoep uit de koelkast tovert. Opa slurpt de soep op, Mats doet hem na.
“Oh, hoorde jij ook iets?” vraagt opa aan Mats.
“Nee, behalve jouw geslurp,” zegt Mats wijs.
Plotseling laat opa een harde scheet.
“Bah opa, jij bent een viezerikje,” zegt Mats terwijl hij hard moet lachen.
Dan laat Mats een scheetje. Jawel hoor, het feestje met die twee is alweer begonnen, aan de keukentafel nota bene.
Terwijl ze hun soep opslurpen, valt plotseling het kunstgebit van opa Ko in zijn kommetje soep, plons!
Als opa zonder tanden Mats aankijkt en ook nog eens gekke bekken trekt, krijgt Mats de slappe lach.
Moe van het lachen en vol van de soep, gaat opa even op de bank uitrusten. Mats bladert ondertussen weer in het indianenboek.
“Zo jongen, ik heb lang genoeg op die ouwe kont gelegen, tijd voor actie.”
“Wat gaan we doen dan?” vraagt Mats nieuwsgierig.
“Kom maar mee, White Sheet.”
“Wait wat?” vraagt Mats.
“White Sheet. Vanmorgen lazen we in het indianenboek, dat indianen elkaar bijnamen gaven. Namen die iets met de persoon te maken hadden. Jij maakt thuis vaak tentjes van witte lakens van het beddengoed van jouw moeder, of je gooit een wit laken over je heen zodat je ineens Casper het spookje bent. Dus……. Jij heet voortaan White Sheet.”
“Wat betekent dat dan?”
“Witte scheet,” zegt opa met een knipoog.
“Nu moet jij een gekke naam voor mij bedenken. Waar denk je aan als je mij ziet?”
“Opa, jij bent zo gek als een deur,” zegt Mats giechelend.
Opa denkt kort na.
“Vind je? Nou in dat geval, heet ik voortaan Crazy Door. Dat betekent Gekke Deur.”
Ze lopen samen naar een andere kamer, het atelier, waar opa zijn zelfgemaakte schilderijen heeft staan. Een grote schildersezel staat in de weg als opa bij de grote kist wil.
“Wat zit daarin opa?”
”Dat zul je snel genoeg zien. Doe je handjes voor je ogen want ik vertrouw je voor geen meter.”
Vliegensvlug slaat Mats zijn handjes voor zijn ogen.
“Oké, kijk maar.”
Mats opent zijn ogen en is totaal verrast.
“Opa, je bent een indiaan,” roept hij superblij uit. Opa heeft een grote indianentooi op zijn hoofd en een plastic nepbijltje in zijn hand. Vervolgens haalt hij een kleinere indianentooi uit de kist en zet die op Mats’ hoofd. Een enkele veer ontbreekt of is geknakt, maar dat maakt de vreugde er niet minder om.
“Die is vroeger van jouw moeder geweest. Ze wilde altijd als Pocahontas verkleed zijn.”
Als laatste haalt opa een klein doosje met opgedroogde rode schmink uit de kist. Verdund met wat water schminken ze elkaars gezicht rood.
“Nu zijn we echte roodhuiden,” lacht opa Ko. “Kom mee, we gaan witte lakens pakken.”
“Waarvoor?” vraagt Mats nieuwsgierig.
“Wat denk je White Sheet? We gaan een tipi maken.”
“Jippie, een tipi. Opa, ik vind je zo lief.” Opa Ko smelt.
Op naar de tuin. Opa gooit het grootste laken over de ouderwetse waslijn, die als nok moet dienen. Uit de border pakt hij vier grote keien, die hij op elke hoek van het laken legt, zodat de tent stevig op de grond blijft staan.
“Kom, we zetten onze tooien op en doen eerst de regendans,” zegt opa.
Met een gekromde rug en wat vreemde indianengeluiden, lopen ze rondjes om de tent. Plotseling krijgt opa Ko een pijnscheut door zijn rug.
“Aaaaahhh, auwie,” roept opa schreeuwend uit.
Mats denkt dat het geluid bij de regendans hoort en moet er vreselijk om lachen.
“Hé Mats, we moeten ook rooksignalen maken, zodat iedereen weet waar we zitten.”
Opa maakt een klein vuurtje in de vuurkorf. Hij wakkert het vuurtje aan en de rook stijgt op. Mats vindt het reuze spannend. Plotseling steekt er een briesje op en waait een klein brandend stukje hout tegen het laken van de tent. Het laken vat direct vlam.
“Mats, ga even iets naar achteren, het komt goed jongen.”
“Opa, doe brandweer bellen,” schreeuwt Mats verschrikt.
Maar opa dooft snel het vuur met een oud badlaken.
“Zo, dat hebben we ook eens meegemaakt,” zegt opa Ko ‘cool’.
“En nu, nu ga ik dood en moet jij me in een laken rollen en insnoeren met touwen. Precies wat we in het boek hebben gelezen wat de echte indianen ook deden met hun doden.”
Mats pakt snel een ander laken. Ze spreiden het uit over het gras en opa gaat erop liggen.
“En nu rollen maar,” zegt opa terwijl hij zelf meerolt.
Als opa helemaal ingerold is, snoert Mats enthousiast en ijverig nog de oude touwen eromheen.
“Weet je nog wat ik je heb voorgelezen als indianen doodgaan, waar ze dan naartoe gaan?“ vraagt opa.
“Ja, naar de eeuwige jachtvelden,” antwoordt Mats.
“Precies. Ik ben nu even dood. En daarna halen we een lekker ijshoorntje uit de diepvries.”
Opa blijft een tijdje doodstil liggen.
“Opa, opa, ben je klaar?”
Opeens doet opa weer zijn ogen open.
“Tjonge, dat was mooi daar op die eeuwige jachtvelden. Ik had mijn eigen paard, Dakota en joeg op een kudde bizons. Maar kom, maak me weer los, ik heb zin in een ijsje.”
En zo komen opa Ko en Mats de oppasdagen door.

Als Teunie Mats na enkele dagen weer naar haar vader brengt, ziet ze dat de gordijnen aan de voorkant van zijn huis nog dicht zijn. Teunie bekruipt een akelig gevoel.
Uit voorzorg brengt ze Mats naar Betsie, opa’s lieve buurvrouw. Teunie opent de voordeur. Ze ruikt geen verse koffie, geen versgebakken brood en het is akelig stil in huis.
“Pap, waar ben je?” roept Teunie bezorgd.
Ze krijgt geen antwoord en loopt naar boven. Hij ligt in zijn bed.
Als verpleegkundige ziet Teunie al snel dat haar vader er niet meer is! Huilend neemt ze afscheid van hem. Ze legt hem af met het witte beddenlaken. Kort daarna haalt ze Mats op bij Betsie. Teunie vertelt, zonder dat Mats het hoort, dat haar vader is overleden. Eenmaal thuis pakt ze Mats op haar schoot en vertelt hem voorzichtig dat opa Ko dood is gegaan.
“Mama, huil niet, Crazy Door heeft het heel leuk op de eeuwige jachtvelden,” zegt Mats vrolijk.
“Crazy Door?”
“Ja, zo heet opa, opperhoofd Crazy Door. En ik ben White Sheet,” legt hij haar uit.
Teunie glimlacht en geeft Mats een kus op zijn neusje.
Een week later ruimen Teunie, Mats en Betsie het huis op, een moeilijke en emotionele klus. Dan zien ze in het atelier een wit laken over een schilderij op de schildersezel. Voorzichtig haalt Teunie het laken eraf. Mats ligt direct in een deuk, maar Teunie is er stil van. Op het schilderij staan Mats en opa Ko als lollige indianen met in het midden een witte tipi die………hevig in de fik staat.

Uitgever

BraveNewBooks

ISBN

978-94-6435-338-9

Bladzijden

142